Zes jaar nadat de Brusselse politiek had beloofd de openbare ruimte te dekoloniseren, is daar in het straatbeeld amper iets van te merken. Het ruiterbeeld van Leopold II staat als vanouds te blinken aan Troon. Voor de regering-Dilliès lijkt dekoloniseren geen prioriteit meer. “De conservatieve krachten remmen het proces af.”
©
Bart Dewaele
| Het ruiterstandbeeld van Leopold II aan Troon.
De dood van de Afro-Amerikaan George Floyd en het daaropvolgende wereldwijde Black Lives Matter-protest tegen racisme en politiegeweld leidden in het coronajaar 2020 tot een kantelpunt in het debat over de dekolonisering wereldwijd, maar ook specifiek van de Brusselse openbare ruimte.
Voor die tijd waren het vooral verenigingen uit de Afrikaanse diaspora die aanstoot namen aan de standbeelden, monumenten en straatnamen die het koloniale regime bejubelden
Vooral het eerbetoon aan koning Leopold II, onder wiens bewind honderdduizenden mensen stierven in Congo-Vrijstaat, was een doorn in het oog. Actievoerders bekladden het ruiterstandbeeld van de vorst aan Troon herhaaldelijk met bloedrode verf en zijn buste in het Dudenpark werd op een nacht in 2018 vervangen door een replica gemaakt van vogelzaad.
De BLM-betogingen deden de controverse rond Leopold II en het kolonialisme in alle hevigheid oplaaien. Er kwam een petitie om alle beelden van Leopold II te verwijderen en buurtbewoners op de Louizalaan riepen op om het choquerende beeld Weggelopen zwarte slaven verrast door honden weg te halen.
©
urbanbrussels
| De beeldengroep 'Weggelopen zwarte slaven verrast door honden' van Louis Samain staat nog steeds aan de Louizalaan.
Ook de politiek, die lang een sussende houding had aangenomen, kwam plots in actie, op federaal, gewestelijk en gemeentelijk niveau. Zo besloot de gemeenteraad van Elsene dat de zandstenen buste van generaal Emile Storms, die begin vorige eeuw een van de grote veroveringsexpedities in Congo had geleid, weg moest van de De Meeûssquare.
In juli 2020 stemden de Brusselse parlementsleden, met uitzondering van MR en N-VA, een resolutie waarin de regering gevraagd werd om werk te maken van de dekolonisering van de Brusselse openbare ruimte, waarna toenmalig staatssecretaris Pascal Smet voor Stedenbouw en Erfgoed (Vooruit) een groep van experts bijeenbracht om na te denken over de kwestie.
Het lijvige verslag met aanbevelingen dat vijftien maanden later op tafel lag, vormde de basis voor het actieplan 'Naar een dekolonisatie van de openbare ruimte' dat de Brusselse regering in mei 2023 goedkeurde.
Veertien concrete actiepunten, te beginnen met de aanstelling van een tijdelijke coördinator en de benoeming van een begeleidingscomité met daarin mensen van de administratie, de academische wereld en het maatschappelijke middenveld.
Leopold II omsmelten
Waar het expertenverslag nog adviseerde om het ruiterstandbeeld van Leopold II af te voeren naar een stortplaats voor afgedankte beelden of om te smelten tot een monument voor de slachtoffers van de kolonisatie, ging het actieplan lang niet zover, vooral omdat er geen politieke eensgezindheid was. Zo stelde de MR van meet af aan dat de koloniale gedenktekens behouden moeten blijven op hun plek, eventueel met historische duiding.
“Het opzet van het actieplan was niet om alle sporen en symbolen van de kolonisatie zomaar te wissen, wel om ze in kaart te brengen en geval per geval te bekijken”, zegt historicus Romain Landmeters (UCL-Saint-Louis), die twintig maanden lang coördinator was.
De inventaris van koloniale monumenten, gebouwen en straatnamen staat ondertussen online. “We hebben een kleine 140 sporen in kaart gebracht”, zegt Landmeters.
Het overzicht moet het voor de ambtenaren van de gewestelijke administratie Urban mogelijk maken om bij de analyse van een bouwaanvraag te onderzoeken of er in de buurt koloniale overblijfselen aanwezig zijn. Daarna kan samen met de gemeente beslist worden wat ermee moet gebeuren: van contextualisering tot verplaatsing of vernietiging.
Die nieuwe procedure is vooralsnog niet wettelijk verplicht, maar werd de afgelopen jaren wel al een aantal keren toegepast, waarbij het begeleidingscomité telkens om advies gevraagd werd. Bij de heraanleg van de De Meeûssquare bijvoorbeeld. Het vorige Elsense gemeentebestuur haalde de buste van Storms uiteindelijk weg op 30 juni 2022. Dat gebeurde zonder vergunning, niet wettelijk dus.
