“Spreken over 'Brusselse jongeren' past in een breder narratief over Brussel: de hoofdstad is gevaarlijk, omdat ze divers is. Brussel is wat Vlaanderen niet mag worden,” schrijft Wassim Essebane in een reactie op Theo Francken.
© Saskia Vanderstichele
| Archieffoto: Brusselse jongeren bereiden zich voor op een fietstocht met Foyer naar Marokko
'Als het over Brusselse jongeren gaat, doen de feiten er niet toe'
Brussel-bashing is zowat een nationale sport geworden. Vanuit de politiek, media, opiniemakers en academici: als er ergens iets misloopt, duurt het nooit lang voor Brussel op de beklaagdenbank zit. Vooral de “Brusselse jongeren” moeten het dan ontgelden. De term is een nieuwe verzamelnaam voor jongeren die voor overlast zorgen. Of die effectief uit Brussel komen, blijkt vaak bijzaak. Bij het recente incident in De Haan bleek achteraf dat twee van de drie aangehouden verdachten niet eens uit de hoofdstad afkomstig waren. Een rechtzetting was blijkbaar niet nodig. De feiten hadden intussen plaatsgemaakt voor de karikatuur – en de karikatuur won.
Een Gucci-petje, een Louis Vuitton-schoudertasje, wat straattaal en een migratieachtergrond: meer is er niet nodig om iemand onder die noemer te schuiven. Of die persoon daadwerkelijk in Brussel woont, naar school gaat of ooit een voet in het gewest heeft gezet, maakt niet uit.
Van God los
Volgens minister van Defensie Theo Francken (N-VA), die meteen reageerde op het incident, zijn sommige allochtone jongeren uit onze hoofdstad “van God los”. In zijn analyse - voor zover je het zo kunt noemen - zijn de Brusselse wijken vervallen tot haarden van zwartrijden, overlast en wetteloosheid. Brussel zou een soort no man's land zijn waar de samenleving heeft opgegeven en de rechtstaat is verdwenen.
Misschien moet ik hem ergens gelijk geven. Want wildplassen en openbare dronkenschap zijn ook verboden in Brussel. Toch kon hij daar zonder al te veel problemen van genieten tijdens zijn inmiddels beruchte passage in de voetgangerszone. Die Brusselse wetteloosheid waar hij zo over klaagt, was die avond zijn grootste geluk. Maar eigenlijk gaat dit niet over Theo Francken. Het gaat over iets veel fundamentelers.
"Een Gucci-petje, een Louis Vuitton-schoudertasje, wat straattaal en een migratieachtergrond: meer is er niet nodig om iemand onder die noemer te schuiven. Of die persoon daadwerkelijk in Brussel woont, naar school gaat of ooit een voet in het gewest heeft gezet, maakt niet uit"
adviseur voor startups en bestuurslid Muntpunt
Politici doen meer dan beleid maken en de pers doet meer dan het verslag van het nieuws. Beide vertellen verhalen en vertellen wie we zijn als maatschappij. Zij bepalen wie erbij hoort en wie verdacht is, wie slachtoffer is en wie dader. Kortom, ze bepalen de heersende narratieven. Het onderliggende narratief is ondertussen duidelijk. Brussel is gevaarlijk omdat Brussel divers is. Brussel is problematisch, omdat Brussel multicultureel is. Brussel is een waarschuwing voor wat Vlaanderen niet mag worden.
Mijn diepe frustratie over deze simplistische karikatuur neemt niets weg van de ernst van de feiten in De Haan. Of van de vechtpartijen in Blankenberge enkele jaren geleden. Wie geweld gebruikt, agenten aanvalt, eigendommen vernielt of mensen intimideert, moet daarvoor verantwoordelijk worden gehouden. Punt.
Krachtige wapens
Als geboren en getogen Brusselaar weet ik als geen ander dat onze stad worstelt met veiligheid, netheid en samenleven. Dat ontkennen zou intellectueel oneerlijk zijn. De problemen zijn er, en de problemen zijn ernstig. Voor sommigen ligt de oorzaak bij migratie of de multiculturele aard van onze samenleving. Ik deel die analyse niet. Voor anderen ligt de verklaring uitsluitend in armoede, uitsluiting of een gebrek aan kansen. Ook dat lijkt me te simplistisch. De werkelijkheid is complexer.
Enerzijds speelt de socio-economische kwetsbaarheid een belangrijke rol. Net als gebrekkige investeringen in publieke ruimte, jeugdwerk en onderwijs. Alsook onvoldoende plekken om af te koelen in onze hoofdstad tijdens hittegolven. Bepaalt ook de situatie: de groeiende vertrouwensbreuk tussen burgers, instellingen en politiek. Anderzijds zien we de opkomst van een ontspoorde straatcultuur waarin provocatie bewondering oplevert en waarin respect wordt afgedwongen door intimidatie en stoerdoenerij wordt verward met karakter.
"Vandaag lijken sommige politici meer geïnteresseerd in de electorale opbrengst van een impopulair Brussel bij de Vlaamse publieke opinie dan in het oplossen van de problemen waarover ze zich zo graag verontwaardigen"
adviseur voor startups en bestuurslid Muntpunt
De vele Brussel-bashers ontkennen de problemen niet per se. Ze stellen gewoon de verkeerde diagnose. Wie een probleem verkeerd benoemt, maakt het vooral moeilijker om het op te lossen. Vandaar mijn moeite met het narratief van “Brusselse jongeren”. Narratieven zijn krachtige wapens. Ze bepalen hoe we naar de wereld kijken, maar vooral hoe we naar elkaar kijken. Vandaag lijken sommige politici meer geïnteresseerd in de electorale opbrengst van een impopulair Brussel bij de Vlaamse publieke opinie dan in het oplossen van de problemen waarover ze zich zo graag verontwaardigen. We moeten ons dus een andere vraag stellen.
Willen we blijven geloven dat de bron van onze problemen zich in onze hoofdstad bevindt? Of durven we eindelijk het moeilijkere gesprek voeren over verantwoordelijkheid, normbesef, samenleven en de samenleving die we zelf hebben opgebouwd? Want misschien zegt onze behoefte aan een zondebok uiteindelijk meer over onze angsten dan over de jongeren waarop we ze projecteren.
Lees meer over: Brussel , Opinie , Brusselse jongeren , Jongeren , Wassim Essebane
Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.