Maandagmiddag opent Linkup de deuren vlakbij metrostation Ribaucourt in Molenbeek. Het gaat om de tweede risicobeperkende gebruikersruimte voor drugs in Brussel. “Hier is nood aan, want een gebruikersruimte bestaat hier al: op straat.”
Beelden van de nieuwe gebruikersruimte aan Ribaucourt en een interview met Tania Dekens van Iriscare en een buurtbewoner.
Linkup ontvangt eerste drugsgebruikers aan Ribaucourt: ‘Vertrouwensband opbouwen’
Het heeft langer geduurd dan gepland, maar maandagmiddag om 12 uur zijn de deuren van Linkup geopend. Het Brussels Gewest had al langer plannen om een gebruikersruimte voor drugsverslaafden te openen aan Ribaucourt, maar tot nu toe werkte de gemeente tegen. Na een klacht van een buurtbewoner had de Raad van State de vergunning voor Linkup ook geschorst.
Er volgde al snel een nieuwe vergunning en ook met de gemeente werden de plooien gladgestreken. “Wij hebben lange gesprekken gehad met de gemeente over de voorwaarden om te mogen openen en er waren verschillende hindernissen”, zegt Brussels minister Alain Maron (Ecolo), binnen de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie (GGC) bevoegd voor Gezondheid en Welzijn. “Dit is een moeilijke wijk waar we dagelijks taferelen zien van gebruik in het openbaar. Dat zorgt voor een probleem van volksgezondheid en veiligheid.”
Die twee problemen moeten met Linkup aangepakt worden. Dat beseft nu ook waarnemend burgemeester van Molenbeek Amet Gjanaj (PS). “Drugsgebruik zorgt hier al dertig jaar voor overlast in de wijk. Aanvankelijk waren we niet overtuigd van de locatie van de ruimte, maar hier is wel degelijk nood aan, want de gebruikersruimte bestaat hier al: op straat.”
In de eerste plaats moet Linkup ervoor zorgen dat drugsverslaafden hun drugs, voornamelijk crack, niet meer in het zicht van buurtbewoners, reizigers en schoolgaande kinderen gebruiken. Dat lukt ook aardig bij Gate, het eerste centrum van dit type dat in mei 2022 openging in de Lemmonierwijk op grondgebied van de stad Brussel. Daar zijn op drie jaar tijd ruim 33.000 consumpties in de openbare ruimte vermeden. “Ik hoop dat we minstens 16.000 consumpties van straat kunnen halen”, aldus burgemeester Gjanaj.
'Cocaïne is overal'
Net als bij Gate zijn er bij Linkup verschillende partners betrokken. Naast het Gewest, Iriscare en de MIVB, zijn er de gemeente Molenbeek, het OCMW, de politie, vzw Move, Lama en Transit. Die laatste organisatie heeft al jaren expertise in de hulpverlening voor drugsverslaafden en is ook de uitbater van Gate.
“Daar zien we dat meer dan zes op de tien gebruikers uit de onmiddellijke omgeving komt”, zegt Bruno Valkeneers van Transit. Daarmee countert hij de kritiek dat een gebruikersruimte tot drugstoerisme zou leiden. “En hier zitten we in een wijk waar druggebruik historisch ingebed zit.” Cijfers van de Sublink-teams van de MIVB – die doen aan preventie op het metronet – tonen aan dat er ook effectief een probleem is aan Ribaucourt. Na Naamsepoort is dat het metrostation met het hoogste aantal interventies in het kader van Sublink.
“In Gate zien we dat acht op de tien bezoekers crack (een bewerkte vorm van cocaïne) gebruikt. Cocaïne is nu overal – er is een overaanbod – dus zien we ook veel crack. Maar we weten dat hier historisch ook een problematisch gebruik van heroïne is in de kanaalzone in Molenbeek”, weet Jerome Hoppe, sociaal werker bij Transit. De gebruikersruimte telt daarom niet alleen een gebruikersruimte om drugs te roken, maar er is ook een zaaltje waar drugs als heroïne ingespoten kunnen worden.
Dat gebeurt allemaal met steriel materiaal, en onder toezicht. “Crack wordt doorgaans gemaakt met ammoniak, maar dat is heel gevaarlijk”, aldus Hoppe. “Je kan het ook met bicarbonaat voorbereiden, maar veel gebruikers weten dat niet. Wij leggen hen uit hoe je het op die manier klaarmaakt en kunnen hen daarbij helpen.”
