Tien jaar na de aanslagen op Zaventem en Maalbeek blikt BRUZZ terug op de impact en nasleep van 22 maart. Vandaag: Mohamed El Bachiri. Hij verloor tien jaar geleden zijn vrouw, Loubna Lafquiri, in de metro-aanslag op Maalbeek. Vandaag geeft hij een exclusieve inkijk in zijn geest: “Ik wil niet voor altijd vastzitten in een permanente status van slachtoffer.”
©
Bart Dewaele
| Mohamed El Bachiri
De koffiemachine in café De Walvis draait overuren op een grijze, doordeweekse dinsdagnamiddag in februari. Buiten staan wagens aan te schuiven bij de Vlaamse Poort. Af en toe passeert een tram om een lading passagiers te lossen.
Mohamed El Bachiri wandelt De Walvis binnen. Hij heeft net zijn auto om de hoek geparkeerd. Sinds zijn grote liefde Loubna Lafquiri op 22 maart 2016 omkwam bij de aanslag in metrostation Maalbeek, vermijdt hij de metro. El Bachiri oogt anders dan op de coverfoto van zijn boek Een jihad van liefde. Hij is ouder geworden; hij heeft een volle baard waar grijze haren door groeien. In 2017 schreef hij in Een jihad van liefde, samen met David Van Reybrouck, zijn verdriet van zich af door te pleiten voor verzoening en vrede als antwoord op het onwerkelijke verlies van zijn echtgenote. Met meer dan honderdduizend verkochte exemplaren werd het boek een megasucces dat tot ver over de landsgrenzen resoneerde. Er volgden vertalingen in het Frans, Duits en Engels, een tweede boek (De odyssee van Mohamed in 2019), twee theatervoorstellingen, bekroningen en tal van uitnodigingen voor evenementen en interviews.
©
Bart Dewaele
| "De jihad van de liefde houdt mij overeind. Het laat mij toe om te blijven geloven in het positieve en het menselijke.”
Vandaag, bijna een decennium na die fatale lentedag, ontvangt El Bachiri nog altijd talloze interviewaanvragen nu “de verjaardag” van de aanslagen nadert. “Ik weiger veel, omdat het simpelweg te zwaar is”, legt hij uit. “Telkens opnieuw moeten vertellen hoe die dag was, haalt alles weer naar boven. Ik heb juist de behoefte om niet voor altijd vast te zitten in een permanente status van slachtoffer.” Voor BRUZZ wil hij een uitzondering maken.
Getekend voor het leven
El Bachiri bestelt een flesje plat water dat hij voorlopig onaangeroerd laat; het is immers ramadan en de avond is nog niet gevallen. Hoe zou hij zichzelf vandaag beschrijven? “Ik ben een man die getekend is door het leven, iemand die vecht tegen de schaduwen van een trauma. Soms heb ik periodes van depressie; soms scherm ik mezelf af om me tegen die herinneringen te beschermen, maar de jihad van de liefde houdt mij overeind. Het laat mij toe om te blijven geloven in het positieve en het menselijke.”
Op 22 maart 2016 sliep El Bachiri uit. Zijn echtgenote Loubna was die dag met de metro onderweg naar haar werk als sportlerares. El Bachiri, die toen werkte als metrochauffeur, werd gewekt door een sms van een bezorgde vriendin die vroeg of alles oké was: er had een explosie plaatsgevonden in station Maalbeek. Toen hij zag dat de telefoon van zijn vrouw om 9.10 uur de verbinding had verloren, wist hij onmiddellijk dat het ondenkbare was gebeurd.
Ondanks de wrede wijze waarop de moeder van zijn drie kinderen uit hun leven werd gerukt, predikte El Bachiri na de aanslagen menselijkheid en empathie. Geen religieus dogmatisme, geen demonisering. Sinds 2016 is de wereld echter ingrijpend veranderd: de mondiale orde staat op losse schroeven en polarisatie voert de boventoon. Dat erkent ook El Bachiri: “Het drama van de huidige politieke polarisatie is dat de islam en het moslim-zijn steeds vaker worden gebruikt om mensen tegen elkaar op te zetten. Voor sommigen is de islam een monolithisch probleem. Dat is geen dialoog, dat is een vonnis.”
“Opgroeien zonder moeder tekent je; je bent vanaf het begin anders”
Waar komt die polarisatie vandaan? Waarom gedijt ze zo goed? Volgens El Bachiri kan het gereduceerd worden tot de angst die ieder voelt in onzekere tijden: “Angst is het ultieme controlemiddel. Of het nu gaat om de oorlog in Oekraïne of het Israëlisch-Palestijnse conflict: machthebbers regeren door dreiging te cultiveren. Wanneer je angst hebt, zoek je instinctief naar een sterke figuur, hoe irrationeel die ook is. Religieus extremisme en politieke angst vreten onze empathie op. De enige manier om hieruit te komen, is door te weigeren om mee te gaan in die logica van ‘wij tegen zij’ en de menselijke tragiek aan beide kanten te blijven zien.”
Volgens El Bachiri gaat die polarisatie heel ver: “Het schokt me dat zelfs de dood gepolariseerd wordt. Als een linkse extremist sterft, haalt rechts de schouders op en omgekeerd. Zodra we de dood van een ander gaan relativeren op basis van zijn overtuiging, verliezen we onze eigen menselijkheid.”
