"De hele saga rond het uitblijven van de LEZ-boetes doet onverkwikkelijk aan en luidt officieel het einde in van de wittebroodsweken van de nieuwe coalitie." Dat schrijft BRUZZ-redacteur Maarten Goethals in het edito van deze week.
©
Heleen Rodiers
| Maarten Goethals, coördinator BRUZZ-magazine.
Uitstel LEZ-boetes: eerste serieuze misser van nieuwe regering
Met het uitstel van de boetes in de lage-emissiezone (LEZ) slaat de Brusselse regering een mal figuur. Wat het extra gênant maakt, is de timing: het gaat om het eerste grote inhoudelijke dossier sinds de aanstelling in februari van de ploeg van minister-president Boris Dilliès (MR), en meteen resulteert de aanpak in een misser, een paar dagen voor de deadline.
Waar gaat het over? Normaal gezien mogen Euro 5-dieselwagens en Euro 2-benzinewagens vanaf woensdag 1 april Brussel niet meer binnen wegens te vervuilend. Wie toch met een verouderde auto de stad in wil rijden, moet volgens het nieuwe regeerakkoord een jaarpas van 350 euro kopen. In de loop van vorige week ontstond echter een zware discussie onder de meerderheidspartijen over de uitzonderingen, en over welke groepen (een fikse) korting krijgen. Alleen mensen met een verhoogde tegemoetkoming, of ook andere categorieën?
De PS wilde naar verluidt die groep zo ruim mogelijk definiëren, andere partijen meer beperkt. Door de ongelukkige afwezigheid van Dilliès – die op zijn eerste staatsbezoek was in Noorwegen, samen met de koninklijke familie en leiders van de andere gemeenschappen en gewesten – escaleerde het debat intern, met als hoogtepunt een minister van Financiën, Dirk De Smedt (Anders), die afgelopen vrijdag in het parlement dan maar aankondigde dat er “voorlopig geen LEZ-boetes komen”. Om het mild uit te drukken: die soloslim viel niet bij iedereen in goede aarde, en veroorzaakt volgens actiegroepen grote juridische en wettelijke onzekerheid. De Smedt beroept zich op praktische redenen: het systeem om de boetes te innen, staat technisch zogezegd nog niet op punt.
“De verantwoordelijkheid voor het debacle ligt in de eerste plaats bij minister-president Boris Dilliès”
De hele saga doet onverkwikkelijk aan en luidt officieel het einde in van de wittebroodsweken van de nieuwe coalitie – een soort officieuze periode van welwillendheid jegens elkaar, omdat iedereen zich nog moet installeren en klaarmaken voor het grote werk. Maar feitelijk heeft deze regering, die er kwam na 613 dagen moeizaam onderhandelen, die luxe niet.
Wie kritisch naar de aanpak van de LEZ-boetes kijkt, kan maar hopen dat het om een uitschuiver gaat, en niet de voorbode betekent voor meer chaos in andere dossiers (Good Move, de afslanking van de administratie, het NEO-project …). Bovendien versterkt het uitstel het beeld van een regering die niet echt wakker ligt van het klimaat en de luchtkwaliteit: de zwaar vervuilende wagens niet beboeten komt boven op de beslissing om de Renolution-premies af te schaffen, subsidies die eigenaars in het verleden hielpen om de kosten te dekken voor het isoleren van de eigen woning.
De verantwoordelijkheid voor het debacle ligt in de eerste plaats bij Dilliès. De minister-president pakte het dossier niet goed aan, en kon blijkbaar de forcing niet voeren of tijdig een oplossing vinden. Daardoor ontstaat de indruk dat zijn prioriteiten niet juist zitten en dat hij makkelijk overvleugeld wordt door anderen die sneller en gewiekster het politieke spel op hoog niveau beheersen. Veel dergelijke missers kan hij zich niet permitteren.
Was het woensdag geen 1 april – mopjesdag en normaal gezien het begin van de verkeersboetes – een beroepskomiek zou zeggen: “Wat een slechte grap.”
Lees meer over: Brussel , Opinie , Regering-Dilliès , Lage-emissiezone , LEZ , Boris Dilliès , benzine wagens
Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.