Menu

Iets gezien in de stad? Meld het aan onze redactie

Site by wieni

Brussels minister-president Boris Dilliès (MR) tijdens zijn beleidsverklaring, maandagnamiddag.

Dilliès zalft, maar slaat niet tijdens regeerverklaring: ‘Niet hier om ons te excuseren'

JB
© BRUZZ
23/02/2026

Zonder iemand tegen de schenen te stampen stelde Boris Dilliès zich tijdens zijn eerste State of the Union op als een verbindende regeringsleider. “De Brusselaar, u en ik, zijn verdwaald in het administratieve moeras.”

‘Brussel vol bravoure’. Zo luidde de slagzin van de beleidsverklaring van Brussels minister-president Boris Dilliès (MR) in het parlement maandagnamiddag.

Dilliès zelf legde nochtans niet veel bravoure aan de dag. Zeker aan het begin van zijn allereerste ‘State of the Union’ plakten de ogen van de Ukkelaar aan zijn blad. Gaandeweg kwam hij wat meer in zijn rol.

Na de langste formatiecrisis uit de Belgische geschiedenis bleef de Brussels minister-president weg van overdreven voluntarisme, beeldrijke metaforen of andere retorische opsmuk. “Maar we zijn hier niet om ons te excuseren dat we Brusselaar zijn. Dit gewest is sterk."

Lees verder onder de video.

Oppositieleiders Fouad Ahidar (TFA) en Gilles Verstraeten (N-VA) stellen zich na de beleidsverklaring nog veel vragen bij de haalbaarheid van de plannen van de nieuwe regering.

'We zullen zien’

Voor een vleugje zwanze was er zo nu en dan wel plaats. Zo benadrukte Dilliès de activeringsmaatregelen en het doel om de tewerkstellingsgraad tegen 2030 naar 70 procent te tillen niet zonder te knipogen naar zijn magere kennis van het Nederlands.

“We leggen heel vaak – en terecht – de nadruk op het leren van de taal. Maar als het de minste eis is dat de minister-president zich correct kan uitdrukken in beide talen, is het dan realistisch om dit van alle werkzoekenden te eisen, terwijl er zoveel knelpuntberoepen bestaan?”

Ook bij het luikje over tweetaligheid wist Dilliès de lachspieren van de parlementsleden te prikkelen. “Tweetaligheid? We zullen zien”, klonk het met de catchphrase die intussen haar eigen leven is gaan leiden. Vervolgens herhaalde Dilliès de aloude boodschap dat toegang tot openbare diensten in het Nederlands een “fundamenteel recht” is.

“We laten onze wijken niet over aan zij die uit zijn op bloedgeld”

Boris Dilliès (MR)

Brussels minister-president

'Het land van Magritte’

Inhoudelijk bracht de liberaal geen verrassingen mee naar het parlement. Zoals bekend wil de regering-Dilliès in 2029 een begroting in evenwicht bereiken. Daarmee zou het gewest niet langer het budgettaire enfant terrible, maar de primus van de klas zijn op Belgisch niveau. “Zo creëren we middelen voor structurele projecten, zoals een nieuwe tramlijn en een museum voor hedendaagse kunst.”

Tachtig procent van de begrotingsoefening komt van besparingen, de overige twintig procent van inkomsten, herhaalde Dilliès. “Maar nieuwe belastingen heffen was onacceptabel, zeker omdat de middenklasse elk jaar Brussel verlaat, mede door de hoge woonprijzen.”

De hervorming van het administratief landschap vormt de hoofdmoot van de besparingen. “We leven in het land van Magritte”, zei Dilliès daarover. “En niet alleen voor kunst en cultuur.”

“De Brusselaar, u en ik, zijn verdwaald in het administratieve moeras. Te veel structuren, te veel hiërarchieën, te weinig resultaat, veel drempels. Hoe leggen we uit dat er vier soorten palen zijn op driehonderd meter gewestweg?”

'Schok’

Als regeringsleider schuwde Dilliès al te forse taal. In het hoofdstuk over veiligheid klonk de eerste liberale minister-president in 22 jaar wel wat kordater. De regering wil haar veiligheidsbevoegdheden maximaal inzetten, klonk het. “Zinnen zoals ‘Het is nu eenmaal zo... zo hebben we het altijd gedaan’, kunnen we niet meer aanvaarden.”

