TTIP, lokaal protest tegen liberaliseringsakkoord tussen EU en VS

© Photonews

De voorbije week werd er in de Europese hoofdstad gedemonstreerd tegen de vrijhandelsakkoorden tussen de Europese Unie en de Verenigde Staten waarover nu onderhandeld wordt. Vooral lokale besturen verzetten zich. Vandaar ook dat Eurocommissaris voor Handel Cecilia Malmström in het Brussels parlement zelf tekst en uitleg kwam geven over ‘TTIP’.

C ecilia Malmström begrijpt naar eigen zeggen de commotie en verzekert dat ze niets te verbergen heeft. Dat was zowat de boodschap die de Zweedse bracht voor een speciale hoorzitting in het Brussels parlement. “Nagenoeg alles wat uit de besprekingen komt is raadpleegbaar op het internet,” vertelde Malmström. Nochtans hadden heel wat parlementsleden vragen, vooral oppositiepartijen. De PS ook, al gaf de regering van ex-premier Elio Di Rupo (PS) in 2013 nog een mandaat aan de Europese Commissie om de onderhandelingen met de Verenigde Staten aan te vatten.

Bij de Brusselse voorstanders van de vrijhandelsakkoorden - de liberalen, en in bepaalde mate de christendemocraten - ligt de nadruk op het vereenvoudigen en op elkaar afstemmen van handelsregels in Europa en de VS, een noodzaak voor een gemeenschappelijke markt. Voorstanders herhalen ook de mogelijkheden voor Europese bedrijven om tezamen met de VS opnieuw mee te spelen op het wereldtoneel. Parlementslid Brigitte Grouwels (CD&V) ontpopte zich tot zo’n voorstander. “TTIP (Engels acroniem voor ‘Transatlantisch Handels- en Investeringspartnerschap’, red.) zorgt ervoor dat Europese en Belgische bedrijven een grote afzetmarkt bereiken. Van het opheffen van handelsbarrières wordt niemand slechter.”

‘TTIP-vrij’
Tegenstanders van TTIP hameren daarentegen op het zogenaamde ISDS-systeem, waarbij internationale rechtbanken investeringsdisputen zouden moeten oplossen, los van soeverein nationaal recht. Ook vrezen zij dat het op elkaar afstemmen van sociale- en milieurechten tussen de VS en de EU in de praktijk tot een verslechtering van de sociale en ecologische rechten zal leiden.

Malmström pareerde die vrees. “De milieunormen zijn in de VS vaak strenger dan in Europa, dus naar beneden zullen ze niet worden afgerond. En ISDS wil niet zeggen dat de burger niet meer voor een nationale rechtbank een slechte investering van een bedrijf kan aanvechten.”

Met die antwoorden voelt Malmström goed aan waar het probleem met TTIP echt zit: nationale regeringen en de Europese Commissie spelen onder één hoedje, en de oppositie in het Europees parlement krijgt het vrijhandelsverdrag niet fundamenteel gewijzigd. Burgers hebben bijgevolg alleen nog maar hun lokale overheid om protest aan te tekenen tegen het huidige ontwerp. Tal van steden in Duitsland, Frankrijk en Oostenrijk hebben zich daarom uitgeroepen tot ‘TTIP-vrije zone’. Ook Brusselse gemeenten doen dat. Het probleem daarbij is dat men er niet echt in slaagt om op het lokale niveau uit te leggen wat het vrijhandelsakkoord inhoudt voor het lokale niveau zelf. In Brussel wordt er op lokaal niveau bijvoorbeeld alleen maar gepraat over de grote principes tegen TTIP, die al lang gekend zijn. In het Brussels parlement stelde alleen Groen-politicus Bruno De Lille de slimme vraag wat TTIP concreet betekent voor Brusselse kmo’s.

“TTIP is er vooral voor grote bedrijven,” erkent Jean-Philippe Mergen van de Brusselse werkgeversorganisatie Beci. Beci schreef vorige week tezamen met de andere werkgeversorganisaties in ons land een open brief waarin werd opgeroepen om TTIP een kans te geven. Volgens Jan De Brabanter zijn er voor Brusselse bedrijven wel kansen weggelegd: “Vooral in de mode-, design- en voedingssector. Daar bestaat in de VS een afzetmarkt voor. Spontaan denk ik daarbij aan een bedrijf als Exki.”

Mergens collega Olivier Joris van het Verbond van Belgische Ondernemingen zegt daarentegen dat Amerikaanse bedrijven Brussel vooral nog meer zullen gebruiken als dé Europese lobbyplaats bij uitstek, dicht bij de Europese instellingen. Joris ziet hier vooral kansen weggelegd voor de Brusselse dienstensector, en voor de Haven van Brussel.

Niet becijferbaar
Maar ook de werkgeverszijde moet erkennen dat de praktische gevolgen van TTIP onbekend blijven. “Er is nog geen impactstudie voor België opgesteld over de gevolgen van TTIP,” zegt Olivier Joris. “De Europese Commissie heeft dat uiteraard wel al gedaan, maar die studie is positief en mist een concrete uitwerking per lidstaat.”

Daarmee komen we tot de kern van de zaak: voor- en tegenstanders van TTIP kunnen vandaag niet anders dan zich baseren op geloof voor of tegen de vrije handel, vermits er weinig objectieve praktijkvoorbeelden zijn. Tegenstanders zeggen dat er een petitie is opgestart die momenteel al drie miljoen handtekeningen telt over heel Europa. Cecilia Malmström benadrukt daarentegen dat een (stilzwijgende) meerderheid van Europeanen voor is. Iedere partij kan bewijzen wat ze wil: er zijn inderdaad heel wat Europeanen tegen, maar dat verzet beperkt zich in hoofdzaak tot de al eerder vermelde lidstaten.

Maar er is meer: eigenlijk draait het verzet om diepgaande vragen bij de huidige globalisering. Malmström benadrukte immers dat er al diverse vrijhandelsakkoorden bestaan tussen landen sinds de jaren 1950, en dat zulks nooit echt gecontesteerd werd, tot nu. “De nieuwe akkoorden zullen fungeren als blauwdruk tot er wereldwijde internationale akkoorden komen,” zei ze nog in het Brussels parlement.
 

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.
Lees meer over
Lees ook

Nieuws uit Brussel in je mailbox?