“Bij de recente vergunningsaanvraag voor de heraanleg van de square stipuleerde Urban dat de plek niet zomaar leeg mag blijven”, zegt Landmeters. “De gemeente moet minstens een bord neerzetten met uitleg over welk beeld er stond en waarom het weg is.” Ondertussen overweegt Elsene om er een kunstwerk bij te plaatsen.
©
urbanbrussels
| Het borstbeeld van generaal Emile Storms op de De Meeûssquare werd in 2022 zonder vergunning weggehaald door de gemeente Elsene.
Een tweede voorbeeld: bij de heraanleg van de Parklaan in Sint-Gillis kwamen gemeente en Gewest overeen om het borstbeeld van generaal Tombeur te verwijderen. Tijdens WO I versloeg hij het Duitse koloniale leger in Tabora, waarbij duizenden Congolese dragers omkwamen. Ook hier vereist de vergunning dat de gemeente op de vrijgekomen plaats context geeft.
Mast voor Lumumba
Het begeleidingscomité gaf voorts advies bij de vergunningsaanvraag voor het kunstwerk Les Isolés van Nelson Louis dat de Stad Brussel wil neerzetten op het in 2018 gecreëerde Lumumbapleintje aan de Naamsepoort. Het werk moet tegenwicht bieden aan het omstreden ruiterstandbeeld van Leopold II aan de overkant. Drie hoge masten symboliseren de eerste Congolese premier Patrice Lumumba en zijn twee medewerkers die in januari 1961 werden vermoord. Onderaan zal de speech van Lumumba gegrift worden in beton.
Ook voor dit dekolonisatiemonument vroeg het begeleidingscomité om uitgebreide contextualisering. Behalve een analyse van de speech moet er uitleg komen over de drie slachtoffers, over het onderzoek naar de Belgische betrokkenheid bij de moorden, over de strijd voor de erkenning van Lumumba in het Brusselse straatbeeld en over de geschiedenis van de Matongewijk. De info zou allemaal via een QR-code beschikbaar moeten zijn.
In de entourage van de jonge Belgisch-Congolese artiest vraagt men zich af wie al die info zal verstrekken en hoopt men dat het niet tot extra vertraging leidt. Het kunstwerk had 2,5 jaar geleden ingehuldigd moeten worden, het kabinet van Anaïs Maes mikt intussen op 30 juni 2027.
Dekoloniseren, contextualiseren, het zijn heel trage processen, zo blijkt. “De enige plek in Brussel waar het actieplan intussen tot een zichtbaar resultaat heeft geleid, is het monument voor de Belgische pioniers in Congo in het Jubelpark”, zegt Landmeters. Het monument, dat de 'beschavingsmissie' van de eerste kolonisten verheerlijkt, werd in 2024 bij wijze van artistieke interventie een tijdlang omwikkeld met een zilverkleurig gordijn. Ook is er een tekstbord neergezet waarop alle scènes toegelicht worden.
©
Bart Dewaele
| Het ruiterstandbeeld van Leopold II aan Troon wordt nog regelmatig beklad, maar telkens weer netjes opgepoetst.
Wat er met het standbeeld van Leopold II aan Troon zal gebeuren, blijft onduidelijk. Het wordt nog steeds om de zoveel tijd beklad met tags of rode verf, maar telkens wordt het keurig opgepoetst. Een officieel bord met historische duiding ontbreekt. “De focus leggen op de meest emblematische gedenktekens compliceert de zaken”, heeft Landmeters geleerd. “Als je daarover begint, voel je meteen een blokkade. Op alle niveaus is er angst om iets te doen.”
Niet naar Lever House
Volgens het Brusselse actieplan moest ook de haalbaarheid worden onderzocht van een informatiecentrum over de dekolonisatie, een plek waar ook gedebatteerd kan worden over hoe een gedekoloniseerde samenleving eruit moet zien.
Voorts moest worden nagegaan of er een depot kan komen voor ongewenste monumenten en of een gedenkteken voor de slachtoffers van de kolonisatie mogelijk is. De drie kwesties werden ter studie toevertrouwd aan adviesbureau Idea Consult, dat begin dit jaar zijn verslag moest presenteren. Het wordt wellicht pas september
Ondertussen is wel al duidelijk dat het dekolonisatiecentrum geen onderdak zal krijgen in het Lever House in de Koningsstraat, zoals aanvankelijk was geopperd. Het Lever House was het prestigehuis van waaruit zeepfabrikant Lever begin vorige eeuw promotie voerde voor zijn palmolie-investeringen in Congo, een zeer symbolische plek dus. Maar het gebouw blijkt in slechte staat en is bovendien eigendom van de Franse Gemeenschap. In de studie wordt nu naar goedkopere opties gezocht, al in het bezit van het Brussels Gewest.
