Naast Brussel-Stad is Sint-Gillis de enige Brusselse gemeente die een stadhuis, of in het Frans een ‘Hôtel de Ville’, heeft. En dat zonder ooit een stad te zijn geweest. De reden: een bijzonder gebouw dat ooit op het grondgebied stond.
Sint-Gillis heeft gerekend op een zijpoortje om het burgerhuis een stadhuis te mogen noemen.
BIG CITY. Waarom mag Sint-Gillis als enige gemeente haar gemeentehuis een stadhuis noemen?
"Waarom mag Sint-Gillis als enige haar gemeentehuis een stadhuis noemen?"
"Het toont hoe trots de inwoners van Sint-Gillis altijd op hun gemeente zijn geweest", vertelt de peetvader van Sint-Gillis himself, PS-burgemeester Jean Spinette. "Officieel geen stad zijn, maar toch kiezen voor de benaming stadhuis", zegt hij lachend.
Of een plaats uitgroeide tot een stad kon vroeger verschillende redenen hebben. Bijvoorbeeld omdat er een belangrijk gebouw op het grondgebied van een dorp of gemeente stond, zoals een kasteel of een andere residentie van een machthebber. Maar evengoed omdat het bevolkingsaantal van een dorp of gehucht in een paar jaar exponentieel steeg.
Voor Sint-Gillis had die laatste piste een valabele reden kunnen zijn. De gemeente was namelijk vroeger een gehucht dat ‘Obbrussel’ heette. Letterlijk genoemd dus naar waar het gehucht zich bevond, in een hoger gelegen deel, ten opzichte van Brussel-Stad. In de dertiende eeuw dikte het bevolkingsaantal van het dorpje dermate aan dat het van gedaante wisselde en de gemeente Sint-Gillis werd: de voorstad van Brussel in het zuiden.
Maar hoewel de bevolking in de eeuwen nadien maar bleef toenemen, tot ongeveer 50.000 vandaag, is Sint-Gillis nooit een stad geweest. Het heeft zich het privilege toegeëigend om het burgerhuis onofficieel een stadhuis te noemen. "De reden is het Fort van Monterey", vertelt Spinette. "Dat stond niet ver van wat we nu kennen als het Sint-Gillisvoorplein".
Fort van Monterey
In de zeventiende eeuw kwam op de plaats waar je nu nog steeds de Fortstraat vindt het Fort van Monterey. Het was zes hectare groot. Dat de muren zes meter dik en zeven meter hoog waren, had een goede reden. Het fort diende om de stad langs de zuidkant te beschermen voor de vijand. In het gebouw vond je ook een gevangenis, commandogebouw en kazerne.
De verleden tijd is hier van toepassing, want de laatste delen van het fort verdwenen in 1862. Je vindt er nu niets meer van terug in het straatbeeld. Maar het stadhuis dankt zijn benaming wel nog steeds aan het fort. De gemeente vond dat met een fort op haar grondgebied, ze het privilege had om haar gemeentehuis zo te mogen noemen.
(Lees verder onder de foto)
©
hemels.brussels
| Stadhuis van Sint-Gillis, ingehuldigd in 1904
Het was destijds nog niet het prestigieuze stadhuis waar we nu binnenwandelen op het Maurice Van Meenenplein. Dat werd pas ingehuldigd in 1904. De eerstesteenlegging van het gebouw valt trouwens gemakkelijk terug te vinden. Onderaan rechts van de ingang ligt een stuk beton met daarop geschreven ‘eerste steen’. Het gerucht doet de ronde dat er in die steen oude munten en plannen van het gebouw gegoten zijn. Een stadhuis om mee uit te pakken dus.
Zelf ook een vraag voor Big City? Stel hem hier
Lees meer over: Sint-Gillis , Stedenbouw , BIG CITY: het archief , stadhuis , Jean Spinette , Van Meenenplein
Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.