Tien jaar na de aanslagen van 22 maart 2016 heeft Christelle Giovannetti, een van de overlevenden van de aanslag in het metrostation Maalbeek, ervoor gekozen om een rechtstreeks gesprek aan te gaan met een van de veroordeelde daders. Ze heeft Mohamed Abrini in de gevangenis ontmoet in het kader van herstelrecht.
Tien jaar na de aanslagen van 22 maart 2016 heeft Christelle Giovannetti, een van de overlevenden van de aanslag in het metrostation Maalbeek, terrorist Mohamed Abrini in de gevangenis ontmoet in het kader van herstelrecht.
Overlevende van Maalbeek ontmoet dader Mohamed Abrini in de gevangenis
Herstelrecht houdt in dat slachtoffers en daders de mogelijkheid krijgen om te delen met elkaar hoe het misdrijf hen heeft beïnvloed.
Het eerste gesprek van Giovannetti vond plaats kort na het proces, via de vzw Médiante. Dat is een vereniging die slachtoffers en daders van misdrijven met elkaar in contact brengt.
Daarna sloot ze zich ook aan bij het collectief 'Retissons du lien', dat onder meer slachtoffers van aanslagen en de families van mensen die zich hebben aangesloten bij het jihadisme samenbrengt. De groep organiseert ontmoetingen, ook in gevangenissen. “Het is een proces dat maandenlang wordt voorbereid, zodat het in alle rust kan verlopen”, legt Giovannetti uit.
Spanning
Op de dag zelf is de spanning voelbaar. “Op de parkeerplaats van de gevangenis vroeg ik me af wat ik daar deed.” Ondanks deze twijfel besluit ze door te zetten. “Toen we elkaar voor het eerst zagen, was hij nerveuzer dan ik”, vertelt ze. Uiteindelijk brachten ze de middag samen door met praten. De jonge vrouw benadrukt dat dit gesprek niet bedoeld was om vergeving of excuses te vragen. “Ik wilde gewoon begrijpen.”
Het gesprek ging vooral over hun levensloop en de zeer verschillende wegen die ze hebben bewandeld. “We zijn even oud en zijn opgegroeid in samenlevingen die niet zo ver uit elkaar liggen. Ik in Frankrijk, hij in België, en toch hadden we op een gegeven moment uiteenlopende visies op het leven”, merkt ze op. Samen praten ze over hun jeugd en hun familie. “We beseffen dat we ook overeenkomsten hebben: we hebben allebei een broer of zus verloren.”
Man met het hoedje
Mohamed Abrini, bijgenaamd “de man met het hoedje”, werd op 22 maart 2016 gefilmd op de luchthaven van Zaventem naast de twee zelfmoordterroristen die zichzelf opbliezen. Daarna sloeg hij op de vlucht. Hij werd schuldig bevonden aan deelname aan de activiteiten van een terroristische groepering bij de aanslagen in Brussel en Parijs. Hij werd in België veroordeeld tot 30 jaar gevangenisstraf, met vijf jaar ter beschikking van de strafuitvoeringsrechtbank.
Christelle heeft kortgeknipt bruin haar en een zachte, rustige stem. Soms pauzeert ze even voordat ze vragen beantwoordt. Ze beschrijft Abrini als een man “die veel praat, veel nadenkt, ontwikkeld is en enorm veel leest” en die volgens haar afstand heeft genomen van zijn levensloop.
"Als je oog in oog met iemand staat in een kamer, kun je niet om de mens heen. Je kunt niet meer zeggen dat het monsters zijn die totaal anders zijn dan wij“, vervolgt ze.
Verantwoordelijkheid
Volgens haar neemt Mohamed Abrini vandaag de verantwoordelijkheid voor zijn daden. ”Hij is iemand die veel spijt heeft van wat hij heeft gedaan en die zijn verantwoordelijkheid neemt. Hij ziet de dingen anders. Hij heeft veel geleerd en blijft in die richting werken."
Voor haar stond de ontmoeting los van de uitspraak door de rechtbank. “De rechter heeft zijn vonnis geveld. Dat is een feit. De samenleving heeft haar rol vervuld. Ik wilde begrijpen wat er schuilgaat achter de cel, achter de ideologie en achter het levensverhaal van een persoon.”
Deze gesprekken blijven, benadrukt ze, een vrijwillig initiatief. “Hij (Abrini, red.) is bang dat mensen denken dat gedetineerden dit soort stappen ondernemen om hun straf te verminderen, terwijl dat niet eens in hun dossier staat.”
Tegenwoordig gaan hun gesprekken vaak verder dan alleen de aanslagen. “Soms zijn het bijna filosofische beschouwingen over het leven en over de manier waarop we samen iets kunnen opbouwen”, voegt Giovannetti eraan toe.
Voor haar heeft deze dialoog ook voor vooruitgang gezorgd. “Ik heb innerlijke rust gevonden. Ik heb het boek niet volledig dicht dichtgeklapt, maar ik heb een bladzijde kunnen omslaan.”
Lees meer over: Brussel , Samenleving , 10 jaar na de aanslagen , aanslag 22 maart 2016 , Mohamed Abrini