BBRoW: 'Discriminatie bij toewijzing gemeentewoningen'

Steven Van Garsse
© Brussel Deze Week
21/12/2011
De gemeenten bezondigen zich aan ongeoorloofde discriminatie in de toewijzing van de eigen woningen. Dat zegt de Brusselse Bond voor Recht op Wonen. “De regering moet ingrijpen.”

I  n 2008 heeft het Brussels Gewest orde op zaken gesteld in de verhuur van gemeentelijke appartementen. De gemeenten moeten voortaan met registers werken, over een toewijzingsreglement beschikken en in beroepsmogelijkheden voorzien. Het gaat in totaal om 8500 appartementen die eigendom zijn van gemeenten of OCMW's, goed voor een vijfde van de Brusselse openbare huisvestingsmarkt.

De Brusselse Bond voor Recht op Wonen (BBROW) nam twintig reglementen (van zeventien gemeenten en drie OCMW's) onder de loep en stelt vast dat, ondanks een verbetering, het nog altijd fout loopt met de toewijzing van de lokale huurwoningen − die, voor alle duidelijkheid, geen sociale woningen zijn, maar eerder voor een middenklassepubliek zijn bedoeld.
Een eerste vaststelling is dat nogal wat gemeenten de wooncode omzeilen. Voor een deel van hun woningpark is er geen transparante systeem dat de wetgever nochtans in 2008 heeft vastgelegd. Het OCMW van de stad Brussel bijvoorbeeld houdt zijn 'opbrengstwoningen' uit het toepassingsgebied van de wooncode. "Hier kan dus creatief omgesprongen worden met de verhuur," zegt Werner Van Mieghem (BBROW) die hiermee niet gezegd wil hebben dat de gemeenten of OCMW's dat ook doen.

Loonbriefje tonen
Maar er is meer. Bepaalde gemeenten bezondigen zich aan discriminatie bij de verhuur van hun appartementen, zegt Van Mieghem. In Anderlecht moeten huurders een zekere band met de gemeente bewijzen, in Sint-Joost worden de OCMW-flats niet verhuurd aan leefloners en in Koekelberg krijgen jonge werkende stellen voorrang. Van Mieghem: "Dat er gediscrimineerd wordt zeggen wij niet alleen. Het Centrum voor Gelijkheid van Kansen geeft ons in een advies gelijk."

Andere gemeenten vragen dan weer kopies van de loonbriefjes van de afgelopen zes maand om de solvabiliteit van de huurders te kennen. Dat is in strijd met een aanbeveling van de Privacycommissie, die stelt dat de huurder alleen zijn loonbriefje hoeft te tonen. Sommige gemeenten gaan ook erg voortvarend te werk in het schrappen van mensen van de wachtlijst. Vaak zijn de beroepsmogelijkheden beperkt, of worden de kandidaat-huurders niet op de hoogte gebracht als ze een woning mislopen.

Van Mieghem: "De kern van het probleem is dat de wetgever de gemeenten te veel vrijheid geeft." De BBROW stelt daarom voor om de wooncode te verscherpen. De discriminerende criteria moeten uit de reglementen en er moeten betere beroepsmogelijkheden komen. Ook vindt de BBROW dat de woningen beter door niet-gepolitiseerde toewijzingscommissies kunnen worden toegewezen.

Tot slot vindt de BBROW dat de huurwoningen zouden moeten toekomen aan wie er de grootste behoefte aan heeft. Te vaak heeft alleen wie genoeg verdient recht op een gemeentelijke woning. "Er is een wooncrisis. Inkomenplafonds zijn gerechtvaardigd," vindt Van Mieghem.

De BBROW stuurt de studie naar alle gemeentelijke mandatarissen en hoopt zo, in de aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen, het politiek debat over de gemeentelijke woningverhuur aan te zwengelen.

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

Lees meer over: Samenleving

Iets gezien in de stad? Meld het aan onze redactie

Site by wieni