Onderzoekers van de Vrije Universiteit Brussel (VUB) hebben een nieuwe methode ontwikkeld om ontbrekende fietsinfrastructuur in Brussel gericht op te sporen aan de hand van de sportapplicatie Strava. De onderzoekers identificeerden zo een dertigtal knelpunten: plekken waar veel fietsers passeren hoewel er geen afgescheiden fietspaden zijn.
© Bart Dewaele
Onderzoek legt via Strava-app blinde vlekken bloot in fietsbeleid
Samen met onderzoekers Sara en Floriano Tori ontwikkelde het team een machine learning-model dat Strava-activiteit vertaalt naar realistische fietsvolumes op Brusselse wegen. Zo konden de onderzoekers ook druk gebruikte trajecten zonder fietspaden in kaart brengen. De onderzoekers namen Strava-data van 2019 tot 2024 onder de loep en kwamen uit op 10.000 tot 20.000 fietsbewegingen per jaar voor de meeste segmenten, met uitschieters van meer dan 30.000 fietsbewegingen voor sommige segmenten.
Door statische overheidsdata te combineren met geanonimiseerde gegevens van Strava, hebben zij kunnen identificeren op welke plekken zonder fietspaden de nood aan veilige, afgescheiden infrastructuur het hoogst is. De resultaten bieden een concreet handvat voor beleidsmakers om beperkte budgetten doelgerichter in te zetten.
Kritieke locaties
Uit het onderzoek blijkt alvast een gebrek aan fietsinfrastructuur op ruim dertig kritieke locaties in het Brussels gewest, waar de passage daarenboven vergelijkbaar is met de drukste fietsroutes in Brussel. De analyse bracht twee types prioritaire zones aan het licht.
Enerzijds plaatsen waar de infrastructuur plots wordt onderbroken, zoals langs bepaalde delen van het kanaal. Hier blijven fietsers de route gebruiken, ook als het fietspad stopt. Anderzijds straten zoals de Dansaertstraat of Troonstraat, met grote fietsvolumes, maar waar veilige en afgescheiden infrastructuur op cruciale segmenten nog ontbreekt. Ook de Generaal Jacqueslaan, de Brand Whitlocklaan, Woluwedal en delen van de Tervurenlaan blijken pijnpunten te bevatten.
Met dit onderzoek beschikken mobiliteitsplanners over een objectief instrument om de impact van nieuwe fietspaden te maximaliseren, aldus de onderzoekers. "Aan de hand van de resultaten kan de overheid nu verder investeren op die plekken waar de fietsers vandaag al massaal aanwezig zijn, maar waar hun veiligheid nog niet gegarandeerd is."
"Met beperkte middelen moet je weten waar infrastructuur het grootste effect kan hebben", concludeert Floriano Tori. "Deze methode maakt dat voor het eerst op grote schaal zichtbaar."
Lees meer over: Brussel , Mobiliteit , VUB