Met het strengste migratiebeleid ooit wervelt Anneleen Van Bossuyt (N-VA) nietsontziend door de Wetstraat. Dat grondwetspecialisten haar in dezelfde adem noemen als Trump laat de minister van Asiel en Migratie koud. “Wij moeten bepalen wie hier aankomt, niet de mensensmokkelaars.”
©
Ivan Put
| Minister Anneleen Van Bossuyt (N-VA): "Koppel de hoogte van een leefloon aan het integratieniveau van mensen met een beschermingsstatuut."
Minister Anneleen Van Bossuyt (N-VA): 'Ik word als onmenselijk afgeschilderd'
Bio
- Geboren in 1980 in Gent
- Studeert Rechten aan de UGent
- Begint in 2010 te werken op de studiedienst van de N-VA
- Wordt in 2014 verkozen tot Europees Parlementslid
- Zit sinds 2019 in de Kamer
- Sinds februari 2025 minister van Asiel, Migratie, Maatschappelijke Integratie en Grootstedelijk Beleid in de regering-De Wever
De NAVO-top en het bezoek van Oekraïens president Zelensky toveren de regeringswijk om tot een burcht met cirkelende helikopters, claxonnerende chauffeurs en snerpende sirenes. Daar middenin, op het kabinet van minister van Asiel en Migratie Anneleen Van Bossuyt (N-VA), dooft de flitsende drukte al snel uit.
Nochtans stond de Gentse het voorbije anderhalf jaar niet stil. Terwijl de EU het licht op groen zette voor het migratiepact en een strengere terugkeerwet, knipte ze in het aantal opvangplaatsen, zette ze asielzoekers die doorreisden uit andere EU-lidstaten uit het Fedasil-netwerk en maakte ze onder meer een speerpunt van hardere regels voor de leeflonen van nieuwkomers en meer terugkeer van mensen in illegaal verblijf. En dan moeten de omstreden woonstbetredingen nog ingaan.
U heeft het afgelopen anderhalf jaar al bakken kritiek moeten slikken. Komt u nog graag dagelijks naar Brussel?
Anneleen Van Bossuyt: De tijd gaat heel snel, het ministerschap zal nooit wennen. Brussel is al zestien jaar lang mijn werkplaats, ik zal niet snel ook in het weekend komen. Ik ben nu al zo weinig thuis. Dan blijf ik liefst in Gent.
U onderhandelt met de Brusselse regering over de Brussels Deal, waarin onder meer bepaald wordt in hoeveel opvangplaatsen de federale regering voorziet voor het Brussels Gewest. U windt er geen doekjes om: de helft van de tweeduizend opvangplaatsen in dat kader moet op de schop.
Van Bossuyt: Ik heb er onlangs over gesproken met minister-president Boris Dilliès (MR) en minister Ahmed Laaouej (PS). We moeten een paar zaken op een rijtje zetten. Ten eerste: vandaag moet geen enkele persoon met recht op opvang op straat slapen.
Geen enkele? Er zijn toch asielzoekers die in Brussel op straat overleven.
Van Bossuyt: Dan gaat het over mensen die een definitieve beslissing hebben gekregen over hun beschermingsstatus in een andere EU-lidstaat, positief dan wel negatief. Aan die mensen weigeren we de opvang, met een individuele motivering. Dat staat nu ook letterlijk in het Europees migratiepact.
Het lijkt toch moeilijk om met klem te zeggen dat er geen asielzoeker met recht op opvang op straat slaapt.
Van Bossuyt: Wij krijgen daar geen melding van, alleszins toch niet dat het zou gaan over asielzoekers met recht op opvang.
Wat alleenstaande mannen betreft, is er een doorstroomlijst richting reguliere opvang. Daar stonden ten tijde van de Vivaldi-regering vierduizend mensen op, vandaag nog duizend. Dat betekent, om terug te keren naar de Brussels Deal, dat we vandaag opvangcapaciteit financieren die ruim boven de actuele nood ligt. Het is logisch dat we bekijken waar aanpassingen mogelijk zijn. Al erken ik zeker dat de migratiedruk in Brussel groter is dan in andere steden. Daarom kijken we naar andere manieren om Brussel te ondersteunen.
