Menu

Iets gezien in de stad? Meld het aan onze redactie

Site by wieni

Michèle Meganck, jeugdrechter: "Jongeren die geweld plegen, zijn meestal zelf slachtoffer geweest. Ze nemen er op een bepaalde manier een voorbeeld aan."

Meer geweld bij jongeren: ‘Elke vorm van empathie lijkt soms te ontbreken’

Kris Hendrickx
06/02/2026

Een 14-jarig meisje met een aansteker verminken in het gezicht, 10-jarigen die met airsoftgeweren vuren op winkeliers of tieners die een 15-jarige in brand steken. Wat verklaart de opstoot van minderjarig geweld in Brussel? “De megafoon van sociale media staat 24/7 aan.”

Dinsdag 20 januari. De schooldag in Molenbeek loopt op zijn einde als de 14-jarige Camilia een waarschuwing krijgt van een klasgenoot: buiten staat een groepje jongeren haar op te wachten. Het meisje neemt het advies ter harte en wacht nog even met vertrekken.

Als ze wat later toch de schoolpoort verlaat, staat het groepje – meisjes en jongens tussen 14 en 16 - er echter nog altijd en zet het de achtervolging in. In een steegje wordt ze vervolgens afgeranseld en onderuit geschopt. Ook stoot ze zich het hoofd. Zodra ze op de grond ligt, bewerken de daders haar gezicht met een brandende aansteker en steken ze ook nog eens met een scherp voorwerp in haar kuit. De pijn is zo erg dat Camilia het bewustzijn verliest. De daders, herinnert het meisje zich, hadden ook een fles bij met een gelige vloeistof, waar ze geen gebruik van maakten.

***

Zaterdag 31 januari. Valérie D’Hauwers staat in haar cadeauwinkel in de Dansaertstraat als ze een piepjong, maar hondsbrutaal gezelschap over de vloer krijgt. Drie jongens vanaf 12 jaar komen keet schoppen in haar winkel. Ze zet ze buiten, maar het trio komt terug en beschiet haar met airsoftguns, een soort luchtdrukpistool dat pijnlijke blauwe plekken nalaat. Eerder zijn de drie al andere zaken in de straat binnengestapt, ook de voorbije maanden, blijkt. D'Hauwers, in een eerste reactie op sociale media: "Wat heb ik verkeerd gedaan? Maar vooral, waarom moet ik schrik hebben van 8-12 jarigen? Voor what?'"

***

Vrijdag 30 januari. Minderjarige jongens gooien een molotovcocktail naar de 15-jarige Zakaria in Anderlecht, niet per ongeluk, maar gericht. De jongen verandert in een levende toorts met metershoge vlammen en kan ternauwernood in het kanaal springen. Een groot deel van zijn lichaam – gezicht, handen en benen - is zwaar verbrand, tot in de derde graad. “De dokters zijn realistisch", getuigt zijn moeder in Het Laatste Nieuws. "Hij zal opnieuw moeten leren wandelen, jarenlang pijn hebben door zijn gevoelige huid en levenslang littekens dragen. En dat allemaal door iets banaals." Zakaria ontwaakte ondertussen uit een coma.

"We openden vorig jaar veel meer dossiers bij de jeugdrechtbank. Die evolutie omvat zowel jonge daders als jongeren die beschermd moeten worden. Maar die twee zijn verbonden. Vaak zijn daders zelf ook slachtoffer"

Michèle Meganck

jeugdrechter bij de Franstalige jeugdrechtbank van Brussel

De drie voorbeelden zijn geen bloemlezing van het afgelopen jaar, maar gewelddadige incidenten van de voorbije weken alleen. En geweld met minderjarigen mag dan van alle tijden zijn, de drie gevallen doen toch vraagtekens rijzen. Hoe kom een prille tiener erbij om volwassenen en winkeliers te terroriseren? En wat bezielt iemand om leeftijdsgenoten doelbewust brandwonden voor het leven toe te brengen? En zit dit soort incidenten in de lift?

