Menu

Iets gezien in de stad? Meld het aan onze redactie

Site by wieni
Reportage

Overleven in een tentje: ‘Een echte woning huren is te duur’

Eva Christiaens
© BRUZZ
08/04/2026

Ivan Put

| Een man stapt uit een tent in het centrum van Brussel tijdens de nationale betoging van 12 maart dit jaar.

Een klein tentenkamp in Anderlecht, hutjes van golfplaten en zelfs klein meubilair of decoratie aan huis. De Brusselse straatslaper heeft vandaag niet langer enkel een matras. Een overlevingsstrategie, zeggen experts, die nu ook uitdijt naar minder zichtbare gebieden in de stadsrand of in parken. “Dit zijn uitingen van een totaal ontplofte woningmarkt”

Zowat tien tenten staan nu al opgesteld onder de Ring in Anderlecht, ter hoogte van tramhalte Marius Renard. De meeste staan twee per twee aan de brugpijlers, soms met een klein tafeltje bij. “Het is droog en al bij al veilig. Wij zijn hier nu drie weken”, vertellen twee Roemenen. Ze werken in de bouwsector en worden dagelijks opgepikt voor klusjes in het hele land. Hun tentjes staan dan ook vlak bij de opritten van de Ring rond Brussel.

“We worden vaak naar Gent of Brugge gereden. Van onze vorige aannemer kregen wij onderdak aangeboden, maar bij deze job niet meer. Huren is duur. En er zijn nu eenmaal heel veel migranten in Brussel”, zegt de 48-jarige Emilian, die daardoor naar eigen zeggen buiten de opvang valt. Hij deelt zijn minikamp nu met de 54-jarige Adrian: ze vertrekken samen naar de wasserette. “We doen niemand kwaad, gebruiken geen drugs en gaan iedere dag werken. Daarom mogen wij hier blijven”, zeggen ze.

Dit tentenkamp is redelijk nieuw, zo bevestigt burgemeester Fabrice Cumps (PS) van Anderlecht. “Mogelijk gaat het om een verplaatsing van een vorig kamp aan de Maurice Carêmelaan”, zegt die, al kwam er nog geen officiële melding of identificatie. “Die mensen mogen daar niet blijven, maar helaas zijn wij voor een ontruiming gebonden aan strikte procedures. En telkens als wij een kamp ontruimen, duikt er weer een ander op.”

“We doen niemand kwaad, gebruiken geen drugs en gaan iedere dag werken. Daarom mogen wij hier blijven”

Emilian

Leeft in een tentje langs de Ring

Het zijn inderdaad lang niet de enige tenten in Brussel. Langs de E40 in Schaarbeek verblijven, ondanks de ontruiming van een groot Romakamp daar in 2024, nog altijd verschillende mensen in een tent. Op de Vuurkruisenlaan in Neder-over-Heembeek duiken geregeld tentjes op in de middenberm, net als in bosstroken aan het moeras van Evere, Jette of her en der in andere parken. In het park van Vorst kampeerde één man afgelopen winter zelfs met een eigen bewakingscamera tegen hinder. Hij is inmiddels vertrokken. Net zo goed zie je aan metrostation Belgica, de Gesùkerk in Sint-Joost-ten-Node, bushalte Buedts in Etterbeek of middenin de bouwwerf aan het Saincteletteplein langdurige 'hutjes' van paraplu's, regenbaches of golfplaten.

“Ik woon al zeven maanden op deze plek met mijn vriendin”, vertelt een Algerijnse man van 35 aan Sainctelette. Hij heeft er een beschutting van geel-blauwe werfhekken gebouwd en het dak vol dekens gelegd. Buiten staat nog een waterkoker tussen een hoop afval. “Wij willen gewoon een mooi leven”, zegt zijn Tunesische kameraad die op bezoek is. Hun verhaal blijft flou, maar het is dan ook niet eenvoudig om de bewoners van deze tenten of hutten aan te spreken.

BRZ 20260408 1974 COVER tentje

Ivan Put

| Hulporganisatie Samusocial ziet in heel Brussel een verschuiving van de tentjes of hutten naar gebieden met minder passage.

