Dito'Dito neemt afscheid na 21 jaar
Als we de vier vaste acteurs van Dito'Dito vragen of ze de voorbije twee decennia veel ruzie hebben gemaakt, roepen ze om ter hardst "ja", en "zeker", en "absoluut". Voor hetzelfde geld waren ze in 1990 zelfs al gestopt.
Guy Dermul: Na Van Wagner - een voorstelling die we samen met Jan Ritsema maakten - reden we naar zee en beslisten we dat het gedaan was. Maar nog tijdens datzelfde weekend zijn we opnieuw begonnen.
Mieke Verdin: We stelden na elke voorstelling alles opnieuw ter discussie. Maar juist door alles telkens uit te spreken in plaats van op te kroppen, kan je natuurlijk verder.
Nedjma Hadj: Er zitten verschillende persoonlijkheden in de groep. Onze visies lopen soms uiteen, maar ik sta altijd versteld van de manier waarop we toch in staat zijn om samen te werken.
Willy Thomas: Ik kijk graag terug op de tijd die voorbij is. Ik vind dat we dat schoon gedaan hebben. We kunnen stoppen op een moment dat het nog heel goed gaat.
:: 1984 - Een vaag begin
Thomas: Mieke Verdin en ik zaten samen op het conservatorium en Guy Dermul kwam veel kijken naar de dingen die daar gebeurden.
Verdin: Het kan zijn dat ik mis ben, maar volgens mij hadden Guy Dermul en ik daarvoor al een voorstelling gemaakt met een van onze amateurgezelschappen. Jij bent toen in De Markten komen kijken en je vond het goed.
Dermul (beslist): Ik kende Willy Thomas daarvoor al. Ik denk dat ik hem de eerste keer ontmoet heb op het Kaaitheaterfestival in 1981. Maar in ieder geval: na het conservatorium hebben we alledrie bij HTP (voorheen Het Trojaanse Paard, mb) van Jan Decorte gespeeld. In 1984 ben ik daar weggegaan en heb ik Willy gevraagd om samen een gezelschap op te richten. Dat was allemaal heel onschuldig, maar we konden er wel vrijstelling van de dagelijkse stempelcontrole mee krijgen.
Thomas: Ik was helemaal niet bezig met vrijstelling van stempelcontrole! Jan Decorte stopte drie weken voor de première van Oom Wanja met klassieke stukken en met het regisseurschap - iets wat toen nog niet zo gebruikelijk was. En wij wilden ook niet meer meegaan in een trip van iemand anders. We wilden een eigen ruimte creëren om te kunnen doen wat we zelf wilden. Binnen de bestaande structuren ging dat niet, dus moest je zelf je plan trekken.
Dermul: Er waren toen heel weinig nieuwe gezelschappen. Het landschap was gebetonneerd door het Theaterdecreet van de jaren zeventig. Er moest al iemand doodvallen voor je eventueel een gezelschap kon erven, en dan zat je meestal nog met een politieke raad van beheer.
Verdin: We wilden niet per se ons eigen gezelschap, het ging vooral om een manier van werken. Dito'Dito gaf ons ook de mogelijkheid om met verschillende mensen samen te werken, wat altijd een rode draad is gebleven. Maagdelijkheid (de eerste productie uit 1984, mb) was nog gebaseerd op een kortverhaal van Witold Gombrowicz, maar de teksten van de trilogie Frans/z, Tarszan en Plots/z schreven we zelf of vroegen we aan anderen.
:: 1991 - Zwarte zondag
Dermul: We hebben altijd wel beweerd dat de stad een belangrijke rol speelde in ons werk, maar dat was in het begin toch vooral in onze subsidiedossiers het geval.
