Eric Min: 'Venetië van het Noorden lag in Brussel'

Eric Min, auteur.© Ivan Put

Na zijn gezaghebbende biografieën over James Ensor, Rik Wouters en Henri Evenepoel, heeft Eric Min opnieuw een cultuur­geschiedenis van een stad geschreven. De veelgeprezen auteur van ‘De eeuw van Brussel’ gidst ons deze keer langs de schatten en straten van Venetië.

Eric min 2 BRUZZ ACTUA 1646
© Ivan Put
| Eric Min.

Voor De klank van de stad. Een cultuurgeschiedenis van Venetië wenden Min en zijn gelegenheidscompagnon Gerrit Valckenaers de steven dit keer dus naar hun geliefde Venetië. Beginnen doet Min zijn verhaal evenwel naar goede gewoonte in de hoofdstad. Iets meer dan honderd jaar geleden kon je op de toen nog lege site van Thurn & Taxis namelijk Venise à Bruxelles bezoeken, een dubieuze replica van de dogestad.

Laat ons straks dat curieuze ‘Venise à Bruxelles’ bezoeken, maar in het echte Venetië beginnen. Vandaag staat die stad haast synoniem voor schadelijk massatoerisme.
Eric Min: Pakweg dertig miljoen toeristen per jaar is inderdaad heel veel voor een kleine stad met 52.000 inwoners. Maar net als het feit dat Venetië al zo lang in de lagune wegzinkt, is dat een beetje een eeuwige discussie. Letterlijk: al in de achttiende eeuw wordt er geklaagd over het vele volk en de drukte.

Vandaag maken wij ons terecht zorgen over de grandi navi, de wanstaltige cruiseschepen van wel veertien verdiepingen hoog, die er aanleggen. Maar toen Francesco Petrarca in de veertiende eeuw door het stadsbestuur werd uitgenodigd om in een huis aan de kade te komen wonen, schreef hij op een dag in een brief aan een vriend dat hij iets verschrikkelijks had meegemaakt: een vreselijk gedruis had hem uit zijn bed naar het raam aan de voorgevel gejaagd. Daar zag hij een boot als een slapende reus, een galjoen als een gebouw zo groot. Petrarca is dus de man die de eerste grandi navi gezien heeft, de schepen die er tegenwoordig voor verantwoordelijk zijn dat steeds meer bewoners hun zinkende stad verlaten.

Venise a Bruxelles entreeticket (priveverzameling)
Toegangskaartje voor Venise a Bruxelles (priveverzameling.)

Wat zijn de historische redenen voor het appeal van de stad aan de lagune?
Min: In Venetië gebeurde gewoon heel veel. Omdat het een prachtige plek en een handelsstad was, liepen er altijd heel wat rijke mensen rond. Macht en aanzien willen geïncarneerd worden in mooie gebouwen en kunstwerken. Al vanaf de vijftiende eeuw krijg je zo een concentratie van architecten, schilders en beeldhouwers die je elders niet vindt. In een havenstad komen de hele tijd mensen langs die vaak weer vertrekken, en in het wat apart ogende Venetië is dat niet anders.

In de zestiende eeuw deed de Franse filosoof Michel de Montaigne Venetië aan, en in het midden van de zeventiende eeuw ontstond een soort toerisme als voorloper van de Grand Tour (de traditionele Europese en vooral Italiaanse rondreis van rijke en jonge intellectuelen in de 18e en 19e eeuw, red.), tot de stad zich ontpopte als een verplichte culturele halte, een afspraakplek op de route door Italië. Je moest langs Rome, Firenze én Venetië, want daar was het aanbod enorm aantrekkelijk: het goed bewaarde decor, de magnifieke kunstverzamelingen, de schitterende muziek in de operahuizen, het carnaval dat op een bepaald moment bijna de helft van het jaar in beslag nam, de cafés, de goktenten en de prostitutie.

We moeten daar eerlijk in zijn: voor heel veel jonge mannelijke reizigers was de aanwezigheid van die 15 tot 20.000 prostituees een doel op zich.