De cijfers van de jeugdparketten tonen de voorbije tien jaar alvast een groei van het aantal feiten dat minderjarigen plegen tegen personen. Met name de categorie ‘slagen en verwondingen’ gaat in Brussel in stijgende lijn, van ruim 1.100 dossiers in 2015 tot 1.600 in 2024.

Die cijfers verdienen wat nuance, benadrukt jeugdcriminologe Els Dumortier (VUB). Ook de snel groeiende subcategorie belaging (bijvoorbeeld via sociale media) zit erin vervat. En zoals altijd met misdaadcijfers reflecteren die ook de mate waarin politie en gerecht op een bepaalde problematiek focussen. “Maar als je luistert naar wat professionals zeggen over de jeugdcriminaliteit, lijkt er toch wel een trend te zijn.”

Extremer geweld

De Brusselse jeugdrechter Michèle Meganck herkent de trend. "In 2025 is het aantal dossiers dat bij de jeugdrechtbank werd geopend verdubbeld tegenover het jaar ervoor", zegt ze tegen BRUZZ. Die verdubbeling is voor een belangrijk deel voor rekening van een erg actieve nieuwe procureur des Konings, Julien Moinil.

De evolutie omvat trouwens zowel dossiers van jonge daders als beschermingsdossiers van jongeren in een onveilige opvoedingssituatie. "Maar die twee zijn met elkaar verbonden," weet Meganck. "Vaak zijn daders zelf ook slachtoffer."

Over een stijging van geweld spreekt Jurgen De Landsheer, korpschef van de zone Zuid, zich niet uit. Dat voorvallen extremer worden, merkt hij wel op. “Mensen in brand steken of doelbewust verminken, is toch nog iets anders. Geweld van dat soort intensiteit neemt de laatste tijd toe.”

"Steeds meer jongeren blijven van school weg. En doordat er zoveel verschillende onderwijsformules zijn, kan de politie in de praktijk niet meer controleren. Vroeger was het eenvoudig: een tiener op een bankje op een dinsdagochtend, die broste"

Jurgen De Landsheer

korpschef politiezone Zuid

Dat extreme geweld vindt soms, maar lang niet altijd plaats in een drugscontext. Want net die dimensie ontbreekt in de voorbeelden van de afgelopen weken, toch voor zover de redactie kon achterhalen. De jongen die in brand werd gestoken, heeft het over een banale ruzie met leeftijdsgenoten, waarbij iemand zich verkeerd bekeken voelde. En in het geval van Camilia zou de aanstoker een jongen zijn van wie het 14-jarige meisje de avances had afgewezen en die vervolgens beloofd had om haar leven tot een hel te maken.

“Die incidenten en drugsgeweld zijn van een heel andere orde”, vindt jeugdrechter Michèle Meganck. “Drugsgeweld volgt vooral een economische logica, die van de drugshandel stilaan de grootste jeugdwerkgever van Brussel maakt.” In die logica proberen bendes marktaandeel te veroveren op concurrenten of gebruiken ze geweld als sanctie tegen wie hun regels niet volgt. “Maar in de voorbeelden van afgelopen weken lijkt dat soort ratio afwezig. Elke vorm van empathie lijkt te ontbreken.”

Wat verklaart dat meer minderjarigen bij dat soort feiten betrokken zijn, ook buiten de drugslogica? Korpschef De Landsheer wijst naar het aantal minderjarigen dat van school wegblijft. “Dat zijn er altijd meer, en doordat er zoveel verschillende onderwijsformules bestaan, kan de politie in de praktijk niet meer controleren. Vroeger was het eenvoudig: een jongere die op dinsdagochtend op een bankje zat, broste. Nu doet die leerling misschien aan duaal leren of zit die in een ander traject.”

