De dubbele meerderheid en de twee gescheiden taalgroepen in het Brussels parlement maakten dit jaar de vorming van een regering moeilijk, zo niet onmogelijk. Moet het kiessysteem anders, nu de impasse in Brussel compleet is?
©
BRUZZ
| Het Brussels parlement werkt vandaag met twee apart verkozen taalgroepen. Moet dat niet anders, nu dit de regeringsvorming al meer dan vijfhonderd dagen bemoeilijkt.
Moet het kiessysteem op de schop? Op zoek naar de 'demos' in Brussel
In de chique salons van de club TheMerode scherpen Ahmed Laaouej (PS) en Frédéric De Gucht (Open VLD) de messen. Ze zijn uitgenodigd door Dave Sinardet (VUB, UCL) voor een lunchdebat over de institutionele toekomst van Brussel.
Maar het wordt geen tweegevecht. Laaouej en De Gucht blijken het opvallend eens te zijn met elkaar. Beiden pleiten voor een hervorming van het Brusselse kiessysteem met tweetalige lijsten. “We moeten elkaar weer beter begrijpen”, zegt De Gucht, die tot zijn grote spijt een toenemende polarisatie vaststelt tussen Nederlandstaligen en Franstaligen in Brussel.
De opdeling tussen Frans- en Nederlandstaligen is artificieel in een stad met 184 nationaliteiten, en zoveel taalgemengde gezinnen, zo vinden Laaouej en De Gucht. Dat is wat ook Vooruit al langer vindt, net als Groen. En zowat alle Franstalige partijen. De Brusselse demos – kiesgerechtigde gemeenschap – is niet langer op te delen in Nederlandstaligen en Franstaligen.
Vandaag moet de Brusselse kiezer in het stemhokje voor de gewestverkiezingen een taalgroep kiezen, Nederlands- of Franstalig. Voor de gemeenteraadsverkiezingen of federale verkiezingen moet dat niet. Op de lijst staan dan kandidaten die vanaf dan, voor de rest van hun leven, tot die taalgroep behoren. Vraag het aan Alexia Bertrand (Open VLD) die nooit meer op een Nederlandstalige lijst voor de gewestverkiezingen mag staan, omdat ze ooit op een MR-lijst stond.
'Valse vlamingen'
Het systeem is bedacht in 1989, na, jawel, een blokkering van jaren in de Brusselse agglomeratie. Franstaligen hadden 'valse Vlamingen' op de Nederlandstalige lijsten gezet, die raakten verkozen, zaten zelfs in de executieve – zoals de Brusselse regering toen heette - en brachten zo de Brusselse instelling helemaal op hol. De agglomeratieraad werd één keer verkozen in 1971 en bleef zo aan de macht tot het begin van de oprichting van het Gewest in 1989. Het is een zwarte bladzijde in de politieke geschiedenis van Brussel.
Ook vandaag loopt het Brusselse systeem helemaal vast. Team Fouad Ahidar haalde in juni vorig jaar een monsterscore, en werd uit het niets de tweede Nederlandstalige partij, ongetwijfeld dankzij veel Franstalige stemmen. Een van de TFA-gekozenen spreekt zelf geen Nederlands. Dat is zeker niet wat de bijzondere wetgever in 1989 voor ogen had bij de oprichting van het Gewest.
Nieuw is dat het na de verkiezingen van juni 2024 tot een ongeziene versnippering heeft geleid van de Nederlandstalige stem in Brussel. Er zijn vandaag negen partijen in de Nederlandstalige taalgroep voor slechts zeventien zetels.
Veertien lijsten
Het is een vaststelling die ook filosoof Philippe Van Parijs maakt, op het debat met De Gucht en Laaouej. “Ik heb het nog even opgezocht. Hoeveel lijsten zijn er in het Waals parlement? Vijf. Hoeveel in de stad Brussel? Zes. In het Brussels parlement zijn het er veertien. Natuurlijk is het dan moeilijk om een meerderheid te vormen.”