Zoals?
Van Bossuyt: Bijvoorbeeld door mensen meer te begeleiden naar vrijwillige terugkeer. Daarover onderhandelen we nu.
Het zullen botsende visies zijn.
Van Bossuyt: De wetgeving is wat ze is. Mensen in illegaal verblijf moeten terugkeren naar hun land van herkomst. Asielzoekers met recht op opvang hebben vandaag een opvangplaats. De tweeduizend plaatsen in de Brussels Deal zullen momenteel wel bezet zijn, maar niet alleen door asielzoekers met recht op opvang. Gezien de budgettaire context willen wij alleen datgene financieren waar wij bevoegd voor zijn. Ik ben niet bevoegd voor daklozen.
©
Ivan Put
| Minister Anneleen Van Bossuyt (N-VA): "Brussel is al zestien jaar lang mijn werkplaats, ik zal niet snel ook in het weekend komen. Dan blijf ik liefst in Gent."
Er zijn stemmen die zeggen dat de wachtlijst waar u het over heeft net is afgenomen omdat u een groep asielzoekers erbuiten houdt.
Van Bossuyt: Dat is wat Europa zegt: je bent niet verplicht om mensen die bescherming hebben in een andere lidstaat op te vangen, als je dat individueel motiveert. Als zij aan asielshoppen willen doen, is dat hun verantwoordelijkheid. Wij kunnen toch niet iedereen opvangen? De druk op onze samenleving is gigantisch hoog. Het uitgangspunt van de regering is duidelijk: minder instroom en meer uitstroom om – en dat is minstens even belangrijk – een humanere opvang te bieden aan de mensen die het echt nodig hebben.
Maar de mensen die in Brussel aankomen met bescherming uit een andere EU-lidstaat en dan hier bot vangen, verdwijnen natuurlijk niet.
Van Bossuyt: Wij kunnen niemand verhinderen om een asielaanvraag in te dienen, maar wij zullen die mensen over wie u spreekt niet opvangen. Mensen die dan een negatieve beslissing krijgen van onze diensten en in Brussel blijven rondhangen, moeten het grondgebied verlaten. Illegaal verblijf is nog altijd een misdrijf.
Dat gebeurt nog altijd erg weinig in de praktijk, die terugkeer. Brussel moet zich dus over die mensen ontfermen.
Van Bossuyt: Het zou dan ook helpen als organisaties in Brussel dezelfde boodschap zouden verkondigen. Maar nee, ze zeggen dat die mensen mogen blijven en dat ze voor hen zullen zorgen. Dat helpt niemand vooruit. Zo wordt de problematiek erger en erger. Ze kunnen enkel in de illegaliteit onderduiken. Het is voor die mensen beter om een duurzame toekomst uit te bouwen in hun land van herkomst of in het land waar ze al bescherming hebben. België kan niet de hele wereld opvangen.
Rechters hebben uw opvangbeleid weliswaar teruggefloten, wat u veel kritiek opleverde van verschillende grondwetspecialisten. Wat vindt u daarvan?
Van Bossuyt: Dat is hun lezing. Ik heb geen rechterlijke uitspraak naast mij neergelegd. Het Grondwettelijk Hof heeft een juridische grond op basis waarvan wij niet meer in opvang voorzagen inderdaad geschorst in afwachting van een uitspraak van het Europees Hof, dus niet vernietigd. Daarna heb ik Fedasil de nodige instructies gegeven om zich aan te passen. Ik heb vervolgens gekeken naar de juridische gronden waarmee wij die opvang dan wél konden weigeren. Ik nodig grondwetspecialisten uit om een opvangweigering aan te tonen die genomen is op basis van de geschorste juridische grond. Ze zullen ze niet vinden. Als men mij verwijt om oplossingen te zoeken, dan verwijt men mij om mijn verantwoordelijkheid te nemen als minister.