De focus leggen op de meest emblematische standbeelden compliceert de zaken. Als je daarover begint, voel je meteen een blokkade.
Historicus (UCL-Saint-Louis) en voormalig coördinator actieplan Dekolonisatie
Een ander actiepunt was het financieel ondersteunen van organisaties die werken rond herinneringseducatie en racisme, maar daarvoor bleek er geen geld te zijn. Ook het gevraagde onderzoek naar een officiële herdenkingsdag kwam niet van de grond.
Het actieplan is dus maar ten dele uitgevoerd. “We hebben de voorbereiding kunnen doen, maar voor mij begint dekolonisatie pas als er echt zichtbare resultaten zijn”, zegt Landmeters. Intussen is de financiering van het plan, die gold voor 2024-2025, afgelopen. Landmeters' contract stopte eind december. Ook het begeleidingscomité is ermee opgehouden, bij gebrek aan een nieuwe, duidelijke opdracht en budget.
Als laatste wapenfeit stuurde het comité in december een memorandum uit om de nieuwe Brusselse regering erop te wijzen dat het dekoloniseringswerk absoluut een vervolg moet krijgen. Bij een voortzetting zou er wel een groter en duidelijker budget beschikbaar moeten komen, aldus het comité. En de werking zou juridisch verankerd moeten worden.
Niet in regeerakkoord
Maar de nieuwe regering, nu met de MR erbij, nam het project dekolonisering niet op in het regeerakkoord en maakte er dus geen budget voor vrij. “Met dezelfde meerderheid als voorheen was er misschien wel een nieuw plan geweest”, zegt Landmeters.
Voorlopig ligt alles stil, aldus verschillende betrokkenen.
“Dit was te verwachten”, zegt Aliou Baldé van het collectief Mémoire Coloniale, die in het dekoloniseringscomité zat. “Wij worden vaker gevraagd in dergelijke commissies. Telkens wordt er een rapport met zinvolle aanbevelingen gemaakt, dat vervolgens niet uitmondt in concrete actie. Hier is zeker interessant werk geleverd, maar we hebben ook moeten vaststellen dat er op politiek vlak nog veel te doen valt. Zo blijven de liberalen hameren op de positieve aspecten van de kolonisatie.”
Baldé zegt voort te zullen werken aan de dekolonisering binnen zijn eigen organisatie.
Natuurlijk verontrust het mij dat de nieuwe Brusselse meerderheid de dekolonisering van de openbare ruimte niet meer als prioritair ziet.
Historica (ULB)
Ook Emile Luhahi, Brussels parlementslid voor Groen, is van plan om de komende weken samen met enkele middenveldorganisaties een project op te zetten. “Over goed drie jaar viert België zijn tweehonderdste verjaardag en het zou gek zijn als er dan geen aandacht is voor het koloniale verleden van het land.”
Binnen de Brusselse regering hoopt staatssecretaris Ans Persoons (Vooruit), die Pascal Smet opvolgde en het actieplan trok in de vorige bestuursperiode, nog één en ander uit de brand te kunnen redden.
Persoons is deze keer weliswaar niet bevoegd voor Stedenbouw. Die portefeuille ging naar Audrey Henry van MR, die onomwonden laat weten dat het dekolonisatieplan niet tot haar takenpakket behoort.
Ans Persoons heeft wel nog Erfgoed alsook Leefmilieu en Stadsvernieuwing. “Binnen die bevoegdheden willen we toch proberen om vooruitgang te boeken in het dekoloniseringsdebat”, zegt woordvoerder Alessio Papagni. “Het werk moet worden voortgezet.”
Zo wil de staatssecretaris over enige tijd aan de regering voorstellen om signalisatie en uitlegborden te plaatsen bij de koloniale sporen in de stad en wil ze werken aan een herdenkingstuin of monument in een park. Ze hoopt dat de andere regeringsleden geen stokken in de wielen zullen steken.
Het feit dat Persoons betrokken blijft en dat burgerorganisaties en ook gemeenten ermee willen doorgaan, geeft Yasmina Zian, die als historica (ULB) in het begeleidingscomité zat, de hoop dat het dekoloniseringsproces niet zal stilvallen.
“Natuurlijk verontrust het mij dat de nieuwe Brusselse meerderheid het niet meer als prioritair ziet. Na de politieke hype van 2020 is er een backlash, de conservatieve krachten remmen het proces af. Maar zelfs al vertraagt het ritme, het belangrijkste is dat de reflectie over het thema doorgaat, dat men erover blijft praten.”
Lees meer over: Brussel , Samenleving , Stedenbouw