Op de metro was ik daarnet gechoqueerd door de manier waarop zogenoemde vrienden met elkaar omgingen. Ze schreeuwden tegen elkaar en sloegen elkaar. Stel je voor wat dat wordt als ze echt ruzie krijgen"

Michèle Meganck

jeugdrechter bij de Franstalige jeugdrechtbank van Brussel

Jeugdrechter Meganck, ondertussen al 23 jaar in functie, ziet dan weer hoe het geweld in de maatschappij toeneemt, ook in de alledaagse omgang. “Ik nam recent de metro van Delacroix en was gechoqueerd door de manier waarop zogenoemde vrienden met elkaar omgingen. Ze schreeuwden tegen elkaar en sloegen elkaar, er hing een soort vreemde elektriciteit rond de groep. Stel je voor wat dat wordt als ze echt ruzie krijgen.”

Meganck onderscheidt verschillende oorzaken voor meer geweld. “Heel veel gezinnen kampen met problemen, onder meer qua armoede. Een verschil met vroeger is dat vandaag ook een hele hoop risicofactoren samenkomen, zoals drugs- en alcoholverslaving, en mentale problemen. Als in een gezin dan geweld voorkomt, is dat natuurlijk een voorbeeld voor wie er opgroeit.”

Pestgedrag meer aanpakken

Naast gezinsvoorbeelden spelen ook sociale media vandaag een cruciale rol, daarover zijn zowat alle experts het eens. “Sociale media worden vaak gebruikt als een pestinstrument”, ziet Meganck. “Slachtoffers blijven dan weg van school, beginnen rond te hangen en zijn vatbaar voor stommiteiten. Het tegendeel zie ik trouwens ook: jongeren die niet meer buitenkomen en gewoon thuis aan hun scherm gekluisterd blijven. Je moet bij wijze van spreken al een grote werfmachine gebruiken om die het huis uit te sleuren.”

Dat pestgedrag wordt vandaag onvoldoende aangepakt, merkt de jeugdrechter. “Vaak is er geen echte sanctie op school en ook gerechtelijk is er doorgaans geen opvolging.”

"Vroeger kon je bij wijze van spreken problemen krijgen als je iemand fysiek tegenkwam. Maar die sociale media staan 24/7 aan, je kunt er de klok rond een vijandbeeld cultiveren"

Olivier Slosse

korpschef politiezone Noord

Olivier Slosse, korpschef politiezone Brussel-Noord portret lg

Ook Megancks collega-jeugdrechter Tine Suykerbuyk wijst op de kwalijke rol van sociale media, waar gewelddadige voorbeelden welig tieren. “Je hoort wel vaker: ‘Ja, maar waar zijn de ouders?’ Maar als jeugdrechter ontmoet ik naast te lakse ouders echt genoeg ouders die erg betrokken zijn en niet weten waar kruipen van schaamte als ze horen wat er gebeurd is.”

Sowieso is er voor de jeugdrechter niet één verklaring voor gewelddadig gedrag bij jongeren. “De thuissituatie, sociale media, de groepsdruk, het maatschappelijk klimaat... het kan allemaal meespelen. En dan nog. Het blijft een vraag die jeugdrechters bezig houdt: hoe komt iemand tot dergelijke zware feiten?”

Groter bereik

De politiezone Zuid is niet de enige die met gewelddadige jongeren te maken krijgt. Ook korpschef Olivier Slosse van de zone Noord herkent het fenomeen. Ook hij wijst sociale media met de vinger als belangrijke schakel in de geweldcyclus.

“Platformen als TikTok en Snapchat spelen in die dynamiek een belangrijke rol. Vroeger kon je bij wijze van spreken problemen krijgen als je iemand fysiek tegenkwam. Maar die sociale media staan 24/7 aan, je kunt er de klok rond een vijandbeeld cultiveren. Een belediging, iemand die verkeerd aangekeken wordt, een zus die beledigd is of een pet die gestolen wordt... het blijft er de hele tijd leven. Bovendien is het bereik veel groter dan bij de communicatiekanalen van vroeger, zodat sneller meer mensen betrokken raken of op de hoogte zijn.”