“Wat mij stoort, is dat voor veel activistische groepen alleen hun moreel kompas het juiste is”
Federaal minister van Asiel en Migratie
Bij Fedasil schreven bijna vijfhonderd medewerkers eerder dit jaar in een open brief dat ze de gevolgen van uw beleid niet op hun geweten willen hebben.
Van Bossuyt: Onze opvang is oververzadigd. Het Fedasil-netwerk telt 34.000 opvangplaatsen. Weet u in hoeveel plaatsen wij volgens Europa eigenlijk moeten voorzien?
Ongeveer een derde.
Van Bossuyt: Inderdaad, 12.000. We doen dus meer dan ons deel. Ik snap dat er al jarenlang een gigantische druk is op de medewerkers van Fedasil. Dat is een van de vele redenen voor onze beleidskeuzes: we willen hen ademruimte geven. Ons asielsysteem moet dienen voor mensen die op de vlucht zijn voor oorlog en vervolging riskeren. Niet voor mensen die naar hier komen vanuit een land waar het economisch slecht gaat. Wij moeten bepalen wie hier aankomt, niet de mensensmokkelaars.
Vorige week heeft de N-VA, samen met CD&V, in het Europees Parlement gestemd voor onder andere terugkeerhubs buiten de EU. Uw Europese fractie had daar extreemrechts voor nodig. Ook u wordt weleens verweten dat u tegen extreemrechts aanschuurt. Er zijn bijvoorbeeld gezinnen die op straat hebben moeten slapen.
Van Bossuyt: Onder ons beleid moet níemand met recht op opvang op straat slapen. Het aantal veroordelingen met een dwangsom, wegens het niet-verlenen van opvang, is onder deze regering met 54 procent gedaald. Negen van de tien openstaande dwangsommen komen van de vorige regering.
Vandaag zit een asielzoeker gemiddeld 15,6 maanden in het opvangnetwerk. Je zou voor minder gek worden. We moeten ervoor zorgen dat mensen in zes maanden tijd weten waar ze aan toe zijn. Net daarom moeten we de instroom verlagen en de uitstroom verhogen.
Hoe belangrijk vindt u integratie? Van links tot rechts hebben partijen daar al jarenlang de mond van vol.
Van Bossuyt: Een diverse maatschappij kan succesvol zijn, maar dan moeten er voorwaarden vervuld zijn. Er is veel te lang gedacht dat die voorwaarden wel vanzelf vervuld zouden raken. We zijn bijvoorbeeld bezig met een wet om de hoogte van een leefloon van mensen met een beschermingsstatuut te koppelen aan hun integratieniveau. Als je een beroep wilt doen op een leefloon, verwachten wij daar iets voor terug. Ik vind dat eigenlijk maar vanzelfsprekend.
Hoe kunt u dat toetsen? Met een soort examen?
Van Bossuyt: Nee, maar we willen nagaan in welke mate iemand een inspanning doet om onze taal te leren, werk zoekt en een integratiecursus volgt.
U sleutelt ook aan een wet die woonstbetredingen mogelijk maakt. Moeten mensen zonder papieren ongerust zijn?
Van Bossuyt: Kijk, het kan niet de bedoeling zijn dat je illegaal in ons land verblijft. Maar nee, we zullen niet binnenvallen bij iedereen zonder papieren. Het gaat over personen die zich meermaals verzet hebben tegen terugkeer en een gevaar vormen voor de openbare orde of de nationale veiligheid, en er is groen licht van een onderzoeksrechter nodig.
Ondertussen zetten organisaties campagnes op die de parallel trekken met de jaren dertig van de vorige eeuw.
Van Bossuyt: Dat is degoutant en gewoonweg foute informatie. Ik heb ook een video gezien van Vluchtelingenwerk Vlaanderen met een gezin waarvan de voordeur wordt ingebeukt. Dat staat zo ver af van de realiteit. En dat komt van organisaties die aan de slag zijn met ons belastinggeld.