Verdin: Op een gegeven moment beseften we ook dat dat niet klopte. De verkiezingsuitslag in '91 was een schok, al wist je ook dat het er zat aan te komen. Toen stelde zich de vraag wat wij als Vlamingen in Brussel konden doen en hebben we radicaal de deur opengegooid om echt ontmoetingen te organiseren in de stad. Daarom zijn we met de workshops begonnen en zijn we ook in het Frans beginnen spelen. Zo konden we ons verhaal aan meer mensen kwijt. Dat speelt nu trouwens ook een rol bij de beslissing om in de KVS te stappen.
Thomas: Eigenlijk hebben we met Dito'Dito maar drie grote beslissingen genomen: ermee beginnen, focussen op de stad vanaf '91, en er nu mee stoppen. Ik denk dat ik voor iedereen spreek als ik zeg dat we Brussel zo op een heel plezierige manier hebben leren kennen. En we hebben toch ook meegewerkt aan een dialoog die er vijftien jaar geleden in Brussel zeker niet was. Dito'Dito is nooit een hype geweest, maar we hebben er met een zachte radicaliteit toch mee voor gezorgd dat wat de KVS nu allemaal doet mogelijk is geworden.
Hadj (wijst naar de drie anderen): Wat me aan hen altijd opviel is het gemak waarmee ze mensen bij elkaar kunnen brengen. Als je de foto's van de voorstellingen uit het verleden ziet, merk je dat ze even vaak wel als niet samen in een project zaten. Omdat ze allemaal beschikken over een enorm netwerk van mensen waarmee ze dingen konden doen. Ik ontmoette Willy en Guy op een workshop in de Beursschouwburg in 1995, na de tweede zwarte zondag. Ik liet een paar van mijn teksten lezen en daarna zijn we meteen beginnen samenwerken aan Fruit van rotte bomen en daarna aan Kerosine. Eerst was ik deeltijds met Dito'Dito bezig, dan halftijds en uiteindelijk voltijds.
Dermul: We hadden er misschien wel meer mensen definitief bij willen halen, maar we waren ook maar een ontzettend klein gezelschap natuurlijk. Dertien jaar werkten we zonder subsidies van de Vlaamse Gemeenschap, met af en toe een toelage van de VGC. Bij Dito'Dito werken, betekende vooral een engagement opnemen.
:: 1997 - Ja ja maar nee nee
Thomas: Transquinquennal (het Franstalige Brusselse gezelschap waarmee Dito'Dito verschillende voorstellingen en projecten realiseerde, mb) hadden we al ontmoet in 1994 omdat ze net als wij een workshop gaven tijdens het KunstenFESTIVALdesArts. Zij deden bijna letterlijk hetzelfde werk als wij. Wij hadden het zelf vaak over onze 'onnozele' houding in het theater, tegenover die machohouding van bloed en zweet en tranen. Blokfluit spelen in plaats van trombone, daar waren wij mee bezig. Het klikte zo goed dat we ons afvroegen waarom we elkaar nog niet eerder ontmoet hadden. Dat was gewoon het gevolg van de manier waarop in Brussel alles georganiseerd was. En dat is toch iets waarop je moet blijven letten. Wat gebeurt er hier als Vlaanderen en Wallonië verder uit elkaar blijven groeien?
Verdin: Transquinquennal kende ook Rudi Bekaert die toen eigenlijk zelfs al een aantal scènes van Ja ja maar nee nee voor hen geschreven had. Die hebben we tijdens een eerste bijeenkomst samen gelezen en we waren direct verkocht. Dat was een legendarisch etentje trouwens. Zowat iedereen was de afspraak die we voor de volgende bijeenkomst gemaakt hadden de dag nadien alweer vergeten.
Dermul: We wilden voor ons afscheid eerst een revue maken met alle mensen waarmee we ooit hebben samengewerkt. Maar daar zijn we van teruggekomen omdat dat wat te veel werk betekende. Toch wilden we met een feest eindigen en Ja ja maar nee nee was een feest. Zowel voor de acteurs als voor de toeschouwers, denk ik.
