Menu

Iets gezien in de stad? Meld het aan onze redactie

Site by wieni
Interview

Elke Van den Brandt over 100 dagen regering: 'Groen geïsoleerd? Ik vind dat prima'

Johan Baeten, Steven Van Garsse
© BRUZZ
19/05/2026

Ivan Put

De Brusselse regering is stilaan honderd dagen bezig, maar je kunt nu al spreken van een kibbelkabinet. Daarbij lijkt vooral Elke Van den Brandt (Groen) de kop van Jut. Ze blijft er hoogst onverstoorbaar bij. “Ik maak me geen illusies: het zal nog vaak schuren met de MR.”

Groen-minister van Mobiliteit, Openbare Werken en Verkeersveiligheid Elke Van den Brandt is de nummer twee van de regering-Dilliès, die op 14 februari 2026 uit de startblokken schoot. Op 25 mei is de ploeg honderd dagen bezig, maar de politica moet het vandaag zonder Ecolo doen en met drie partijen die, zo lijkt het wel, er een waar genoegen in scheppen om groene mobiliteits­projecten onderuit te halen. Denk aan de Louizalaan of de heraanleg van het Van Meenenplein.

Van den Brandt toont zich echter strijdvaardig. “Ik wist dat ik in de regering zou moeten knokken voor de zaken waarin ik geloof”, zegt ze in café Kosto aan de Suzan Danielbrug, waar de minister uitkijkt op een toekomstige tramlijn 15 naar Thurn & Taxis en een gloednieuw park aan het Becodok, waar Alain Maron (Ecolo) zijn schouders destijds onderzette.

Toch nog eerst een vraag over de formatiecrisis, die 613 dagen heeft geduurd. Hoe komt het dat die schijnbaar hopeloze formatie plots werd omgebogen in een nieuwe regering?

Elke Van den Brandt: Het is de vraag van één miljoen: waarom is na twee jaar gelukt wat na twee maanden niet kon? De periode zal altijd een schandvlek blijven.

Dat het toch lukte, is een samenloop van omstandigheden. Eén: de abominabele financiële toestand. Twee: een regering in lopende zaken die echt op was en dan ten slotte de liberalen en socialisten die elkaar gevonden hebben, vooral dan PS en Anders, een alliantie die in Brussel ouder lijkt dan de Meiboomtraditie (Lacht).

PS, Anders en MR maakten al een voorakkoord, voor ze de andere partners erbij namen. Voelde u toen geen nattigheid: dit wordt een moeilijke regering?

Van den Brandt: Wat ik vooral onthou, is dat het Brussels Gewest wél kan werken. Dat een regeerakkoord wél mogelijk is, ondanks de complexiteit. Er was de juiste attitude: we willen een akkoord, we stappen over onze schaduw en gaan niet saboteren.

Ik wist natuurlijk al langer dat het nooit makkelijk zou zijn. We hebben gewonnen met Groen, ik heb mijn persoonlijke score verdubbeld, maar ik stond in de verkiezingen tegenover partijen die volstrekt het tegenovergestelde verkondigden. Ik wist dat ik in een regering zou moeten knokken voor de zaken waarin ik geloof.

Intussen is Groen zowat de boksbal van deze regering.

Van den Brandt: Het is vandaag bon ton om te zeggen dat Groen geïsoleerd staat. Wel: ik vind dat prima. Voor mij betekent dat dat ik het verschil kan maken. Het is als een boom die veel weerstand ondervindt, die in de storm moet staan. Die wordt alleen maar sterker, terwijl de hoge bomen errond intussen omvallen.

En verder: dit is nog maar het begin. Ik weet dat ik allianties kan sluiten, met Vooruit, met Les Engagés, en zelfs met de MR. Vandaag heb ik bijvoorbeeld een akkoord met staatssecretaris (voor Stedenbouw, Ruimtelijke Ordening en Openbare Netheid, red.) Audrey Henry over de autoluwe Broustinlaan in Jette. Op die vergunning was het drie jaar wachten. Dat nieuws zal de voorpagina’s niet halen, maar zo gaan we wel vooruit.

De MR wil dat elk mobiliteitsproject opnieuw op de regeringstafel komt, zelfs dossiers van de vorige regering. Hebt u nog de vrijheid om zelf beslissingen te nemen?

Van den Brandt: Ik ben blij dat minister-president Dilliès zijn rol opneemt. Hij moet waken over het regeerakkoord. Ik reken erop dat hij dat trouw zal zijn. Af en toe schemert daar die MR-lijn door. Dat is begrijpelijk. De MR zit twintig jaar in de oppositie en wil het verschil maken.

