Steeds meer Vlaamse vijftienjarigen halen niet langer de basisvereisten voor wiskunde, wetenschappen en lezen. Dat blijkt dinsdag uit de internationale vergelijking PISA, die elke drie jaar wordt georganiseerd. Het Vlaamse onderwijs scoort daarmee nog steeds een pak beter dan het Franstalige, dat wel iets minder ongelijkheid in de hand werkt dan vroeger.
©
Belga
| Een klaslokaal (archief).
PISA-resultaten Vlaanderen verder achteruit, zowel aan de top als aan de basis
Wetenschappers wijzen als oorzaak van de achteruitgang onder meer naar de toenemende ontlezing bij de jeugd. Vlaams minister van Onderwijs Zuhal Demir (N-VA) waarschuwt dat er binnen drie jaar wellicht nog geen beterschap kan worden verwacht.
Tot twintig jaar geleden stond het Vlaamse onderwijs aan de top, maar sindsdien gaan de resultaten van Vlaanderen jaar na jaar achteruit. Het aantal jongeren dat de basis niet beheerst neemt toe, terwijl de groep toppresteerders blijft krimpen.
Lezen, wiskunde en wetenschap
Voor leesvaardigheid staat Vlaanderen nu op de 22ste plaats van 91 deelnemende landen en regio's, net na Tsjechië en Oostenrijk. "Bij deze test krijgen de leerlingen een eenvoudige tekst, waaruit ze de hoofdgedachte moeten halen", vertelt onderzoekster Liesbet Berlamont van de UGent. "Ze moeten bijvoorbeeld kunnen beoordelen of een antwoord op een online forum nuttig is voor een probleem."
De leesvaardigheid in Vlaanderen neemt al af sinds 2012, maar de laatste jaren daalt het niveau nog sneller. 30 procent van de leerlingen haalt niet meer het basisniveau.
Ook bij wiskunde is er sprake van een steeds snellere daling. Tot 2013 waren er meer toppresteerders dan laagpresteerders, maar sindsdien is dat omgekeerd. Een kwart van de leerlingen haalt het basisniveau niet.
Voor wetenschap, tot slot, is het resultaat iets minder dramatisch. Hier lijkt de daling van het niveau stilaan af te zwakken. "Om de basisvereisten te halen, moeten leerlingen bijvoorbeeld een eenvoudige verklaring kunnen geven voor een alledaags fenomeen, zoals de voedselketen", zegt Berlamont. "Ze moeten kunnen vertellen wat het effect is van bijvoorbeeld een toename in het aantal roofdieren of prooien."
Europese daling
Hoewel Vlaanderen zakt in de vergelijkende rangschikking, valt het op dat de daling van het niveau zich in heel Europa voordoet. "Er is wellicht een verband met het feit dat leerlingen steeds minder lezen", zegt professor Onderwijskunde Johan van Braak. "Vooral met lange teksten komen ze steeds minder in contact. Alles evolueert naar online inhoud en vluchtig scannen. Het gaat dus om een breder maatschappelijk probleem en niet enkel een probleem van het onderwijs."
Omdat de tests voor wiskunde en wetenschap in de vorm van vraagstukken worden opgesteld, heeft die ontlezing ook een invloed op de resultaten die daar worden gemeten.
Minister Zuhal Demir belooft verder onderzoek naar de resultaten en dan vooral naar de ongelijkheid binnen Vlaanderen. Uit de cijfers blijkt bijvoorbeeld dat jongens gemiddeld slechter scoren dan meisjes.
Inspiratiescholen
Een echte kentering in de cijfers is volgens haar nog niet voor de volgende meting, binnen drie jaar, maar eerder voor binnen tien jaar. Er wordt immers gewerkt aan een aanpak die start bij de allerjongsten, de kleuters. In het secundair onderwijs worden geleidelijk nieuwe minimumdoelen ingevoerd. In het basisonderwijs verwacht de minister veel van de inspiratiescholen, die de andere Vlaamse scholen moeten tonen hoe ze de nieuwe kennisrijke minimumdoelen kunnen toepassen. Een van die scholen is de GO! Basisschool Zavelberg in Sint-Agatha-Berchem. Bij een van de komende ministerraden wil Demir met een nieuw initiatief komen dat voor meer ouderlijke verantwoordelijkheid moet zorgen.
De onderwijskoepels werken daarnaast hun eigen strategieën uit. "Wij halen goede resultaten met een verdere professionalisering van onze leerkrachten", zegt Bruno Vanobbergen, directeur-generaal van Katholiek Onderwijs Vlaanderen. "We begeleiden hen met didactische coaches op school en laten hen ook samen lessen voorbereiden. Dat heeft al een heel duidelijke impact op de kwaliteit van ons onderwijs."
Hij vindt dan ook dat het geen tien jaar hoeft te duren voor er een significante verbetering komt. "We moeten alles op alles zetten om al binnen drie jaar een beter resultaat neer te zetten", besluit hij.
Franstalig onderwijs gemiddeld
Het onderwijs van de Franse gemeenschap (ook bekend als de Federatie Wallonië-Brussel) scoort in het PISA-onderzoek voor de drie geteste vakken rond het gemiddelde van alle OESO-landen. Het Franstalige onderwijs blijft een heel eind achter het Nederlandstalige scoren.
Zowel in Vlaanderen als in de Franse gemeenschap is er de afgelopen vijftien jaar sprake van een dalend niveau. Vlaanderen eindigt daarbij nog steeds bij de eerste twintig landen, de Franse gemeenschap een tiental plaatsen lager.
Maar de forse ongelijkheid tussen de leerlingen in het Franstalige onderwijs blijkt in het meest recente onderzoek wel afgenomen. Het stond lange tijd bekend als een van de meest ongelijke onderwijssystemen ter wereld, wat wil zeggen dat het zijn rol als sociale ladder het minst vervult.
Dat blijkt nu minder het geval, ook al scoort het nog steeds onder het gemiddelde. Volgens de onderzoekers wordt dat effect voor een stuk verklaard door een sociaal-economische context die ongunstiger is dan het internationale gemiddelde. Er is met name sprake van een hoger percentage kinderen met een migratieachtergrond. Zo heeft bijna 22 procent van de leerlingen een andere thuistaal. Het komt in het Franstalige onderwijs nog steeds bovengemiddeld vaak voor dat leerlingen hun jaar moeten overdoen, maar het cijfer is de afgelopen twintig jaar wel afgenomen. In het huidige onderzoek had 35 procent van de ondervraagde leerlingen minstens één jaar opnieuw gedaan.
Lees meer over: Brussel , Onderwijs , pisa-testen , PISA , onderwijskwaliteit , Zuhal Demir , Franstalig onderwijs , Brussels Nederlandstalig onderwijs
Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.