Brusselse politici nemen burgerparticipatie en de inbreng van bewoners niet ernstig. Dat is de conclusie van Bernd Bosch: hij maakte de afgelopen maanden deel uit van een overlegcommissie over netheid in de openbare ruimte.
©
Peter Dhondt/BRUZZ
| Bernd Bosch: 'Ik deed mee aan de overlegcommissie netheid en kijk met gemengde reacties terug op het traject'
'Burgerparticipatie in Brussel is een surrealistische schertsvertoning’
Bio Bernd Bosch
- 55 jaar
- Inwoner Brussel-Stad
- Zelfstandig interimmanager
Eind februari kreeg ik een brief: ik was via loting geselecteerd om deel te nemen aan een overlegcommissie van het Brusselse Hoofdstedelijke Parlement. Die commissie bestaat uit 45 Brusselaars die door het toeval gekozen worden en vijftien parlementsleden die aan de lopende band aanbevelingen formuleren over een bepaald issue. Onderwerp van debat: netheid in de openbare ruimte van dit Hoofdstedelijke Gewest.
Na een tweede loting van de geïnteresseerden kreeg ik midden april het heuglijke nieuws: ik was echt een van de 45 (de groep bestond uit 22 mannen en 23 vrouwen, van wie de leeftijd varieerde van 16 tot meer dan 65 jaar, met oog voor de geografische en sociologische samenstelling van het gewest). Met wat fierheid en dankbaarheid zette ik koers. Het leek me een kans vanjewelste om bij te dragen aan het beleid van morgen in Brussel. Vandaag kijk ik met gemengde gevoelens terug op de naïviteit die me aanvankelijk inspireerde.
Aan de ene kant: het enthousiasme over de kracht van burgerparticipatie. Die energie die als een frisse aardbeving de kille parlementsmuren binnensluipt, en je even laat voelen dat iets broos tegelijkertijd ook krachtig kan zijn. Die enthousiaste vonk die burgers boven het partijpraatje uittilt. Dat was de kant die ik wilde koesteren.
En dan de andere kant. Niet de dark side, maar een charmante uitnodiging die uiteindelijk werd omgebogen tot iets geheel anders. Als ik een beeld moet geven, dan komt het neer op een soort surrealistische schertsvertoning. Niet omdat de mensen die meededen niks te vertellen hebben, au contraire, ik ervaarde een grote eensgezindheid over het onderwerp (er is duidelijk nood aan een uniform beleid over netheid van de openbare ruimte, en het gebruik van sancties om die af te dwingen). Maar omdat de dynamiek van besluitvorming kromp tot iets wat je nog net begrijpt als een grap die je liever niet te vaak wilt meemaken.
Aanbevelingen uit de groep burgers werden namelijk zonder veel uitleg aangepast of verzwakt door de politici. Ideeën werden gefinetuned en gekleurd in de partijstijl. Duidelijke voorstellen verdwenen soms van tafel en werden vervolgens als “niet relevant” gecatalogeerd. Zoals de suggestie om het tijdstip van de ophalingen van afval buiten de avond- en de ochtendspits te houden. Een andere keer voegde een politicus zomaar een punt toe dat helemaal niet besproken was, namelijk de verhoging van de prijs van de vuilniszakken.
En het meest frustrerende: wanneer een voorstel vanuit de burgers met verbluffende eensgezindheid overtuigend wordt goedgekeurd – bijvoorbeeld Net Brussel bestraffen wanneer de ophaling niet is gebeurd bij handelszaken of organisaties – stemde de meerderheid op de politieke banken van het halfrond dan weer flagrant tegen.
Je-m’en-foutisme
De toon van de burgers sloeg, naarmate het proces en de dialoog met de beroepspolitici vorderden, van kordaat enthousiast naar een licht opstandig je-m’en-foutisme, kwaadheid, en uiteindelijk de stille vaststelling dat je gehoord wilde worden maar niet altijd serieus wordt genomen.
“Burgers zijn voor, politici tegen: laat afval-ophaling niet langer toe tijdens de spitsuren”
Misschien is het deze keer een brug te ver. Brussel kreunt onder schulden, loopt mank door politieke correctheid, en ontwijkt problemen eerder dan ze echt aan te pakken. Voor de Brusselaar is het genoeg geweest. Brussel is een bruisende, diverse en creatieve stad; voor al die onstuimige krachtige energie is duidelijkheid, eenvoud, structuur en respect nodig.
Ook wat burgerparticipatie betreft: dat opent de deur voor betrokken inwoners. De discussies onderling waren ronduit verrijkend, de sfeer dynamisch, krachtig, eensgezind. Maar hoe het dan verder verliep? Teleurstellend. En dat maakt opstandig. Het gevoel leeft gebruikt geweest te zijn. Het versterkt het beeld van laksheid vanuit de politiek om zaken terdege aan te pakken.
Je zou kunnen dromen van een revolutie waarbij de burger weer macht krijgt – maar in een maatschappij die door politici uit eigen belang gepolariseerd is, lijkt er maar één winnaar: de partij. En die heeft geen belang bij duidelijke eensgezindheid, bij efficiënte gewestelijke aanpak, bij sociale integratie van alle culturen … ieder in zijn hokje, ieder binnen zijn stemgebied.
Stadstaat Brussel
Als burger van dit overlegcomité roep ik daarom alle Brusselaars op om het roer in eigen handen te nemen. En te streven naar een stadstaat Brussel die onafhankelijk is van partij-invloeden en waarin de democratie in haar puurste vorm voortkomt uit gelote burgerparticipatie of zuivere referenda. Leve de Democratische Stadstaat Brussel.
Oké, ik laat me hier misschien wat meeslepen door de emotie, maar het standpunt blijft. Onze democratie dient zich dringend te vernieuwen, zodat de stem van de burger opnieuw behartigd kan worden zonder ons te verliezen in het obscure machtsspel van de particratie en de tijdsdruk van de electorale kalender.
Zelf een opiniestuk insturen?
BRUZZ biedt ruimte aan prominente stemmen, experts in hun veld en Brusselaars met een scherpe mening over fenomenen of tendensen in de hoofdstad.
Zelf een opiniestuk insturen? Mail naar de redactie
Lees meer over: Brussel , Opinie , Net Brussel , overlegcommissie , burgerparticipatie