Menu

Iets gezien in de stad? Meld het aan onze redactie

Site by wieni
Henri Heimans

Saskia Vanderstichele

| Eremagistraat Henri Heimans voor het ouderlijk huis van zijn vader in de De Lochtstraat in Schaarbeek.

Henri Heimans over het kampverleden van zijn ouders: 'Bij willekeur is alles mogelijk'

Steven Van Garsse
© BRUZZ
03/05/2026

Beide ouders van de bekende eremagistraat Henri Heimans zijn kampoverlevers maar de gruwel van de nazi’s kregen ze nooit van zich af geschud. Heimans ging op zoek naar wat er precies is gebeurd, een verhaal dat zich voor een groot deel in Brussel afspeelt. “Ik heb pas na haar dood begrepen waarom mijn moeder nooit meer een viool heeft aangeraakt.”

Heimans tekende zijn verhaal al op in het boek KZ-syndroom (2024), samen met Dirk Verhofstadt. Daarin vertelt de eremagistraat het bijna onwezenlijke verhaal van zijn ouders, die allebei tijdens WO II, onafhankelijk van elkaar, in een Duits kamp terechtkwamen en de gruwel overleefden.

Zijn vader, Genia Heimans, werd als jood via Breendonk naar Auschwitz gedeporteerd. Zijn moeder, Rie Goethals, zat in het verzet, werd opgepakt en overleefde het vrouwenconcentratiekamp Ravensbrück. Pas na de Tweede Wereldoorlog zouden de twee elkaar ontmoeten en met elkaar trouwen. En dan is er nog het verhaal van de overleden eerste man van zijn moeder, de joodse kunstenaar en communist Rudolf Schönberg, die deel uitmaakte van het Brusselse verzet. Die verhalen spelen zich voor een groot deel in Brussel af.

Het grootouderlijke huis van Heimans staat in de De Lochtstraat in Schaarbeek; samen met BRUZZ betreedt hij voor het eerst het pand. Hoewel grondig verbouwd, ademt het nog altijd het oorspronkelijke karakter. Zijn grootouders waren uit Rusland gevluchte joden die eerst in Gent en nadien in Schaarbeek een kousen- en sokkenhandel hielden. Zijn grootvader was nochtans apotheker, maar had als jood een beroepsverbod gekregen in het Russische rijk.

Eten bedoeld voor de varkens

Heimans' vader Genia vertelt over het huis in de De Lochtstraat in een onuitgegeven manuscript dat Henri heeft gelezen. Er werd thuis Russisch, Duits en Jiddisch gesproken. Genia Heimans zou er zijn tienerjaren doorbrengen, er in de buurt naar school gaan, maar er als wees eindigen. Genia vertelt in het manuscript hoe zijn vader er overleed aan een hartfalen in de jaren 1920, en hoe zijn moeder, ontroostbaar, zichzelf zou ophangen op de zolder.

Henri Heimans wil graag die zolder zien, maar dat is niet mogelijk. Ook vandaag nog, na de publicatie van zijn boek, wil hij tot in de puntjes weten wat er is gebeurd. Hij wil de plekken waar het gebeurde met eigen ogen zien. Waar zijn vader naar school ging, waar de eerste man van zijn moeder begraven ligt, hoe het kon dat zijn hongerige vader betrapt werd in Breendonk op het eten van voedsel bedoeld voor de varkens, en nadien zweepslagen kreeg.

Een bom in de piano

Heimans: “Ik was onderzoeksrechter. Toen ik het manuscript van mijn vader helemaal had gelezen, was hij al overleden. Ik wou alles verifiëren. Alle feiten controleren. Ik wou er zeker van zijn dat zijn verhaal niet was overdreven.”

De verhalen van zijn ouders zijn bijna onwezenlijk door de gruwel die ze allebei hebben meegemaakt. “Mijn moeder, nochtans een sterke en sportieve vrouw, was na wat ze heeft meegemaakt in Ravensbrück, een schim van zichzelf. Ze had geregeld zware migraine- en angstaanvallen. Ze was suïcidaal. Ik was, samen met mijn vader, een soort van mantelzorger voor haar.”

De moeder van Henri Heimans was een Nederlandse en via haar man, Rudolf Schönberg, in het communistische verzet actief. Zij was beroepsmuzikante en speelde viool in brasserie La Campagne op de Waterloosesteenweg. De Duitsers kwamen er graag, ze waren dol op Slavische muziek. Er is toen een bom ontploft, verstopt in de piano. Heimans heeft nooit geweten of zijn moeder, die na de oorlog zwijgzaam was, daar de hand in had.

