Is het aanvaardbaar dat het Brussels gewest een minister-president heeft die één van de twee officiële talen amper machtig is? Het magere Nederlands van Boris Dilliès doet alvast heel wat stof opwaaien, ook aan Franstalige zijde. Dilliès pleit schuldig, en belooft aan zijn kennis van de taal te werken.
Net voor zijn eedaflegging heeft Boris Dilliès moeite met vragen in het Nederlands.
Minister-president Dilliès belooft beterschap na felle kritiek op zijn Nederlands
Het was een opvallend tafereel zaterdagochtend. Boris Dilliès, toen nog maar pas aangekondigd als de nieuwe minister-president van Brussel, kon amper antwoorden op vragen in het Nederlands.
“Ik weet het niet, we zullen zien”, was zijn antwoord. Hij struikelde over zijn woorden. Het leidde tot een storm van kritiek in de Nederlandstalige pers en bij Vlaamse politici.
'Snel leren'
Onder meer bij federaal minister van Defensie Theo Francken (N-VA). "Een Brussels minister-president moet goed Nederlands spreken. Punt. Als hij het niet kan, dan moet hij het snel leren. Als hij het niet wil leren, dan moet hij een andere job zoeken", schrijft hij maandag op sociale media.
"Vlamingen zijn geen tweederangsburgers. Ik zal - ook de komende jaren - in het Nederlands met de Brusselse autoriteiten communiceren. Het is mijn grondwettelijk recht als Belg, Vlaming en Vlaams-Brabander. Als ze me niet (willen) begrijpen is dat vooral hun probleem."
Ook zijn collega in de Vlaamse regering en Brussels N-VA-kopstuk Cieltje Van Achter verwees ernaar in haar eerste reactie op de benoeming van Dilliès. Een gelijkaardig geluid valt te horen bij Bert Anciaux (Vooruit, maar ooit voorzitter van de Volksunie), en Barbara Pas (Vlaams Belang). Oud-minister Koen Geens (CD&V) maakte in een kritische post op Facebook de vergelijking met hoe Franstaligen van zijn moeder en grootouders een perfecte kennis van het Frans verwachtten.
Bovendien is er, ook maandagochtend, nog steeds geen definitieve Nederlandstalige versie van het Brusselse regeerakkoord, dat nochtans donderdagavond al werd afgeklopt. "Tweetaligheid, mon oeil”, stelt Van Achter kritisch op sociale media.
Bij de onderhandelingen over de nieuwe Brusselse regering zou voornamelijk gewerkt zijn op basis van een Franstalige tekst. Aan de Nederlandstalige versie wordt momenteel nog gewerkt, alle partijen moeten daar hun goedkeuring voor geven.
Dilliès pleit schuldig
Dilliès is zich inmiddels bewust van de slechte indruk die hij heeft gemaakt. Hij kreeg er vragen over in de Franstalige media. De nieuwe Brusselse minister-president, slaat maandag een mea culpa tijdens een interview op La Première, een radiozender van de RTBF, en belooft eraan te werken.
"Het is 20 jaar geleden dat ik het nog heb gesproken. Ik werkte toen in de privésector, bij een Nederlandstalig bedrijf. Toen ik vertrok bij dat bedrijf, was mijn Nederlands niet uitzonderlijk, maar ik trok me uit de slag, het was niet zo slecht als nu", stelde Dilliès daar. Nochtans was hij de afgelopen negen jaar wel burgemeester van Ukkel en is Nederlands ook daar - hoewel slechts door een kleine minderheid gebruikt - een officiële bestuurstaal.
"Als je een taal helemaal niet meer gebruikt, heeft die de neiging te verdwijnen. Maar ik ben de Brusselaars een goede kennis verschuldigd. Dat is essentieel, ik pleit schuldig", aldus Dilliès.
Hij heeft naar eigen zeggen stappen gezet om zijn kennis van het Nederlands op te krikken. "Het zal in stijgende lijn gaan", belooft de minister-president.
"Ik ben de Brusselaars een goede kennis (van het Nederlands, red.) verschuldigd. Dat is essentieel, ik pleit schuldig"
Brussels minister-president
De minister-president vraagt daarnaast ook begrip, want hij had ook niet meteen tijd om zich grondig voor te bereiden. Zaterdag kreeg hij om 7.15 uur te horen dat hij minister-president zou worden en om 8.00 uur kreeg hij al vragen voorgeschoteld. "Ik had niet echt tijd om me in te werken."
MR-voorzitter Georges-Louis Bouchez, die Dilliès vroeg om minister-president te worden, vond zaterdag dat het allemaal wel meeviel. “Hij weet zich toch te redden in het Nederlands, niet? Bovendien is hij van Franse komaf, en de Fransen hebben niet de beste reputatie als het aankomt op vreemde talen leren. Maar maak u geen zorgen, hij heeft al een cursus Nederlands besteld”, zo klonk het toen.
Lees meer over: Brussel , Ukkel , Politiek , Brussels regeerakkoord , Boris Dilliès , Georges-Louis Bouchez , Theo Francken , Cieltje Van Achter , kennis Nederlands , tweetaligheid Brussel
Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.