CD&V zit in Brussel in een weinig benijdenswaardige positie: de partij maakt deel uit van de meerderheid, maar zit niet in de regering. Een unieke situatie in onze vaderlandse geschiedenis. De tijd zal uitmaken of die positie houdbaar is of niet.
©
Photo News
| Benjamin Dalle (CD&V)
Een onuitgegeven experiment met CD&V: partij tegelijk in en uit regering-Dilliès
Het is een anekdote, maar ze is wel kenmerkend. Minister-president Boris Dilliès (MR) was in zijn State of the Union vorige week in het parlement helemaal vergeten om CD&V te vernoemen, terwijl hij naar alle andere meerderheidspartijen bloemetjes had gegooid. Dilliès zou zich er de dag nadien bij Benjamin Dalle (CD&V) voor excuseren.
Die vergetelheid van Dilliès toont meteen in wat voor precaire positie de partij zich vandaag bevindt: CD&V maakt weliswaar deel uit van de meerderheid, samen met MR, PS, Les Engagés, Groen, Anders en Vooruit, maar dan zonder zitje in de regering. Dus rijst al snel de vraag hoeveel de partij nog zal kunnen wegen op het beleid.
Wie niet te spreken is over hoe CD&V in die situatie verzeild is geraakt, is Walter Vandenbossche, ere-ondervoorzitter van het Brussels parlement voor CD&V en parlementslid voor die partij tot in 2014. “CD&V heeft zich de voorbije maanden stilletjes verscholen in de hoop een mandaatje binnen te halen”, zo schrijft hij aan BRUZZ. “De partij ging onderhandelen zonder partijmandaat, en werd finaal stijlvol in de gracht gereden door de échte onderhandelaars. Met één enkel mandaatje als magere troostprijs is CD&V voor jaren monddood. En dreigen met een tegenstem betekent het politieke vuurpeloton.”
Harde taal bij een oudgediende. Maar klopt dat ook? “Wat ik vooral opvallend vind”, zegt politoloog Dave Sinardet (VUB), “is hoe de CD&V vandaag precies dezelfde meerderheid steunt die in de zomer van 2024 op tafel lag. Toen wou CD&V niet 'depanneren'. Mocht ze dat wel gedaan hebben, dan had ze wellicht meer in de wacht gesleept dan vandaag. En had Brussel die vreselijke zeshonderd dagen zonder regering niet moeten meemaken.”
CD&V heeft al van bij de start van het conclaaf enkele weken geleden onder leiding van formateur Georges-Louis Bouchez (MR) beseft dat er op het vlak van regeringsdeelname niet veel meer in zat. PS en MR zaten weer op één lijn, Anders had de N-VA laten vallen, en verzette zich niet meer tegen de CD&V. Het allerlaatste puzzelstukje was nog de CD&V zelf.
Waakhond
De partij, met amper een zetel in het parlement, kon onmogelijk haar deelname koppelen aan een post in de regering, zeker omdat ze enkele maanden voordien, bij de centrumlinkse poging van Yvan Verougstraete (Les Engagés), al gedoogsteun had toegezegd. De deur dan dichtdoen bij Bouchez, na meer dan zeshonderd dagen, dat zou niemand begrijpen.
Nu de situatie is wat ze is, stippelt CD&V alvast haar strategie uit om hier het beste van te maken: invloed uitoefenen, bij gebrek aan directe beslissingsmacht. In de raad van de VGC, waarvan parlementslid Benjamin Dalle voorzitter wordt, kan CD&V een meer ceremoniële rol vervullen, en zo toch proberen te wegen op onderwijs, cultuur, en welzijn. En in het Brussels parlement kan CD&V dan de waakhond van het regeerakkoord zijn, de luis in de pels, met dank aan de extra kennis die CD&V als lid van de meerderheid ter beschikking zal hebben.
"Ik ken weinig partijen met één zetel die ooit zo hebben kunnen wegen op een regeerakkoord"
Is dat echter niet wat al te pover, om hiermee in 2029 weer naar de kiezer te trekken? Heeft CD&V niet gegokt en verloren door zo lang het been stijf te houden? “Dat CD&V hier bekaaid vanaf komt, klopt eigenlijk niet”, zegt een lid van de meerderheid ter verdediging van CD&V. “Ik ken weinig partijen met één zetel die ooit zo hebben kunnen wegen op het regeerakkoord.”