Het zal nog schuren tussen Groen en MR. Ik maak me daar geen illusies over. Niks zal gemakkelijk zijn, maar de doelstellingen van veiliger verkeer, meer plek voor voetgangers, fietspaden, een leefbare stad? Daar is niemand tegen. Het staat ook in het regeerakkoord.

Het riskeert een kibbelkabinet te blijven tot 2029?

Van den Brandt: De regering is zich aan het ‘zetten’. We zijn blij dat ze er is. Er zijn zeven partijen, qua coherentie gaat dat heel breed. Hoe dat verloopt, zal de komende maanden duidelijk moeten worden. Maar op een gegeven moment moet deze regering tonen dat ze ervoor gaat, voor Brussel, voor de Brusselaar. Dat is ze aan de kiezer verplicht.

1cf4b78d-dsc8053kopie.jpg

Ivan Put

| Elke Van den brandt (Groen): "Ik roep weleens in mijn keuken en mijn man krijgt het soms hard te verduren. Dus neen, ik ben niet altijd zen"

Wat u niet doet, is uithalen. Men zou nochtans kunnen denken dat u het op uw heupen krijgt van de permanente oekazes van de MR.

Van den Brandt: Ik roep weleens in mijn keuken en mijn man krijgt het soms hard te verduren. Dus neen, ik ben niet altijd zen (Lacht), maar we hebben twee jaar stilstand gehad, terwijl de wereld verder draaide. Ik weet dat ik, als ik vooruit wil, in overleg moet gaan.

Je kunt inderdaad gaan symboliseren, zoals MR-voorzitter Georges-Louis Bouchez. Hij beledigt mensen en polariseert. Het klopt dat hij een goede score haalt, maar als ik dát doe, gaat er niets vooruit. Daarom zoek ik het opbod niet op.
Het is misschien niet de moderne stijl van aan politiek te doen, maar het is wel hoe ik in Brussel de afgelopen jaren stappen vooruit heb gezet.

U riskeert in 2029 met lege handen naar de kiezer te gaan.

Van den Brandt: (Stellig) Daar maak ik me geen zorgen over. Kijk naar de fietspaden op Lambermontlaan, de heraanleg van Sainctelette, de Bareel in Sint-Gillis, de fietsbrug aan de A12, tram 15, Meiser …

Brussels parlementslid Lotte Stoops van Groen kondigt een tweede autoloze zondag aan volgend jaar en minder dan 24 uur later schiet Bouchez het idee al af.

Van den Brandt: Dat is Bouchez. Als hij een show wil maken in Mons, dan doet dat hij dat maar. Boris Dilliès heeft zelf gezegd dat die tweede autoloze zondag er komt. Is dat op Moederkesdag, of een week vroeger, daar ga ik niet moeilijk over doen.

Wat zit er in de pipeline voor Good Move?

Van den Brandt: Er is aan de ene kant het mobiliteitsplan Good Move. Dat blijft van kracht tot 2030. Er moet een opvolger komen, nog voor te bereiden deze legislatuur. En dan zijn er de circulatieplannen, waarbij we doorgaand verkeer uit de woonwijken halen. Die doelstelling is niet in twijfel getrokken, maar de manier van invoeren zal anders verlopen. We zullen de oppervlakte kleiner maken en meer rond scholen werken. Dat moet het draagvlak vergroten. Dat is naar het Parijse voorbeeld: embellir les quartiers, waar ze ook met kleinere wijken werken, en waar de dynamiek positief is.

Geeft dat niet dezelfde polarisatie, maar dan op kleinere schaal?

Van den Brandt: Als je in 2021 aan mensen vroeg: voeren we de zone dertig in in heel Brussel, dan klonk het: “Te radicaal.” Als je vandaag dezelfde vraag stelt: “Wat wilt u in uw straat?” Dan zijn eigenlijk veel mensen vragende partij voor autoluwe wijken. Het is die dialoog die je moet aangaan.

Handelaars staan om die maatregel zelden te springen …

Van den Brandt: Nochtans vaart de handel er wel bij. Kijk naar het Spiegelplein in Jette of de voetgangerszone. Vaak schatten handelaars fout in hoe hun klanten zich verplaatsen. Handelaars zien wel vaak af tijdens een werf, goede begeleiding is nodig.

De regering gaat de lage-emissiezone (LEZ) versoepelen, met lagere boetes en een jaarpas. Riskeert dat het hele systeem niet uit te hollen, met een verminderd effect op de luchtkwaliteit?

Van den Brandt: Het gaat over onze longen. Een kinderarts merkte onlangs terecht op dat kinderen in buggy’s op de hoogte zitten van de uitlaatgassen. De doelstelling om de luchtkwaliteit te verbeteren blijft. De fases houden we aan.