Het stationsplan om Brussel-Zuid en Brussel-Noord op te frissen en de strijd tegen straatintimidatie en tegen geweld tegen vrouwen passeerden nog de revue, net zoals de aanstelling van een antidrugscommissaris. Die zal het gevecht tegen drugshandel leiden. “We laten onze wijken niet over aan zij die uit zijn op bloedgeld.”

Netheid koppelde Dilliès expliciet aan veiligheid en levenskwaliteit: netheidsbrigades zullen boetes kunnen uitschrijven, ondergrondse containers moeten het aantal vuilniszakken op straat beperken.

Op het vlak van economie, nog een blauwe dada, wil de regering-Dilliès “een schok voor investeringen” teweegbrengen, met de oprichting van vrijhandelszones op de site van Audi Vorst en de Haven van Brussel als speerpunt.

Dilliès in Brussels parlement

Belga

| Minister-president Dilliès: “Deze regering zal zijn zoals u: hardwerkend, inventief, bereikbaar, tolerant.”

Good Move

Ook mobiliteit en huisvesting schoof Dilliès tijdens de State of the Union naar voren als regeringsprioriteiten. “Ik heb lang gezocht naar een vlotte overgang om mijn volgende thema aan te snijden”, lachte de minister-president. De parlementsleden mochten even raden, maar niemand moest lang nadenken: het ging over mobiliteit.

Zeker in het Frans was de woordkeuze voor die rustige overgang - ‘transition apaisée’ - geen toeval. Mobiliteitsplan Good Move ging de vorige legislatuur gepaard met de nodige ophef.

“Good Move had nobele doelen”, blikte Dilliès terug. “Maar we moeten lessen trekken uit de feedback van het terrein.” De nieuwe Brusselse regering wil daarom meer focussen op overleg en geen enkele vervoersmodus uit het oog verliezen bij het mobiliteitsplan dat Good Move moet vervangen. “Zonder conflict en haast, maar ook zonder uitstel.”

Wonen in Brussel noemde Dilliès “een heus hindernissenparcours”. De regering wil het aanbod opkrikken, buitensporige huurprijzen bestrijden en vergunningen vereenvoudigen. De termijn voor de aangifte van stedenbouwkundige vergunningen moet tegen het einde van de legislatuur gehalveerd zijn. Andere prioriteiten zijn massaal isoleren en leegstaande kantoren omvormen tot woningen.

1200 dagen

De nieuwbakken minister-president was niet vergeten om tussendoor elk regeringslid in de bloemetjes te zetten.

Minister van Sociale Actie en Plaatselijke Besturen en gewezen burgemeester Ahmed Laaouej (PS) bijvoorbeeld, die door Dilliès werd geloofd in het hoofdstukje over toegang tot zorg, actieplannen tegen racisme en de strijd tegen dakloosheid. “Ahmed Laaouej en ik zijn diep gehecht aan de gemeenten, die vaak in de frontlinie staan bij deze uitdagingen. De gemeenten kunnen niet alles alleen.” Het eerste applaus op die zinnen kwam van de PS-fractie. “Geen slecht begin, hè.”

VGC-voorzitter Benjamin Dalle, die met CD&V de regering steunt en mee voor de meerderheid aan Nederlandstalige kant zorgt, kreeg daarentegen geen dankwoord. De voorgangers van de nieuwe Brussels minister-president kregen wel een speciale vermelding, net zoals het parlement zelf, dat tijdens de formatiecrisis bleef draaien.

Daarna sloot Dilliès af met een persoonlijke toets. “Ik heb Franse wortels. Ik ben hier geboren. Ik ben van hier. Ik heet niet toevallig Boris, want zoals zoveel Brusselaars ben ik een Belg van gemengd bloed. Brussel heeft mij kansen geboden in momenten dat het leven moeilijker was. Ik wil iets teruggeven van wat zij mij heeft gegeven”.

“Deze regering zal zijn zoals u: hardwerkend, inventief, bereikbaar, tolerant”, besloot Dilliès. “We hebben 1200 dagen om te slagen. We vragen u ons te beoordelen op onze daden.”

Brussels regeerakkoord

Na 613 dagen wachten is er eindelijk een nieuw Brussels regeerakkoord. BRUZZ volgt de ontwikkelingen op de voet.

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

Lees meer over: Brussel , Politiek , Brussels regeerakkoord , Boris Dilliès , regering-dilliès , state of the union