Afgelopen donderdag ruimde Leefmilieu Brussel nog een hutje op aan het Wiels-­moeras, omdat iemand die er maandenlang sliep uit eigen wil zou zijn vertrokken. Andere daklozen rond het moeras betwijfelen dat. “Ons terreinpersoneel heeft geen melding gemaakt van nieuwe bewoners op die plek. Mocht er toch iemand aanwezig zijn, laten wij het hutje met rust”, zegt Lynn Tobback, woordvoerster van Leefmilieu Brussel. De administratie heeft geen dwangbevoegdheid om buitenslapers of tentbewoners uit hun parken te verwijderen. Dat is voer voor de politie en betrokken burgemeester. En die schieten dan weer pas in actie na klachten van de burger, of bij verstoring van de openbare orde of netheid.

Fotokaders aan de muur

“Hier wonen zeker nog twee andere mensen”, vertelt Issah aan het moeras van Wiels. De dertiger woont er met zijn broer Mohammed in een houten schutting, een tiental meter verder van de andere, verlaten hut. De twee verblijven daar al anderhalf jaar, zeggen ze. Hun woning bestaat uit wat planken tegen een betonnen nis, maar is buiten opvallend versierd met vogelhuisjes, windklokken en zelfs een gitaar. Binnen siert een even bonte verzameling schelpen, nummerplaten en fotokaders de muren. Er is zelfs een keukentje gebouwd. “Iedereen respecteert ons. Een echte woning huren is gewoon veel te duur”, zegt Issah.

De broers hebben mogelijk geluk dat het burgercollectief achter het Wiels-moeras hen goed gezind is. Hun huisje doet wat denken aan dat van de Chinese vluchteling uit Laken, die in januari het nationale nieuws haalde met de chalet die hij had gebouwd op een terrein bij Thurn & Taxis. “De lichtjes vond ik op straat, het zonnepaneel kreeg ik van goede mensen”, vertelde hij toen over zijn verwarmde woning. “Elke avond kijk ik met mijn vrouw en kind naar televisie.” Ook hij mag daar voorlopig blijven met zijn gezin. Alleen lijkt die gedoogsteun in schril contrast te staan met de eerdere opruiming van vluchtelingententjes of grotere Romakampen elders in de hoofdstad.

BRZ 20260408 1974 TENTJES wielsmoeras2

Ivan Put

| In de ‘woning’ van de broers Issah en Mohammed aan het moeras van Wiels siert een bonte verzameling schelpen, nummerplaten en fotokaders de muren.

“Dit soort geïmproviseerde nederzettingen verschilt sterk per gemeente en geval per geval”, reageert Brussels minister voor Sociale Zaken Ahmed Laaouej (PS). “De aanpak zal nooit dezelfde zijn voor een 'familiaal' kamp met twaalf personen, of een kamp met meerdere tientallen tenten. Maar het blijft aan de burgemeesters om, in samenspraak met hun politiezone en met hulpverleners, gepaste actie te ondernemen.” Zelf wil Laaouej zijn mening niet kwijt over de aanwezigheid van tientallen tenten in de stad. Hij belooft wel dat zijn administratie Bruss'Help een plan zal opstellen voor buitenslapers, onder meer in de stationsbuurten.

Alleen leidt net die lokale verantwoordelijkheid volgens experts én burgemeesters tot verwarring. “De nieuwe tenten onder de Ring in Anderlecht staan op een gewestelijk terrein van Brussel Mobiliteit, maar toch moet ik als burgemeester een ontruiming in gang zetten”, zegt Fabrice Cumps bijvoorbeeld. “Zolang de federale overheid haar verantwoordelijkheid niet opneemt, blijven we het probleem simpelweg verplaatsen.” Vanwege Vorst zegt burgemeester Charles Spapens (PS) dat de hut aan het Wiels-­moeras bekend is bij hun sociale diensten. “Natuurlijk blijft kamperen overal in Brussel verboden, maar zolang er geen betaalbare huuroplossingen zijn, zitten wij gewrongen. Ik vrees een toename van dit soort hutten”, zegt Spapens. Hulporganisatie Samusocial ziet in heel Brussel tot nu toe nog geen toename, maar vooral een verschuiving van de tentjes of hutten naar gebieden met minder passage.

Daklozentelling

“Onze mobiele teams merken niet per se dat meer mensen zich nu langer of vaker in tenten installeren dan vroeger. We zien wél dat die mensen het stadscentrum vaker inruilen voor meer afgelegen plekken”, zegt Samusocial-woordvoerster Marie-Anne Robberecht. Het gaat dan om gemeenten langs de gewestgrens, maar ook bosstroken en minder zichtbare gebieden.

