Na Oudergem voerde de Anderlecht eind vorig jaar ook een taks op fastfood in. Grote ketens moeten twaalfduizend euro neertellen voor de opening van een filiaal. Dat bedrag wordt jaarlijks geïndexeerd. Oneerlijk, vindt Bemora, de vereniging van gestructureerde restaurantketens. Het tekende recent beroep aan bij de Raad van State.
©
Saskia Vanderstichele
Restaurants naar Raad van State tegen fastfoodtaks in Anderlecht
In december vorig jaar paste Anderlecht de belasting aan voor de opening van handelszaken. Voordien gold een taks van 7.000 euro voor het openen van gelegenheden zoals frituren of snackbars. Maar grote fastfoodketens vielen daar niet onder, aldus Handelsschepen Halina Benmrah (MR).
De wijziging voorziet nu een belasting van 12.000 euro bij de opening van een nieuwe vestiging door een grote keten. Enkel zaken die koude broodjes verkopen, ontsnappen aan de regeling. Daarbij wordt de taks jaarlijks geïndexeerd met 3 procent tot het einde van de huidige legislatuur. Nadien is het aan de volgende bestuursploeg om te beslissen over de toekomst van de belasting.
“Het doel is niet om de gemeentekas te spijzen, maar om tot een beter commercieel evenwicht te komen”, zegt de schepen aan BRUZZ. Zo stelt ze dat de grote ketens zorgen voor meer verkeer, hinder en afval in vergelijking met kleinere zelfstandige zaakjes, wat de hogere belasting moet rechtvaardigen.
Onbegrip
Bij Bemora, de vereniging van gestructureerde restaurantketens, tevens onderdeel van Comeos, stuit de maatregel op onbegrip.
Volgens de federatie gaat het om een oneerlijke belasting. “Daarbij wordt ook vergeten dat de grote ketens vaak met franchises werken”, zegt Lora Nivesse van Comeos. “Het zijn dus ook lokale uitbaters die werken met lokaal personeel, die getroffen worden door de taks. En de ketens zijn alleszins niet van plan om de gemeente te verlaten.”
Daarom diende Bemora recent een beroep in bij de Raad van State tegen de belasting. Een uitspraak wordt evenwel niet verwacht op korte termijn.
In oktober vorig jaar voerde de gemeente Oudergem een gelijkaardige belasting in. Daar gaat het om een jaarlijkse som van 12.000 euro per verkooppunt, met een verdubbeling van dat bedrag indien de vestiging zich dicht bij een school bevindt en een openingsbelasting van 10.000 euro. Kleine frituren en snackbars vallen niet onder de regeling.
Die beslissing kon op nog minder bijval rekenen. “Maar als federatie waren we te laat om daartegen beroep in te dienen”, voegt Nivesse nog toe. Wel sluit ze niet uit dat de leden van Bemora, met namen als McDonald’s of Pizza Hut, op termijn zelf nog verzet zullen aantekenen.