Van Parijs, is samen met een indrukwekkende lijst van collega-professoren, coauteur van 'Een kiessysteem voor het Brussel van vandaag', een studie die zoekt naar manieren om tweetalige lijsten mogelijk te maken in Brussel zonder te morrelen aan de bescherming van de Nederlandstalige minderheid.
In het voorstel komt er één, tweetalig, kiescollege. Brusselaars kunnen door elkaar voor Nederlandstaligen en Franstaligen kiezen. Ook eentalige lijsten maken een kans, als ze voldoende stemmen binnenhalen. De gegarandeerde vertegenwoordiging van Nederlandstaligen blijft volgens de auteurs bestaan.
Quinten Jacobs: 'Het is een illusie om te denken dat een volgende institutionele hervorming enkel over Brussel zal gaan. Het zal dan over alles gaan.'
Constitutionalist Quinten Jacobs loopt niet echt warm voor die formule. “Het is een verdienstelijke poging, maar ook hier, net zoals in alle andere voorstellen, wordt de bescherming van de Nederlandstaligen afgebouwd. De verhouding van de Nederlandstaligen zal worden bepaald door de krachtverhoudingen van de Franstalige partijen. Hoe groot een Nederlandstalige partij is, hangt dan af van hoe sterk de Franstalige partij staat. Dat ontneemt een eigen democratische dynamiek aan de Nederlandstalige partijen.”
Kiesdrempel
Jacobs ziet nog een tweede probleem opduiken. Franstaligen zullen mee mogen bepalen welke Nederlandstaligen op de lijst figureren. “Als een kandidaat niet naar de zin is van de grote broer dan zal die neen kunnen zeggen.” De Nederlandstaligen kunnen dan nog altijd met een eigen eentalige lijst komen, maar de kiesdrempel maakt het heel moeilijk om een zetel te halen, zegt Jacobs.
Het volstaat om te kijken naar de gemeenteraadsverkiezingen, die een gelijkaardig systeem kennen, om te zien dat dat wel degelijk tot fricties kan leiden. Zo kwam er geen PS-Vooruit-lijst van de grond in Schaarbeek, na onenigheid. Vooruit haalde met een eigen lijst geen zetel in de Ezelsgemeente. Of er is de dreiging van Laaouej geweest, toen Vooruit niet met PTB in zee wou: Vooruit was niet langer welkom op de PS-lijsten voor de gemeenteraadsverkiezingen. Ook Open VLD worstelde in het verleden met de aanwezigheid op gemeentelijke MR-lijsten.
Fusie van de gemeenten
De Nederlandstalige partijen beseffen dat, maar bijvoorbeeld Elke Van den Brandt (Groen) ziet in het nieuwe kiessysteem een rol weggelegd voor een ruimere hervorming van Brussel, door bijvoorbeeld de fusie van de Brusselse gemeenten als pasmunt naar voren te schuiven.
Dat is een jarenlange vraag van alle Nederlandstalige partijen, die botst op Franstalige onwil. Precies omdat de Franstaligen in hun baronieën de plak zwaaien, en ze daar niet aan macht willen inboeten. Door én het Brusselse kiessysteem te hervormen, én de Brusselse gemeenten af te schaffen, ontstaat er een nieuw communautair evenwicht in Brussel, zo is de redenering.
Jacobs is eerder sceptisch. Hij wijst erop dat de bescherming van de Nederlandstaligen in Brussel ook afhangt van de afspraken die op federaal niveau zijn gemaakt. “Er is in België afgesproken dat de macht van het getal niet volledig telt. Zo is er bijvoorbeeld de pariteit in de federale regering (evenveel Franstalige ministers als Nederlandstaligen, terwijl de Franstaligen in de minderheid zijn, red.).”
Als er in Brussel gemorreld wordt, dan zal dat ongetwijfeld federale gevolgen hebben. “Het is een illusie om te denken dat een volgende institutionele hervorming enkel over Brussel zal gaan”, besluit Jacobs. “Het zal dan over alles moeten gaan.”
Lees meer over: Politiek , Dit was 2025 , Philippe Van Parijs , Frederic De Gucht , Ahmed Laaouej , Quinten Jacobs , Dubbele meerderheid , Valse vlamingen