Zijn moeder werd in Brussel opgepakt en belandde in 1942 in het vrouwenconcentratiekamp van Ravensbrück. Toen de nazi's in 1945 begrepen hadden dat ze de oorlog hadden verloren, werden nog snel enkele duizenden vrouwen vergast, maar er werden ook Arische vrouwen geselecteerd die 'vrij' werden gelaten en naar Zweden zouden worden gebracht. “Zweden was toen neutraal. Het Rode Kruis ving de groep op. Mijn moeder was daarbij”, vertelt Heimans.

Edvard Grieg

Heimans zou het dorp in Zuid-Zweden bezoeken waar ze in 1945 verbleef. Hij ontdekte daar, via een boekje dat hij er van het gemeentebestuur kreeg, dat zijn moeder toen nog de viool in de hand heeft genomen en er het ontroerende 'Solveigs Lied' van Grieg heeft gespeeld. De tekst gaat over het wachten op een geliefde. “Ik heb pas toen begrepen dat ze wachtte om haar man te kunnen zien”, zegt Heimans.

Pas vele maanden later zou ze vernemen dat hij, als verzetsman, door de Duitsers vermoord was in Schaarbeek, wellicht door ophanging. Heimans vertelt hoe zijn moeder nadien haar viool nooit meer zou aanraken.

Martelingen

Heimans is als onderzoeksrechter met het wrede leven geconfronteerd, maar wat zijn ouders hebben meegemaakt, valt bijna niet te vatten. De martelingen door de Gestapo, of in Breendonk, de gruwel van de kampen, de traumatische angsten die ze moesten doorstaan. Zijn vader heeft dat grotendeels kunnen verwerken, zijn moeder veel minder.

Instinctief voelde Henri Heimans als kind aan dat zijn ouders van alles hadden meegemaakt, maar ze deden er grotendeels het zwijgen toe.

Het trauma is ook intergenerationeel. Ook bij Henri Heimans zijn er littekens. “Dat heb ik begrepen toen ik voor het eerst in mijn leven naar de therapeut ging.” Zijn ouders hebben de verhalen die vandaag te boek zijn gesteld heel lang voor zich gehouden. Zijn vader ging het pas op hoge leeftijd opschrijven. Zijn moeder vertelde haast niets. Instinctief voelde Henri Heimans als kind aan dat ze van alles hadden meegemaakt.

Spotten met joden

Waarom zwegen ze? “Daar zijn verschillende verklaringen voor”, zegt Heimans. “Ik ben tot dat inzicht gekomen na gesprekken met andere kampoverlevers. Ouders willen hun kind sparen en zwijgen daarom. Een tweede reden is dat kampoverlevers nog altijd beter af zijn dan de miljoenen die uitgeroeid zijn. Ze vonden, misschien ten onrechte, dat ze geen recht van spreken hadden. En ten derde kwam er na de Tweede Wereldoorlog een periode van welvaart. Mensen wilden de oorlog vergeten. Het was dan not done om over de gruwel te spreken.”

En toch heeft Heimans het verhaal willen vertellen. Opzoekingen over wat zijn familie heeft meegemaakt, deed hij deels voor zijn kinderen, en blijft hij doen. De aanleiding voor het boek was de zaak rond Schild & Vrienden, die het VRT-programma Pano naar boven spitte. Heimans stelde zich burgerlijke partij en Dries Van Langenhove is intussen definitief veroordeeld.

“Hoe er gespot werd met joden en hoe wat de nazi's deden werd verheerlijkt, op een moment dat ik mijn familiegeschiedenis aan het verzamelen was voor mijn kinderen ... Ik kwam net terug uit Auschwitz. Dát heeft mij ertoe aangezet om er samen met filosoof Dirk Verhofstadt een boek over te schrijven. Op zoek naar de waarheid.”

Rechtsstaat

Hoe kan het dat mensen tot zulke daden in staat zijn? Voor Heimans heeft het met de rechtsstaat te maken. Pas als het systeem het toelaat, kunnen er excessen gebeuren. “Als er willekeur is in een samenleving, is alles mogelijk. Niet alleen in het nazisme was dat zo, maar ook tijdens het communisme van Stalin. Dat geldt evengoed vandaag. Kijk naar Iran, en, ja, ook naar Israël waar een genocide wordt gepleegd.”

Op 7 mei 2026 om 20u brengt Katelijne Billet in de Bib Sophia in Schaarbeek gedichten van Poolse vrouwen uit het kamp van Ravensbrück, met Anna Ciborowska op piano. De Schaarbeekse dichter en slaviste Jo Govaerts vertaalde de gedichten en verzorgt de inleiding. Henri Heimans doet het nawoord. Meer info via schaarbeek.bibliotheek.be

Henri Heimans komt zijn verhaal ook vertellen in de bibliotheek van Koekelberg. Maandag 4 en donderdag 7 mei, 9:00-10:00u, Gezusters Brontëplein 20. Gratis, inschrijven gewenst via: bibliotheek@koekelberg.brussels of aan de balie in de bib.