Programmabrochure Venise a Bruxelles 1895 omslag (priveverzameling)
Omslag van de programmabrochure Venise a Bruxelles 1895 (priveverzameling.)

Het huidige massatoerisme zou ons bijna doen vergeten dat Venetië ook symbool kan staan voor dood en verval.
Min: Die idee wordt natuurlijk vooral gecultiveerd in de 19e eeuw. Alle romantici van Lord Byron tot Goethe gingen er langs en verbleven vaak meerdere weken in de stad. Al was de stad toen eigenlijk al over haar hoogtepunt heen. Op het moment dat Napoleon Bonaparte in 1797 Venetië innam, ging het al wat minder, en daarna was het helemaal gedaan. Terwijl de stad in Franse en Oostenrijkse handen was, ontstonden alle clichés van verval en vergankelijkheid.

Eric min 2 BRUZZ ACTUA 1646

Overbevolkt of doods: u heeft de stad steeds kunnen bekoren.
Min: Ik was er voor het eerst toen ik al 33 was, omdat ik Venetië tot dan als een toeristenval beschouwde. Op dat moment begreep ik dat de stad veel meer was. Ondertussen kom ik er alweer twintig jaar zeer regelmatig en kan ik er enorm van genieten. Het grote voordeel voor iemand die de stad een beetje kent, is dat hij weet dat het vooral enorm druk is op de as van het station over de Rialtobrug tot San Marco, maar dat de andere wijken soms verbazend rustig zijn en zelfs verlaten lijken. Op honderd meter van die as vind je de stilte van het platteland en kan je op een leeg plein gaan zitten waar kinderen spelen. Zelfs vandaag en zelfs tijdens het carnaval.

En wat dreef u om het boek te schrijven?
Min: Ik heb weliswaar de pen gehouden, maar de inhoud komt zeker voor de helft van mijn goede vriend Gerrit Valckenaers. Hij is musicoloog, componist, radiomaker en leraar en verzamelde jaren geleden al heel wat boeiend materiaal voor een cursus die uitgroeide tot een embryonale muziekgeschiedenis van Venetië. Dat compendium hebben we gebruikt als rode draad, waaraan we enkele lagen literatuur en beeldende kunst hebben toegevoegd. Daarbij hadden we natuurlijk l’embarras du choix die ik ook al had ervaren toen ik De eeuw van Brussel schreef.

Eric min Venise a Bruxelles BRUZZ ACTUA 1646
© LACA
| Venise à Bruxelles, een namaak-Venetië in Brussel eind 19de eeuw op de toen nog lege site van Thurn & Taxis.

De titel van het boek is wel ‘De klank van de stad’. Venetië is een muziekje.
Min:De auteurs en dichters in ons verhaal schrijven over wat ze in de straatjes en op de pleinen horen: het koeren van de duiven, het gebeier van de klokken, het klotsende water, uitstervende stappen in de steegjes. En de componisten maken er muziek mee. Igor Stravinsky en Luigi Nono gaan letterlijk aan de haal met geluidsfragmenten en impressies die ze uit de stad plukken. Venetië klinkt dan ook als geen andere stad. Er zijn geen auto’s of bromfietsen, de vaporetto heeft zijn heel eigen dieselgeluid en het kan er dus ook onwaarschijnlijk stil zijn. De klank is het echte geheime wapen van deze stad. En ja, hij maakt onze ziel amoureus.

Venise a Bruxelles 1895 ansichtkaart (priveverzameling)
Venise a Bruxelles 1895 ansichtkaart (priveverzameling.)

Een belangrijk thema in jullie boek is ook de beeldvorming rond Venetië.
Min: Daarom kon het verhaal ook in Brussel beginnen, net zoals mijn biografie van Henri Evenepoel zich vooral in Parijs afspeelt, maar evengoed begint in onze hoofdstad, waar de schilder als kind woonde. Nu heet ons vertrekpunt Venise à Bruxelles, een manifestatie waar ik voordien het bestaan niet van kende, maar waarvan ik een aantal prentkaarten aantrof. Dat pretpark in de vorm van een namaak-Venetië bleek de ideale opstap om iets te vertellen over het overtrokken romantische beeld van Venetië, dat bestaat uit gondels, kanalen, maanlicht en serenades.