CD&V noemt zelf het hoofdstuk over het taalbeleid, de aanstelling van een drugscommissaris en hoofdstukken over werk en economie de belangrijkste wapenfeiten in de onderhandelingen. “We zijn dan ook heel tevreden met dit regeerakkoord”, klinkt het bij CD&V. “We hebben dat echt mee kunnen onderhandelen. En je kunt het ook omdraaien. Dankzij de toegift van CD&V is er nu tenminste een regering.”
Dave Sinardet betwijfelt dan weer of dit laatste over drie jaar – als de campagne zal losbarsten voor de verkiezingen van 2029 – nog vers genoeg in het geheugen zal zitten van de Brusselaar. Hij gelooft dan ook dat CD&V – “Toch een bestuurspartij bij uitstek” – hier wel degelijk met een probleem zit.
Toch staat CD&V niet helemaal aan de zijlijn. Zo is het voor de Nederlandstalige partijen cruciaal dat CD&V aan boord blijft. Want als CD&V zich terugtrekt uit de meerderheid, is er geen Nederlandstalige meerderheid meer, en daar heeft ook de regering-Dilliès niet veel bij te winnen. De begroting van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie (GGC) bijvoorbeeld heeft een dubbele meerderheid nodig.
De regeringspartijen hebben bijgevolg afgesproken dat CD&V inspraak krijgt, “voor dossiers die belangrijk zijn voor CD&V”. Dalle krijgt daar een soort van droit de regard. Hij zal als waarnemer de ministerraden kunnen bijwonen, maar zonder echt mee te kunnen beslissen.
Hoe dat precies in zijn werk zal gaan, is niet duidelijk. Een draaiboek bestaat daar niet voor. Er rijst ook een vraag over de scheiding der machten: een parlementslid (van de wetgevende macht) uitnodigen op een ministerraad (de uitvoerende macht), dat wringt. Dus moet er geschipperd worden. Dalle was bijvoorbeeld vorige week al aanwezig bij de begrotingsbesprekingen, maar op een moment dat beslist moet worden, is hij er dan (formeel) niet bij.
Er is echter meer. Voor CD&V, dat beseft de partij maar al te goed, is er niet alleen het regeerakkoord, maar ook en vooral alles wat niet in het regeerakkoord staat. Omdat er nog heel veel losse eindjes zijn, maar ook omdat er in de loop van de legislatuur altijd wel onvoorziene vraagstukken opduiken, die binnen de ministerraad bevochten zullen moeten worden. En daar riskeert CD&V wel degelijk aan het kortste eind te trekken.
'We zullen zien'-coalitie
Waarnemers gaan er dan ook vanuit dat CD&V, hoe dichter de verkiezingen naderen, zich steeds meer vrijheid zal gunnen om kritiek te leveren op de regering-Dilliès, en dan zeker als het imago van de regering – die door de oppositie nu al de 'we zullen zien'-coalitie wordt genoemd – er snel op achteruitgaat. Dat gelooft ook Dave Sinardet. “CD&V zal zich dan zo een profiel kunnen aanmeten in aanloop naar de verkiezingen.”
Hoe dan ook ligt in die verkiezingen van 2029 misschien nog de grootste uitdaging voor CD&V. Wie naar de cijfers kijkt, ziet een fors dalend electoraat. CD&V kon in de begindagen van het Gewest, toen Jos Chabert de nummer één was, bijna dertig procent van de Nederlandstaligen bekoren. Vandaag is dat nog zes procent. Als die tendens zich voortzet, verdwijnt CD&V simpelweg uit het parlement. Er staat dus wel wat op het spel.
Voor Walter Vandenbossche moet CD&V het daarom over een andere boeg gooien. Hij pleit voor een herbronning. “Wij bestaan als CD&V niet meer”, zegt hij. “Het hele top-downbeleid heeft gefaald, gemis aan kennis en ervaring met de Brusselse bevolking zijn daar de oorzaak van. De toekomst kan alleen lopen over een nieuwe Brusselse CD&V die met de Brusselaars wordt uitgebouwd. Met een terugkeer naar het basiswerk en een lokale verankering.”
Lees meer over: Brussel , Politiek , Regering-Dilliès , Benjamin Dalle , CD&V
Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.