Menu

Iets gezien in de stad? Meld het aan onze redactie

Site by wieni
BRZ 20260114 1962 Column Duchka Walraet

Mihnea Popescu

| BRZ 20260114 1962 Column Duchka Walraet

Column

Schrijver Duchka Walraet: 'Over trottoirs en stoephoeren'

Duchka Walraet
© BRUZZ
01/02/2026

Duchka Walraet is een Brusselse auteur en is projectverantwoordelijke voor de bouwsector. In haar tweewekelijkse column voor BRUZZ beschrijft ze de stad als een zinnelijk organisme.

Het statige blauwe stenen trottoir van de Koningsstraat. Net voor het Warandepark. Als een koningin, als een Siamese kat loop je over de geschrankte rechthoeken. Dit voetpad werd onlangs aangelegd. Het is nog niet afgesleten. Wel diep gepatineerd door gehaaste voetstappen. De stenen hebben een borduurtje. Daardoor lijken ze op de kaft van een Gallimard-­boek. Ze klinken zelfbewust onder de zolen van je hakken. Klik-klak. Dan gebeurt het.

Twee voetgangers kruisen elkaars pad. Ze zetten tegelijkertijd een stap naar voren, botsen en pauzeren ongemakkelijk. Tic-tac. Altijd reageert het lichaam alvorens de geest ook maar het minste in de mot heeft. Wat hadden deze argeloze voetgangers gedacht? Ze zijn geïrriteerd. Geen van beiden wil dit. Toch zijn ze gevangen. Een nieuwe botsing volgt. Niet hun stappen, maar elkaars frustratie wordt gespiegeld. Het probleem lost zich pas op wanneer eentje zich terugtrekt. Een smal pad komt vrij. De ander wurmt zich vrijpostig in het ontstane gat. Om vervolgens zero fucks given weg te stappen.

De les hier is eenvoudig. Iedereen is gelijk. Natuurlijk. Maar vlotte circulatie in de stad vraagt soms om een kleine capitulatie aan de ene zijde. En een opstootje assertiviteit langs de andere.

De stad biedt weinig comfort aan de ellendigen

Trottoirs genieten weinig aanzien. Niet elke stoep is van natuursteen en is catwalk-waardig of ceremonieel. Men spreekt bijvoorbeeld van een stoephoer. Dan heeft men het niet over de meest prestigieuze categorie sekswerkers. Faire le trottoir, zeggen de Fransen. Wat betekent: hoereren. Ook niet de meest eerbiedwaardige tak van het vak. Wie buiten wordt gezet, staat niet midden op straat. Die situeren we mentaal op een stoep. Het kan een toevluchtsoord zijn, in portieken en in nissen, maar een trottoir is altijd een precaire plek. De stad biedt weinig comfort aan de ellendigen.

In een stad leven betekent dat je vreemde lichamen en gezichten op het trottoir ziet verschijnen. Je laat ze passeren. Je ziet ze opnieuw verdwijnen. Je leeft niet in een dorp. Je laat vertrouwdheid en onbekendheid voortdurend met elkaar onderhandelen. Een voorbijganger die tegen zichzelf mompelt, dwingt je tot een snelle evaluatie. Psychotisch? Oortje? Geen van beide? Beide tegelijk? Het is irrelevant. De stad verwacht niets van je analyses. Wat telt, is de stroom. Een iemand zet een stap terug. De ander een stap vooruit. Elk lichaam draagt bij aan de voortdurende beweging van de stad.

De botsing aan de Koningsstraat leert je over de rol van gespiegeld ontwijken in de stedelijke mechanica. Want hoe vaak wordt er juist niet gebotst? Eén iemand zet een stap terug. De ander een stap vooruit. Het is geen slogan, geen theorie. Het nulpunt van politiek. En het werkt. Omdat het zo subtiel is. En onuitgesproken. Alsof er een magische hand mee gemoeid is.

Column Duchka Walraet

In haar tweewekelijkse column beschrijft de Brusselse auteur Duchka Walraet de stad als een zinnelijk organisme.

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

Lees meer over: Column , Column Duchka Walraet