Hoeveel personen komen in aanmerking?
Van Bossuyt: Een exact aantal kan ik daar niet op plakken. Maar weet u over wie het gaat? Verkrachters, drugsdelinquenten, terroristen. Mensen die minderjarigen verkracht hebben. Niet zomaar iemand die vreedzaam aan een betoging deelneemt. Het zijn mensen in illegaal verblijf over wie een onderzoeksrechter zegt dat ze een gevaar vormen voor de openbare orde of de nationale veiligheid.
"Ik ben liever eerlijk en ik ga liever uit van hoe de realiteit er vandaag uitziet: de migratiedruk op onze samenleving is te hoog"
Verschillende Brusselse gemeenten hebben moties goedgekeurd waarin staat dat ze hun lokale politie de opdracht geven om niet mee te werken aan die woonstbetredingen.
Van Bossuyt: Ik kan daar niet bij. Als er dan iets gebeurt, dragen die burgemeesters een verpletterende verantwoordelijkheid.
Weet u wat burgemeesters achter de schermen tegen mij zeggen? Dat er te veel mensen in illegaal verblijf de veiligheid van de stad in gevaar brengen. Maar tegelijkertijd willen ze de woonstbetredingen niet toepassen.
Riskeert die wet dan geen lege doos te worden, als het op Brussel aankomt?
Van Bossuyt: Nogmaals: dat is dan hun verantwoordelijkheid. Kijk naar Abdesalem Lassoued (op 16 oktober 2023 schoot die Tunesiër in naam van de terreurorganisatie Islamitische Staat drie Zweedse mannen neer in Brussel, red.): die is nooit tegengehouden door een gerechtelijk onderzoek, hoewel hij aanzette tot haatspraak en mensen liet radicaliseren. Bij dat soort personen moeten we die woonstbetredingen doen. Die willen we toch niet op ons grondgebied? (Fel) Ik begrijp dat echt niet. Dit gaat over de veiligheid van onze burgers.
In de studio’s van Terzake zei u eerder dit jaar dat u geen beleid wil voeren op basis van een moreel kompas, maar op basis van “de realiteit in de samenleving”. Hoe ziet uw moreel kompas eruit?
Van Bossuyt: Ik word vaak als iemand onmenselijk afgeschilderd, zeker aan Franstalige kant. Wat mij stoort, is dat voor veel activistische groepen alleen hun kompas het juiste is. En elke andere mening is verkeerd.
Sorry, ik kan geen beleid voeren op basis van blinde emotie. Ik moet rationele keuzes maken. Als er onafhankelijke instanties zijn die zeggen dat iemand geen bescherming nodig heeft, dan moet die terugkeren. Als ik dan beslis op basis van emotie en voor de ene een uitzondering maak en voor de andere niet ... Dat gaat niet. Dat is niet in het voordeel van die personen zelf en al zeker niet van de samenleving. Deze regering neemt ook initiatieven voor kwetsbare profielen: opvang voor niet-begeleide minderjarige vreemdelingen die het slachtoffer zijn van mensenhandel, om maar één voorbeeld te noemen. Jammer genoeg spreekt niemand daarover.
Wat zegt u tegen de mensen die uw beleid onmenselijk noemen?
Van Bossuyt: Weet u wat ik onmenselijk vind? Zeggen dat iedereen naar hier mag komen ‘en dan zullen we wel zien’. Ik ben liever eerlijk en ik ga liever uit van hoe de realiteit er vandaag uitziet: de migratiedruk op onze samenleving is te hoog. Ik wil van migratie een positief verhaal maken, maar dat kan alleen als je weet wie hier binnenkomt en opvang kunt geven aan wie dat echt nodig heeft.
Lees meer over: Brussel , Politiek , Anneleen Van Bossuyt , Brusselse N-VA , migratie , asiel
Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.