Het Venetië van het Noorden lag honderd jaar geleden even aan het kanaal naar Willebroek?
Min: Hier op deze plek heeft men zowel in 1895 als 1896, een beetje in de stijl van Oud België op Expo 58, een groot imitatie-Venetië gecreëerd, een tijdelijke inrichting op wat toen nog een braakliggend stuk grond was - want het Koninklijk Pakhuis van de Belgische spoorwegen op Thurn & Taxis werd pas gebouwd rond 1904. Een vennootschap heeft dat allemaal gerealiseerd op 45.000 vierkante meter, met stuc, karton, papier-maché en beschilderde doeken.

ERIC MIN Klank vd Stad BRUZZ ACTUA 1646
© Eric Min
| De klank van de stad. een cultuurgeschiedenis van Venetië. Eric Min & Gerrit Valckenaers, Uitgeverij Polis, 496 blz., 34,99 euro.

Men heeft zelfs de moeite gedaan om kanalen te graven om gondels te laten varen. Die gondeliers waren Italianen, maar niet per se Venetianen. Voor Venise à Bruxelles is zowaar een kleine volksverhuizing op gang gebracht, een ratjetoe van figuranten uit Napels en Rome.Als je het programmaboekje leest, dan blijkt het om een gigantische Vlaamse (Venetiaanse) kermis te gaan die in het beste geval wel iets Italiaans had, maar waarin Venetië soms ver te zoeken was.

Zo werd wel het palazzo Vendramin Calergi nagebouwd waar Wagner gestorven was - zo actueel was dat dertig jaar na zijn dood nog - en het programma vermeldde ook dat er duiven rondfladderden ‘van hetzelfde ras als in Venetië’, wat natuurlijk knettergek is. Maar op het menu stonden evengoed Napolitaanse gitaristen en Romeinse danseressen als optredens van het orkest van de Scala van Milaan. Het was allemaal heel approximatief. Het marionetten­theater, van oorsprong wel een echte Venetiaanse attractie, werd door een Amerikaanse compagnie verzorgd.

Gaudio - affiche voor Venise a Bruxelles 1895
© Ma Maison de Papier Brussel
| De affiche van de eerste editie van Venise à Bruxelles, die plaatsvond van mei tot november 1895.

Het was een soort Disneyland of Winterpret ‘avant la lettre’.
Min: Het fenomeen laat inderdaad zien dat met name Venetië zich makkelijk laat inkoken tot een fantasie waar je alles in kwijt kan wat je graag hebt. In die zin was Venise à Bruxelles een van de eerste massamanifestaties van de moderne beeldvorming, en een voorloper van gelijkaardige pretparken of replica’s in China, Las Vegas of de San Marco Village in Schelle. Het was volksvermaak tegen een lage toegangsprijs met een toegankelijk programma. En het volk lustte er ook pap van. Cijfers zijn moeilijk te vinden, maar er is weleens sprake van vijftien­duizend bezoekers op zondagen. De eerste editie stond hier van mei tot november en was zo succesvol dat een jaar later alles nog eens werd overgedaan.

Ook al in 1895 was er in het Prater in Wenen een gelijkaardige constructie neergezet, met het verschil dat die daar zes jaar is blijven staan. Op de wereldtentoonstelling in Parijs van 1900 en op de officieuze wereldtentoonstelling in Toulouse van 1908 was er ook een stukje Venetië te zien.

En die dertig miljoen bezoekers die jaarlijks naar het echte Venetië komen, zijn daar ook niet voor het fantastische Museo Fortuny of voor het uitgestorven Sant’Elena. Ze reizen de halve wereld rond voor een selfie op het San Marcoplein en een tochtje met de gondel. Hóren zij de klank van de stad wel? Met dank aan Eric Christiaens van LACA (de Geschied- en Heemkundige Kring van Laken) en Ma maison de Papier, Brussel voor de illustraties.

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.
Lees meer over
Lees ook

Nieuws uit Brussel in je mailbox?