Verdin: We hebben het eigenlijk ook niet zo dikwijls in het Nederlands gespeeld. Het heeft maar twee weken in de Kaaitheaterstudio's gestaan en daarna nog eens op het Theaterfestival. Er zijn veel meer Franstaligen die het gezien hebben. We hebben de Franse versie (Ah oui ça alors là, mb) in De Markten gespeeld, in Théâtre La Balsamine, in Parijs en daarna ook nog in Théâtre National.
Hadj: Het stuk is ook actueel gebleven. Het is geen groot discours, maar het toont de stad met haar menselijke relaties, de manier waarop we naar elkaar kijken, de dingen die we zeggen en die we niet zeggen. Het is een cadeau dat we nog eens opnieuw kunnen weggeven.
:: 2000 - Brussel culturele hoofdstad
Thomas: Om een lang verhaal kort te maken: in de aanloop naar Brussel 2000 werden er regelmatig bijeenkomsten georganiseerd binnen het culturele veld. Daar werd het beeld opgehangen van een cultuurjaar waar we met de twee gemeenschappen samen aan zouden werken. Met een programma dat van onderuit tot stand zou komen en veel inspraak van de deelnemende organisaties. Maar opeens werd dat plan gecounterd en werden er twee mensen naar voor geschoven die de zaak zouden leiden, en waarvan ik wist dat ze dat verhaal niet zo genegen waren (Hugo Degreef en Michel Bogen, mb). Dus hebben we daar samen met een aantal Franstaligen tegen geprotesteerd. Men heeft me dat ook kwalijk genomen, maar uiteindelijk is de politiek dan toch bijgedraaid. Ik had ook helemaal niks tegen Hugo Degreef, want we hadden vroeger bij het Kaaitheater heel goed samengewerkt. Hij heeft Ja ja maar nee nee trouwens mee mogelijk gemaakt nadat we twee jaar tevergeefs op zoek waren geweest naar een Franstalige coproducent. Maar eerst bijna twee jaar met iedereen rond de tafel zitten om dat daarna zomaar weer weg te gooien: dat zagen we niet zitten.
Dermul: Dat voorbereidingsjaar met Bernard Foccroulle (directeur van De Munt, mb) vond ik trouwens echt ongelooflijk. Hij leidde die publieke debatten in het Frans en in Nederlands. Daar zaten echt vriend en vijand samen: allemaal mensen die iets wilden hebben. Maar hij hield die vergadering samen en slaagde erin om ons ook samen iets te laten doen.
:: 2006 - Naar de KVS
Thomas: Toen de KVS naar de Bottelarij in Molenbeek ging, wilden ze zich meer tot de omgeving daar verhouden. Ze wisten dat wij daar al langer mee bezig waren en we hebben toen een paar producties samen gemaakt. Toen ze terugkeerden naar het centrum, beslisten zij om op de ingeslagen weg verder te gaan, dus was de stap die we nu maken bijna logisch. Vroeger ageerden we tegen de instituten, maar als die natuurlijk van binnenuit veranderen, heeft het geen zin om dat te blijven doen.
Dermul: We waren meer en meer hetzelfde verhaal aan het vertellen en ook meer en meer uit dezelfde groep van mensen aan het putten.
Verdin: We zetten op deze manier opnieuw een stap weg uit de marge naar een groter publiek. Op een dergelijk podium wordt alles wat je doet ook veel minder vrijblijvend. De affaire met de affiche van Union Suspecte is daar een voorbeeld van. Als Dito'Dito vroeger zo'n affiche gemaakt had, zou daar geen haan naar gekraaid hebben. We zullen nu veel meer in de kijker lopen en dat is ook belangrijk. Dat alles hier groter is en dat er meer mensen bij te pas komen, houdt ook een risico in, maar je ziet duidelijk dat men hier echt als een collectief functioneert.
:: 'Ja ja maar nee nee' van Dito'Dito en Transquinquennal, van 23 tot 30 december in de KVS. Tickets: tel. 02-210.11.12
Lees meer over: Cultuurnieuws
Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.