Ook daar is kamperen in de regel verboden, zo herinnert Leefmilieu Brussel, maar in de praktijk zullen hun parkwachters eerst dialoog verkiezen en die mensen doorverwijzen naar de sociale diensten. Een goed zicht op de totale groep tentslapers heeft de Brusselse regering evenwel niet. De laatste daklozentelling van 2024 vond bijna duizend personen die in de openbare ruimte overnachtten, maar een heel deel daarvan sliep in metro- of treinstations en niet per se in een tent. Op een nieuwe telling is het wachten tot oktober dit jaar.

Zeker is wel dat het aantal tenten niet uitsluitend is terug te dringen met meer noodopvang. “Slapen in tenten, tuinhuisjes, garageboxen of lege caravans is een overlevingsstrategie. Het is vaak de laatste oplossing voor wie zich niet veilig voelt in de noodopvang”, zegt Koen Hermans, professor sociaal beleid aan de KU Leuven. “Daar slaap je samen met onbekenden in een grote ruimte, kunnen je spullen gestolen worden en kom je in aanraking met mensen met psychische kwetsbaarheden.” Ook de man in het park van Vorst verklaarde vorige maand dat hij zich onveilig had gevoeld in de reguliere opvang. “Een tent of hut dient om buitenslapen te vermijden, want daarbij is iemands veiligheid voor alle duidelijkheid echt wel bedreigd”, zegt professor Hermans. Hij ziet die toename van tenten of hutten ook in andere Europese grootsteden. “Het zijn uitingen van een totaal ontplofte woningmarkt.”

Wel is er een duidelijke verschuiving aan de gang, zegt hij, zoals Samusocial al meldde. “Dat hebben we in het verleden ook gezien in Antwerpen: zodra het beleid in de stad strenger wordt, trekken mensen naar de minder zichtbare rand. Meer concreet in Brussel is zo'n verschuiving onderzocht en gevonden voor bedelaars”, zegt professor Hermans. GAS-boetes, alcohol- of bedel­verboden in het toeristische centrum of winkelstraten kunnen ook tot zo'n verschuiving bijdragen. “Veel steden proberen hun imago op te poetsen met zulke boetes. Toch is in Brussel, met name in de stationsbuurten, nu wel een heel extreme vorm van overlastbestrijding aan de gang”, vindt hij.

Hermans verwijst naar de grote opruimacties in het Zuidstation van vorig jaar. “Die waren extreem en hebben de dakloosheid niet verholpen, integendeel. Dat Roemeense bouwvakkers in een tentje in Anderlecht slapen, toont gewoon dat onze arbeidsmarkt mensen naar hier lokt voor goedkoop werk zonder enige omkadering.”

“In de Brusselse stationsbuurten is een extreme vorm van overlastbestrijding bezig”

Koen Hermans

Professor sociaal beleid (KU Leuven)

Het stemt hem dus weinig hoopvol dat de nieuwe Brusselse regering, net als de federale, weer streng wil inzetten op diezelfde stations. Volgens minister Laaouej zal de daklozen­administratie daarbij zeker betrokken worden. “Bruss'Help zal een sociaal plan coördineren rond de stations om een evenwicht te verzekeren tussen opvang en sociale cohesie in de wijken”, zegt Laaouej. Hij belooft in een latere fase nog concrete voorstellen te doen rond dakloosheid op straat: die moeten deel uitmaken van een overkoepelend plan tegen dakloosheid. “Of iemand nu in een tent slaapt of niet, wij zullen iedereen op dezelfde manier proberen te helpen”, zegt Samusocial.

Onder de Ring in Anderlecht hebben de Roemenen die hulp nog niet gezien. Als de fotograaf in de vooravond terugkeert, zijn ze brandnetelsoep aan het koken – “boordevol ijzer” – en vertelt Emilian dat hij vijftien jaar als VN-blauwhelm heeft gewerkt. Met zijn pensioen alleen komt hij niet toe om zijn familie te onderhouden. “Ik slaap hier enkel om de dure huur te ontlopen”, zegt hij.

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

Lees meer over: Anderlecht , Brussel , Vorst , Samenleving , dakloosheid , Samusocial , tentenkamp , Koen Hermans , wooncrisis