Als het debat echter de hele tijd gaat over die kleine groep mensen, die hun auto echt nodig heeft en het geld niet heeft om die te vernieuwen, riskeer je op de duur dat de hele LEZ op de schop gaat. Daarom behouden we de LEZ en doen we aanpassingen, zoals de boetes verlagen en een jaarpas invoeren.

Maar is de incentive groot genoeg? Een automobilist gaat misschien zijn wagen niet vervangen als hij ervan afkomt met een jaarpas van 350 euro?

Van den Brandt: Dat moeten we evalueren. We hebben niet de indruk dat in Antwerpen en Gent mensen massaal een jaarpas kopen en dat de lage-emissiezone in die steden implodeert.

De PS wil mensen met een verhoogde tegemoetkoming vrijstellen van een jaarpas. Daar is Groen geen voorstander van?

Van den Brandt: We moeten nu vooral de juiste beslissing nemen, zodat de Brusselaars weten waar ze aan toe zijn. De kakofonie mag stoppen. Er zijn zoveel beloftes geweest, wetten die dan door het Grondwettelijk Hof zijn teruggefloten, dat creëert verwarring bij de bevolking. Laat ons vooral binnen de regering een akkoord maken en dat dan eensgezind uitdragen.

De subsidies voor Bral en Inter-Environnement staan nog altijd on hold. Krijgt u dat nog voor elkaar?

Van den Brandt: Ik zal niet over dit specifieke dossier spreken, dat is voor binnen de regering. Ik ben wel voorstander van een sterk en mondig middenveld in de samen­leving. Dat is een rijkdom in de democratie en een tegenmacht die we moeten koesteren.

We hebben decennia geleden afgesproken wat onze gemeenschappelijke waarden zijn. Die staan in de grondwet. Als justitie, middenveld of de pers ons, politici, daaraan herinneren, dan kan ik dat alleen maar toejuichen. Het is een ecosysteem waar we niet slordig mee mogen omgaan.

“De tweede Autoloze Zondag komt er. Is dat op Moederkesdag, of een week vroeger, daar ga ik niet moeilijk over doen”

Elke Van den Brandt

Brussels Minister voor Mobiliteit

Groen blijft het moeilijk hebben in de peilingen. Kan de nieuwe voorzitter Aimen Horch het tij keren?

Van den Brandt: Ik geloof heel sterk in Aimen. Hij is een jongere voor de toekomst. Maar het klopt: alle groene partijen in Europa hebben het moeilijk. Het is een strijd om mensen opnieuw te doen geloven dat je voor hen vecht. Dat is makkelijker in een stad dan op landelijk niveau.

Als ik de krant opensla, moet ik naar adem happen. Daar is zoveel zwaarte. In een rotvaart worden democratieën aangevallen en mensenrechten teruggeschroefd. Als ik Aimen hoor, dan geloof ik dat hij daar hoop tegenover kan stellen.

Hij zegt zelf dat u de echte voorzitter bent

Van den Brandt: Dat was met een knipoog. Groen scoort traditioneel goed bij de jongeren. Bij de jongste verkiezingen niet. Dan gaan de alarmbellen af. We zijn een generatie aan het verliezen. Daarom hebben we iemand nodig die voeling heeft met de jongeren.

Is het niet uw missie om Groen op een bepaald moment te redden?

Van den Brandt: Vandaag is het mijn missie om mijn stad beter te maken. Ik zie mijn partij graag en ik geloof in groene partijen. Die zijn niet etatistisch, nemen tegelijk de vrijheid en het emanciperen van mensen au sérieux, en zijn met de toekomst bezig, zoals het klimaat.

Hoe opnieuw een formatiecrisis vermijden in 2029?

Van den Brandt: Dat heeft met attitude te maken. We hebben een complex systeem, en het moet hervormd worden, maar dat is niet waarom het is vastgelopen. Dat had met ego’s en veto’s te maken. Die hebben ons maanden gedomineerd. Het gaat erom dat je weer Brussel op de eerste plaats zet, en pas dan je eigen partij, of persoon. Als je dat doet, is het wel mogelijk om samen een meerderheid te vormen.

Momenteel staan de comments uit onder onze artikels, omdat de reageersoftware Disqus een foute vertaling moet rechtzetten. Van zodra de aanpassing is gebeurd, zetten we de comments opnieuw open.

Regering-Dilliès

Na 613 dagen wachten is er eindelijk een nieuw Brussels regeerakkoord. BRUZZ volgt de ontwikkelingen op de voet.