Net op het moment dat de Brusselse 'superministerraad' een verlaging van de personenbelasting afklopt, schrijft het Federaal Planbureau dat dit soort maatregelen de weg naar een gezondere begroting bemoeilijkt. Vanaf 2031 loopt het tekort hierdoor zelfs weer op.
©
Belga
Na superministerraad: ‘belastingcadeautjes’ komen Brussel duur te staan
Donderdagavond kondigde de Brusselse regering in een persconferentie aan dat het de gewestelijke opcentiemen op de personenbelasting met 1 procentpunt verlaagt. De maatregel maakt deel uit van het regeerakkoord en dient om de koopkracht van Brusselaars te versterken en meer gezinnen in Brussel te houden.
Voor een alleenstaande Brusselaar zonder kinderen met een maandelijks nettoloon van 2.700 euro betekent dit een belastingverlaging van ongeveer 147 euro per jaar. Voor een gehuwd koppel dat elk rond de 2.400 euro netto verdient en twee kinderen ten laste heeft, gaat het om een besparing van 152 euro per jaar.
Temperen
Maar de maatregel komt met een kostprijs: 58 miljoen euro. En dat terwijl het Brussels Gewest elk jaar al honderden miljoenen euro's te kort komt.
Het Federaal Planbureau wijst op de tegenstrijdigheid hiervan. In het rapport 'Regionale economische vooruitzichten 2026-2031' schrijft het Planbureau dat het Brussels Gewest inspanningen doet om het tekort te verkleinen en dat dit vruchten afwerpt.
"Op middellange termijn verbetert het saldo licht, omdat de regeringsmaatregelen op kruissnelheid komen. Het gaat dan om de verlenging van de aanwervingsstop voor nieuw personeel, het einde van de fiscale aftrekbaarheid van dienstencheques en een algemene verlaging van de werkingskosten, waaronder die van de kinderbijslagfondsen."
Maar, zo schrijft het Planbureau, "de volgende elementen temperen de verbetering van het saldo: de daling van de opcentiemen op de personenbelasting, de verhoging van het vrijstellingsplafond bij de registratierechten (het abattement, red.), de verdubbeling van de Be-Home-premie, de impact van de federale fiscale hervorming, de stijgende rentelasten en de uitgaven voor de gezondheidszorg."
Dat zorgt ervoor dat er in 2029 geen begroting in evenwicht is, wat expliciet het doel was van deze regering en ook zo in het regeerakkoord staat. Volgens het Planbureau is er in 2029 nog altijd een tekort van 800 miljoen. Meer zelfs, vanaf 2031 loopt het tekort opnieuw op als gevolg van het gecombineerde effect van bovenstaande elementen.
©
Federaal Planbureau
'Weinig impact'
Professor overheidsfinanciën Herman Matthijs (VUB) is kritisch. "De partij Anders kan nu met die belastingverlaging uitpakken, maar het is voor mij niet duidelijk hoe men dat gat van 58 miljoen euro gaat compenseren."
In theorie kan er sprake zijn van terugverdieneffecten, stelt Matthijs, doordat welgestelde mensen dan wel in de stad blijven en er uiteindelijk meer belastingen betaald worden. "Maar daar moet je zeer voorzichtig mee zijn. Als je alle facturen van de beloofde terugverdieneffecten zou optellen, zouden we een gigantisch begrotingsoverschot hebben."
Voor Matthijs is die verlaging bovendien veel te gering om effect te kunnen hebben. "Om impact te hebben op de keuze van woonplaats moet de korting veel forser zijn dan die 150 euro", zegt Matthijs. "De geringe verlaging zullen de Brusselaars nauwelijks voelen, want andere belastingen zijn verhoogd." Matthijs wijst onder andere op de gemeentelijke opcentiemen op de onroerende voorheffing, die de voorbije jaren fors gestegen zijn.
"Dat maakt dat de woningprijzen, de kwaliteit van het onderwijs, de veiligheid en netheid van veel groter belang zijn om voor Brussel of de Rand te kiezen", stelt Matthijs.
Ook het weer stijgende begrotingstekort, vanaf 2031, ziet hij somber in. Dan gaat het tekort weer naar 900 miljoen euro. "Dan beginnen we het volle effect van die rentelasten te zien", zegt Matthijs. Die worden door het Planbureau in 2031 op maar liefst 800 miljoen euro geschat.
'Zwarte nul'
In het Brussels parlement vroeg Benjamin Dalle (CD&V) zich af waarom het Planbureau in 2029 op een tekort van 800 miljoen euro uitkomt, en niet op een begrotingsevenwicht, zoals in het regeerakkoord staat. "Acht u een zwarte nul, een begrotingsevenwicht in 2029 nog realistisch?"
De Smedt wijst erop dat de projecties van het Planbureau vooral robuust zijn voor grote entiteiten zoals Vlaanderen of België. "Voor kleinere entiteiten (zoals Brussel, red.) is dat minder het geval. Onze gegevens zijn veel nauwkeuriger dan die van het Planbureau, dat bovendien uitgaat van ongewijzigd beleid. Dat laatste klopt natuurlijk niet, gezien de mate waarin wij hervormingen doorvoeren."
Volgens De Smedt zal er in 2029 wel degelijk een begroting in evenwicht zijn. "Als je ziet dat het Planbureau vorig jaar nog een tekort van 1,7 miljard euro voorspelde in 2029 en dat nu is teruggebracht naar 800 miljoen euro, dan zie je een verbetering van 900 miljoen euro. Laat net dat het bedrag zijn dat we moeten wegwerken tegen 2029. Om op uw vraag te antwoorden: wij zitten op koers en zullen die zwarte nul in 2029 met veel fierheid kunnen voorleggen."
"Ik ben verheugd dat u die ambitie blijft behouden", reageert Dalle. "Maar het is niet de eerste keer dat een gerenommeerde instelling kritisch is over uw cijfers: kredietbeoordelaar Standard & Poor's was dat ook. Ik ben dan ook benieuwd naar de gedetailleerde berekeningen."
Lees meer over: Brussel , Politiek , Regering-Dilliès , Brusselse regering , belastingsverlaging , schuldgraad , begrotingstekort , Dirk De Smedt
Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.