Remi Vermeiren schetst Brussel als onafhankelijke stadsstaat

Volgens ex-KBC-topman Remi Vermeiren kan Brussel na de splitsing van België voortbestaan als een onafhankelijke stadsstaat. In die logica laat Vlaanderen Brussel niet los, maar geeft ze Brussel de nodige democratische en economische ruimte. De N-VA is het niet met Vermeiren eens.

H et moet ergens in 2005 zijn geweest, in het zaaltje boven het zeer Vlaams-Brusselse café De Monk. Remi Vermeiren was er te gast in het hol van de leeuw om het ‘Warandemanifest’ te verdedigen, een pamflet van denktank In De Warande dat de Vlaamse onafhankelijkheid vooropstelde als een economische noodzaak. In 2005 werd Vermeiren er nog voor uitgelachen. Of zoals een Franstalig panellid het toen in het debat schertsend verwoordde, terwijl hij voortijdig het debat verliet: “Nog veel succes met uw droom.”

Negen jaar later. De Warande bestaat niet meer, maar Vermeiren, tegenwoordig verbonden aan de universitaire denktank Vives, heeft een boek uit: België, de onmogelijke opdracht. Hij schreef het in eigen naam. Het borduurt voort op het Warandemanifest. Vermeiren pleit nu zelfs onomwonden voor de Brusselse onafhankelijkheid. Bij de ‘noodzakelijke’ opdeling van België zou Brussel een soort stadsstaat worden met een eigen sociale zekerheid. Vlaanderen zou dan verdragen sluiten met dit onafhankelijke Brussel om taal- en cultuurgebonden materie te verzorgen voor de Vlamingen die in Brussel wonen, zoals onderwijs, cultuur, ziekenhuizen en gemeenschapscentra. Nederlands blijft op die manier een van de officiële talen van het onafhankelijke Brussel.

In Vermeirens voorstel staat het mensen vrij te kiezen welke nationaliteit ze aanhangen, ongeacht de woon- of geboorteplaats. Het onafhankelijke Brussel zal dus ook ‘ingevuld’ worden door Vlamingen en Walen. Maar – en dat is misschien het meest progressieve aan Vermeirens voorstel – Brussel krijgt alle ruimte om eigen onderwijs in te richten, al dan niet meertalig en “naar eigen voorkeur of mogelijkheden.” Zo geeft de flamingant de Brusselaars de ruimte om een eigen gemeenschap verder op te bouwen. Die redenering ligt trouwens aan de basis van de eigen Brusselse staat zoals opgevat door Vermeiren: er is zoiets als Brusselse eigenheid, en de Brusselaars hebben dan ook het recht om over hun eigen toekomst te beslissen. Het Brusselgevoel, quoi.

Dat is een mooie theorie. Democratie kost echter geld. Brussel zal nooit instemmen met Vermeirens plannen als het niet de financiële middelen heeft. Vermeiren wil daarom pendelaars een deel van hun personenbelasting en sociale zekerheidsbijdragen laten betalen in Brussel. Bovendien kan er gepraat worden met de Europese Unie, zo gelooft Vermeiren, om de internationale rol van Brussel meer uit te bouwen, waarbij Brussel al dan niet lid blijft van de Europese Unie, maar zeker een volwaardige hoofdstad van die Unie wordt. Tussen haakjes: juridisch gezien blijft ze dat ook van Vlaanderen, al kan Vlaanderen desgewenst zelf kiezen voor een andere economische hoofdstad. Europa krijgt binnen het Brusselse parlement trouwens een ‘senaat’ met Europese staatsburgers, leden van de internationale gemeenschap én Brusselse Vlamingen.

‘Voluntaristisch’
Een andere tegenwerping is meer fundamenteel dan financieel-economisch van aard: Vermeiren gelooft niet in de bekrachtiging van een referendum om zijn plannen te implementeren. Hij baseert zich daarbij op het feit dat “de Europese grondwet ook niet door het volk gestemd werd.” Dat is wel een merkwaardige redenering voor iemand die vindt dat België moet verdwijnen uit ‘democratische’ noodzaak. Daaraan gekoppeld: Vermeiren gaat uit van een welwillende Europese Unie, die zoals vandaag zal blijven bestaan, en die geen graten vindt in het onafhankelijkheidsavontuur. De houding van de Europese Commissie tegenover het Schotse en Catalaanse onafhankelijkheidsstreven is wel even anders.

De N-VA is tegen de plannen van Vermeiren. Volgens Brussels N-VA-gemeenteraadslid Johan Vandendriessche zal de scheiding tussen Vlaanderen en Brussel compleet zijn. “Wat Vermeiren voorstelt is een louter functionele relatie. Zodra er een staatsgrens is, zullen de geesten nog verder uit elkaar evolueren,” zo zegt Vandendriessche. “Bovendien zijn er te veel financiële risico’s verbonden aan de splitsing van de sociale zekerheid. Het is te voluntaristisch.” Dat weet Vermeiren ook. “Wat ik voor Brussel voorstel, heeft geen internationaal precedent. Maar dat moet ook niet,” zegt hij.

Het voordeel van Vermeirens analyse is dat ze consequent is. Consequenter dan de gemeenschapskeuze die de N-VA voor Brussel voorstelt. Kwetsbaarder ook. Daarom misschien dat de Vlaamsgezinde partij bij uitstek er in deze tijden afstand van neemt.

Remi Vermeiren, België.
De onmogelijke opdracht. Uitgeverij Pelckmans, 2014, 216 blz., 20,00 euro.

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.
Lees meer over