De betoging tegen de besparing in het Franstalig onderwijs liep donderdag meermaals uit de hand. “Onacceptabel”, vindt Brussels minister-president Boris Dilliès (MR). Vooruit-voorzitter Conner Rousseau had het dan weer over “een bende krapuul”.
©
Ivan Put
| Brussels minister-president Boris Dilliès (MR).
Boris Dilliès veroordeelt geweld in marge van betoging Franstalig onderwijs
In de marge van de betoging werden op meerdere plekken in de hoofdstad vernielingen aangebracht. Er werden meerdere brandjes gesticht en aan Brussel Centraal moesten de bushokjes eraan geloven.
“Een mening uiten: jazeker. Onze stad stukslaan: neen”, reageert Brussels minister-president Boris Dilliès (MR) op X. “Wat ik vandaag gezien heb is onacceptabel. Democratie leeft door debat en respect, nooit door intimidatie en haatspraak.”
Verder spreekt Dilliès zijn steun uit voor Onderwijsminister en partijgenoot Valérie Glatigny, en ook voor Yvan Verougstraete, voorzitter van Les Engagés, die onderweg naar kantoor belaagd werd door manifestanten.
'Bootcamps'
MR-voorzitter Georges-Louis Bouchez gaf voor de camera van VRT aan dat hij “de woede, zorgen en vragen van de leerkrachten begrijpt.” Maar de tegenbeweging heeft volgens hem een onredelijke omvang aangenomen.
“De leerkrachten moeten terugkeren naar de klas. Ze moeten stoppen met de jongeren op te ruien. Scholen zouden politiek neutrale plekken moeten zijn.”
Conner Rousseau, voorzitter van Vooruit, had het over “een bende krapuul” in een video op Instagram. “Hebben sommigen dan echt niets meer van respect?”, klinkt het. “Laat ze allemaal oppakken en zelf de rommel opkuisen, en laat ze werken tot ze de schade kunnen terugbetalen.”
De socialist oppert ook voor “bootcamps”. “Zorg ervoor dat ze ergens opgeleid worden en manieren aanleren die ze thuis duidelijk niet meekregen.”
Lees meer over: Brussel , Politiek , Onderwijs , Protest Franstalig onderwijs , Boris Dilliès , Georges-Louis Bouchez , Conner Rousseau , Franstalig onderwijs