Gebruikers die zich aanmelden bij de gebruikersruimte moeten overigens zelf drugs bij hebben. Die moeten ze tonen aan het onthaal, voor ze effectief naar binnen mogen. “Zo willen we vermijden dat hier gedeeld of gedeald wordt. Het mag hier geen supermarkt worden. Daar zijn we heel attent op en er geldt een nultolerantie voor dealers”, aldus Hoppe. “Mensen mogen hier ook alleen maar naar binnen met drugs die een risico met zich meedragen. Cannabis gebruiken, is hier niet de bedoeling: het is geen voorziening voor recreatief gebruik.”
Zorgtraject
Wie zich voor de eerste keer aanmeldt bij het onthaal van Linkup gaat eerst op een soort van intakegesprek. Er wordt dan een dossier van de gebruiker aangemaakt, zij het anoniem. De bedoeling is dat het centrum zo laagdrempelig mogelijk werkt. “Er zijn geen administratieve voorwaarden, we vragen niet eens een identiteitskaart. De enige voorwaarden zijn: je moet volwassen zijn en een problematische gebruiker zijn”, legt Bruno Valkeneers uit.
Na dat gesprek kan de gebruiker plaatsnemen in een wachtruimte, voor hij of zij naar de effectieve gebruikersruimte mag. Zo zijn er drie ruimtes: één om te roken, één om te spuiten en één waar beide manieren van inname mogelijk zijn, maar enkel voor vrouwen. “Bij Gate zien we dat 12 procent van de gebruikers vrouwen zijn, maar we weten dat ze in feite met veel meer zijn”, aldus Valkeneers. “Met deze ruimte hopen we meer vrouwen aan te trekken, door hen een veiligere omgeving aan te bieden.”
In de ruimte waar de drugs gebruikt worden, mogen mensen maximaal een halfuur blijven. Vervolgens kunnen ze terecht in een rustruimte, waar ze zo lang het centrum open is, kunnen ontspannen. Op de tweede verdieping zijn er nog consultatieruimtes van vzw Lama, dat zowel medische al sociale begeleiding voorziet.
“De bedoeling van Gate is niet gewoon om drugs op een veilige manier te gebruiken, maar om een zorgtraject op te bouwen. Dan is het ontzettend belangrijk om een vertrouwensband op te bouwen. Dat is waar we heel de tijd mee bezig zijn: links leggen”, gaat Valkeneers verder. “Bij Gate zien we dat zeventig procent van de gebruikers dakloos is en vijftig procent op straat leeft. Vier op de tien heeft nog nooit een sociaal assistent of een dokter gezien.”
Net als bij Gate kunnen bij Linkup dus de eerste stappen naar een herstel gezet worden. Het gaat dan bijvoorbeeld om het op orde zetten van de administratieve situatie van de gebruiker. “Afkicken is met sociale zekerheid al moeilijk genoeg, maar zonder je identiteitskaart kan je gewoon niet aan een afkicktraject beginnen.”
Noodopvang
In een eerste fase gaat Linkup open op maandag van 12 tot 17 uur en van dinsdag tot en met vrijdag van 10 tot 17 uur. In een latere fase moet Linkup ook noodopvang bieden en zullen er 24 druggebruikers tot 48 uur kunnen doorbrengen. “We hopen dat dat voor de winter van 2026 mogelijk zal zijn. De werken aan de tweede, derde en vierde verdieping gaan daarvoor van start”, zegt Tania Dekens, leidend ambtenaar bij Iriscare.
Valkeneers: “Hoe langer wij de mensen bij ons kunnen houden, hoe langer wij aan hun situatie kunnen werken. Als je genezen bent, maar daarna terug op straat belandt, gaat al het werk verloren. Huisvesting is daarom van primordiaal belang.”
“Er is een ontzettend hoge nood aan bedden voor daklozen”, gaat collega Jerome Hoppe verder. “De problematiek van druggebruik wordt erger, omdat er steeds meer mensen op straat leven. Mensen vertellen me dat ze crack gebruiken om hun situatie te vergeten, om de honger te vergeten. Crack helpt hen te overleven.”
Lees meer over: Sint-Jans-Molenbeek , Samenleving , LinkUp , druggebruikers , gebruikersruimte , crack , Ribaucourt , transit
Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.