“Het puberbrein is nog niet volgroeid, waardoor ze minder goed risico’s kunnen inschatten. Ik herinner me een dossier waarin zo’n intens geweld gebruikt was, dat de magistraat meteen aan adolescenten dacht”

Olivier Slosse

korpschef politiezone Noord

Olivier Slosse, korpschef politiezone Brussel-Noord portret lg

Sociale media hebben een invloed op het begrip ‘jeugdbende’, merkt Slosse. “Vroeger was dat vooral een groep die aan een bepaalde buurt was gelinkt, vandaag is dat niet meer noodzakelijk zo, de verbinding kan immers ook digitaal bestaan.”

Als geweld bij jongeren soms erg extreem uitvalt, speelt nog een andere factor, weet korpschef Slosse, die ook psycholoog is van opleiding. “Het puberbrein is nog niet helemaal volgroeid, waardoor ze minder goed risico’s en gevolgen van een daad kunnen inschatten en vaker grenzen opzoeken. Ik herinner me dat er in een bepaald dossier zo’n intens geweld gebruikt was, dat de magistraat meteen vermoedde dat het wel om adolescenten moest gaan.”

Agenten op school

Wat kunnen we als maatschappij doen om tegengas te geven en jongerengeweld in te dijken? De korpschef van de zone Noord benadrukt alvast het belang van hechte netwerken tussen scholen en de politie. “In onze zone bestaat zo’n netwerk al 25 jaar”, zegt Olivier Slosse. “We gaan op bezoek in scholen en bieden digitale kanalen aan om ons snel te contacteren als dat nodig is. Dat is laagdrempelig, zeker als er al een beetje vertrouwen is omdat jongeren de agenten al eens gezien hebben op school.”

Op een heel ander vlak ziet Slosse een rol voor ouders. “Met name als het over sociale media of gamingchats gaat: je moet die als ouder niet controleren, want dat werkt niet, maar je kunt wel geregeld interesse tonen: ‘Waar ben je mee bezig? Vertel eens.’”

"Hoe langer je wacht met hulp en begeleiding, hoe meer het traject van zo’n jongere kan escaleren"

Tine Suykerbuyk

Jeugdrechter bij de Nederlandstalige jeugdrechtbank in Brussel

Jeugdrechter Tine Suykerbuyck

Korpschef De Landsheer denkt dan weer dat scholen alvast proactiever kunnen zijn in het controleren en opvolgen van afwezigheden. Daarnaast verdienen jongeren die door de mazen van het maatschappelijke net dreigen te glippen meer sociale begeleiding, vindt de baas van de zone Zuid. “Maar het is natuurlijk ook een feit dat de hele keten onder druk staat, van preventie tot plekken in de jeugdzorg.”

Dat beaamt jeugrechter Tine Suykerbuyk volmondig. “Sommige kinderen blijven vele jaren op een wachtlijst voor een plek in de jeugdzorg staan, soms tot acht jaar. En hoe langer je wacht, hoe meer het traject van zo’n jongere kan escaleren en er meer ingrijpende maatregelen nodig zijn dan bij tijdig ingrijpen.”

Reden te meer voor de jeugdrechter om veel sneller en kordater om te gaan met afwezigheden op school. “Op dit vlak wordt nogal vaak aangemodderd. Het is echt cruciaal dat je een kind dat van school wegblijft meteen gaat opvolgen en de nodige begeleiding biedt. Anders verliest zo iemand de voeling met de school en zijn of haar leeftijdsgenoten, isoleren ze zich of gaan ze juist buiten niksdoend rondhangen. Jongeren komen dan terecht in een parallelle wereld. En dan is een stommiteit snel gebeurd.”

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

Lees meer over: Brussel , Veiligheid , Jongeren , geweld , minderjarigen