Imams 2.0
Daarom is ook de visie van El Bachiri mee geëvolueerd met de tijdgeest: “Mijn jihad is nog gerichter geworden in de zoektocht naar menselijkheid. Ik voer een strijd tegen geweld en dat begint bij het deconstrueren van heilige teksten.”
Die kritische geest probeert hij nu over te dragen op scholen: “Kinderen zijn fantastisch. Ze zijn aandachtig, ze denken na en ze lijken opgelucht om eens een ander geluid te horen. Vaak krijgen ze thuis of elders te horen: ‘Dit mag je niet zeggen, want het is nu eenmaal zo.’ Ik zeg hen: ‘Nee, luister naar jezelf en denk na. Als iets niet goed voelt, mag je het er oneens mee zijn.’ Kinderen bezitten die natuurlijke eerlijkheid en het is prachtig om dat aan te raken.”
©
Bart Dewaele
| Mohamed El Bachiri
Volgens El Bachiri is er nood aan weerwerk, zeker nu ‘imams 2.0’, zoals hij ze noemt, jongeren overladen met extremistisch gedachtegoed op TikTok: “Ze bestoken hen via dat platform met problematische teksten. Als we hun kritische geest niet ontwikkelen, nemen ze die boodschappen klakkeloos voor waar aan.”
Een strijd voor de kritische geest van jongeren is voor El Bachiri ook een strijd voor zijn Brussel: “De reputatie van Brussel lijdt onder de zware georganiseerde misdaad die vandaag aanwezig is. Dat creëert een triest soort fatalisme bij de jeugd. Veel jongeren denken: ‘Ik kom uit deze wijk, de wereld kijkt zo naar mij, dus dit is wie ik ben.’ Die reputatie is een gevangenis geworden.”
Een tweede wond
Zelf heeft El Bachiri drie zonen. De jongste, slechts twee toen hij zijn moeder verloor, is vandaag een prille puber. Wanneer het over zijn gezin gaat, wordt hij stiller: “Opgroeien zonder moeder tekent je; je bent vanaf het begin anders. Voor mijn kinderen blijft die wond diep aanwezig. Momenten zoals Moederdag zijn nog altijd ondraaglijk. Ze beschermen mij door hun pijn te verbergen. We lachen en we gaan vooruit, maar de wond is er.”
Een wond die in de nasleep van de aanslagen nog dieper werd: El Bachiri voelde zich in de steek gelaten door de overheid. “De Belgische staat heeft gefaald. We stonden er alleen voor. Ik was als enige verantwoordelijk voor mijn kinderen, terwijl ik zelf mentaal vernietigd was. De bureaucratie veroorzaakte een extra laag geweld.” Zelfs nu is hij nog verwikkeld in een juridische strijd: “De vergoedingen komen druppelsgewijs, maar ik had die steun tien jaar geleden nodig, op het moment dat ik mijn leven met mijn kinderen opnieuw moest organiseren. Ik wil vandaag gewoon een ouder zijn, geen professioneel slachtoffer.”
“22 maart herdenken is iets wat we met heel België delen, maar wij missen Loubna elke dag.”
Ook het assisenproces in 2023 bood weinig troost: “Ik verwachtte niet veel van het proces. Waar ik echt op hoopte, was een sprankje gewetenswroeging bij de daders, maar bij sommigen was dat er simpelweg niet. Ik heb zelf niet aan het proces deelgenomen. Zeven jaar na dato was het risico op een nieuwe depressie te groot. Ik heb kinderen; ik moest hen en mezelf beschermen. Het proces voelde bovendien te veel als een spektakel waar wij als slachtoffers niet op zaten te wachten.”
Het laatste woord
Dit jaar zal El Bachiri zich op 22 maart met zijn kinderen terugtrekken bij de gedenksteen voor Loubna in Molenbeek. “22 maart herdenken is iets wat we met heel België delen, maar wij missen Loubna elke dag.”
Terwijl de tram buiten nog een lading passagiers lost, valt de schemering over het kanaal. El Bachiri neemt een eerste slok water wanneer hij vertelt waarom hij tegen zijn eigen intuïtie in toch ‘ja’ zei tegen dit interview: “Ik wil mensen niet achterlaten met enkel verdriet; ik wil dat ze na het lezen van dit gesprek de behoefte voelen om de ander op te zoeken. Daar gaat het mij om: dat mensen weer met elkaar praten. Als we herdenken, moeten we het licht opzoeken. We zijn broers en zussen van elkaar: of je nu gelooft in God of in het niets, dat is niet wat telt. Dat is ons antwoord aan de terroristen: zij wilden hun waarheid opleggen, maar onze waarheid is dat we ondanks al onze verschillen samenblijven. Zo eer ik Loubna. Zij was iemand die mensen verzoende, die van iedereen hield. Door dat licht door te geven, zorg ik dat zij het laatste woord heeft.”
In 2020, vier jaar na de aanslagen, sprak BRUZZ ook met El Bachiri.
Lees meer over: Brussel , Samenleving , 10 jaar na de aanslagen , Mohamed El Bachiri , aanslag metrostation Maalbeek , Loubna Lafquiri , Een jihad van liefde