Menu

Iets gezien in de stad? Meld het aan onze redactie

Site by wieni
Column

Lies Van Overschée: 'Een fooi geven verandert de wereld niet fundamenteel'

Lies Van Overschée
© BRUZZ
27/06/2026

Lies Van Overschée is verantwoordelijke van gemeenschapscentrum De Platoo in Koekelberg. In haar tweewekelijkse column onderzoekt ze de spanning tussen Brussel als publieke ruimte en het leven achter gesloten gordijnen.

Op zaterdag al eens geprobeerd om de metro naar Rogier te nemen? Het lijkt een retorische vraag, als ik het zelf doe, zit makkelijk de helft van Brussel mee in die wagon. In opgewekte colonne naar de City 2. Beneden, in de gang tussen metro en winkelcentrum, staat bijna altijd dezelfde man. Luid lachend spreekt hij voorbijgangers aan: “C'est le geste qui compte.”

Mensen glimlachen mee. Sommigen geven iets, anderen lopen door. Ver voorbij de eindeloos herhaalde aansporing vraag ik me af of het werkelijk het gebaar is dat telt.

City 2 is een plek waar het publieke en het private voortdurend door elkaar lopen. We bewegen er collectief door dezelfde gangen, maar doen dat met persoonlijke verlangens. We kopen er niet alleen spullen, we kopen er ook manieren. Manieren om onszelf te tonen aan de wereld.

Een kledingstuk lijkt misschien iets banaals, maar draagt tegelijk een boodschap uit. Kleur, merk of stijl vertellen wie we zijn en wie we wìllen zijn. We stappen ermee de publieke ruimte in. Via mode willen we zowel op anderen lijken als ons van hen onderscheiden. Volgen we niet allemaal dezélfde trends om uníek te zijn? De spanning tussen conformiteit en individualiteit maakt mode zo, welja, spannend.

Maar ze maakt haar ook tot de perfecte bondgenoot van het kapitalisme. Het verlangen om ons telkens weer te onderscheiden houdt de consumptiemachine draaiende. De hele mallemolen presenteert zich als een systeem dat de mens dient door steeds meer keuze en vrijheid aan te bieden, maar het neemt in de praktijk vaak meer dan het geeft: onze aandacht, onze rust en het voortdurende gevoel dat we toch niet helemaal voldoen.

Een muntstuk voor een bedelaar, een gift voor oorlogsslachtoffers of een vlag aan het raam zijn vaak kleine gebaren tegenover enorme problemen

Terwijl de etalages ons uitnodigen om een identiteit te kopen, stelt de man in de gang een andere vraag. Geen vraag naar smaak, maar naar verantwoordelijkheid. Een muntstuk voor een bedelaar, een gift voor oorlogsslachtoffers of een vlag aan het raam zijn vaak kleine gebaren tegenover enorme problemen. We weten dat ze de wereld niet fundamenteel veranderen en toch doen we het.

Misschien omdat we voelen dat het leed van anderen ons aangaat? Begint ethiek niet precies daar? In de confrontatie met de ander. Niet wanneer een probleem opgelost raakt, maar wanneer iemand een beroep op ons doet en wij niet kunnen wegkijken. Misschien is dat de betekenis van die kleine gebaren. Niet dat ze de wereld oplossen, maar dat ze voorkomen dat we onverschillig worden.

Zaterdag, ik bedenk dat ik nieuwe sokken nodig heb en wandel richting City 2. Al van ver hoor ik de man in de gang. “C'est le geste qui compte.” Misschien verandert een muntstuk de wereld niet. Maar een samenleving sterft niet als haar problemen te groot worden. Ze sterft als niemand er zich nog door aangesproken voelt.

Column Lies Van Overschée

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

Lees meer over: Brussel , Column , Column Lies Van Overschée , rogierplein , City 2