‘Ik zie nog altijd dezelfde Adnan’

Van China tot Scandinavië, de naam van Abdel Jaichi (56) dook de afgelopen weken in allerlei media op. Hij was namelijk drie jaar lang turnleraar van Adnan Januzaj, een van onze grootste voetbaltalenten, die goed wordt afgeschermd.  Zelf heeft hij een mooie handbalcarrière achter de rug, en hij heeft een eigen vzw.
 

“Ik had niets te doen en was nogal curieus, dus ging ik eens naar de handbaltraining kijken,” vertelt Jaichi over zijn jeugdjaren. “Die vond op zaterdagvoormiddag plaats bij mij op school (de Sint-Mariaschool in Schaarbeek), voor leerlingen uit het vijfde en zesde secundair. Ik was nog te jong om mee te doen, maar het interesseerde me wel. Dus stond ik er elk weekend om de ballen terug te werpen die buiten het speelveld waren gevlogen. Toen de trainer merkte dat ik nogal hard kon werpen, besloot hij me toch op te nemen in de groep.”

Nieuwsgierigheid bracht de Brusselaar dus in aanraking met een sport die hem op het lijf bleek geschreven te zijn. Zijn eerste competitie-ervaring deed hij op bij de pas opgerichte ploeg van de Sint-Mariaschool, maar die ontgroeide hij snel. Via de handbalclubs van Evere en Kraainem klom hij op om bij Avanti Lebbeke te proeven van de hoogste divisie. “Daar was ik jarenlang een basispion en speelde ik met een paar ronkende namen. Ik was een echte afwerker. En ik was zeer explosief: een hoge startsnelheid en een grote sprongkracht. Men noemde mij wel eens de tgv van Vlaanderen.”

“Ik was een goede speler dus heb ik altijd veel respect gekregen. Dat kwam ook door de rol als trainer die ik al tijdens mijn spelerscarrière had opgenomen. Ik heb achtereenvolgens de ploeg van de ULB en de nationale juniorenploeg onder mijn hoede gehad. Maar op een bepaald moment werd de combinatie met mijn werk als turnleraar en mijn familiaal leven te moeilijk, dus besloot ik voor de arbitrage te kiezen.”

Jaichi kon ook goed met het fluitje overweg en klom naar de hoogste Belgische rangen. Maar de maximumleeftijd die scheidsrechters moeten respecteren, dwong zijn arbitragepartner in lagere reeksen te fluiten en dat zagen ze niet zitten, dus besloten ze ermee te stoppen. Handbal is vandaag minder aanwezig in zijn leven, al is hij nog actief binnen de arbitragecommissie.
 
Gestructureerd spelen
Maar dat betekent niet dat Jaichi zich verveelt. Au contraire. Naast zijn carrière als leraar lichamelijke opvoeding heeft hij zijn eigen vzw: Le Club du Multisports. “Het idee om daarmee te beginnen is ontstaan toen ik tijdens de schoolvakanties werkte als sportief monitor in Louvain-la-Neuve. Normaal gezien werkte ik met jongeren uit de secundaire school, maar daar werd ik geconfronteerd met kinderen van drie tot zeven jaar. Ik wou ook in Brussel een sportwerking opzetten voor ketjes van die leeftijd en ben in 2003 met de vzw begonnen.”

“Om een kind motorisch te vormen is het belangrijk dat hij zaken als ritme, evenwicht en ruimtelijke organisatie al voor zijn zesde traint. Dat zal hem later helpen in het dagelijkse leven. Ook waarden als respect en het leren delen worden op een natuurlijke wijze aangeleerd.”
Jaichi is vandaag eerder coördinator dan zelf monitor, maar de aanpak blijft dezelfde. Op woensdag (twee uur) en zaterdag (drie uur) worden in het sportcomplex van Evere verschillende sporten beoefend, en er wordt gezwommen. Een zestigtal kinderen, tussen drie en twaalf jaar oud, nemen daar aan deel. “Plezier komt op de eerste plaats. De kinderen komen spelen, maar dan op een gestructureerde manier. Rond hun zesde gaan we wat meer in op de technische kant van de sporten en kunnen ze zich stilaan oriënteren, naar balsporten of tennis bijvoorbeeld.”

“Door een begeleiding van drie tot twaalf jaar aan te bieden, bieden wij een continuïteit die je niet zoveel ziet. Meestal wordt vanaf latere leeftijd of over een kortere tijdspanne gewerkt. Ik voel alvast dat men hier meer open voor staat. Vroeger zeiden ouders me dat de kinderen toch ook op straat konden spelen, maar ze verstaan nu ook wel dat de omkadering die wij aanbieden belangrijk is.”
 
Zotjes doen
Jaichi kan dus op heel wat ervaring teren en werd daarom drie jaar geleden benoemd tot onderdirecteur van het atheneum Ukkel 2. Maar zijn periode als turnleerkracht op het atheneum van Jette laat hem niet los, en dat komt vooral door één begenadigde student: Adnan Januzaj. De jonge Brusselaar is een van de Rode Duivels die in Brazilië strijdt voor de wereldbeker.

“Ik heb Adnan van zijn dertiende tot zijn zeventiende onder mijn hoede gehad. Niet alleen tijdens de turnlessen, maar ook tijdens de middagpauzes want dan vond het voetbaltornooi de Mundialito plaats. De leerlingen vormden ploegen die werden onderverdeeld in poules. Het tornooi is uitgegroeid tot een heus evenement op school, waar ‘s middags heel wat studenten naar kwamen kijken. De dag van de finale werd iedereen zelfs vrijgesteld van de les om te komen kijken.”
“Adnan was een van de jongens die opviel, uiteraard. Maar ik wou niet dat hij alleen al het werk opknapte. Hij deelde zijn techniek en het werk dat hij opknapte met de andere jongens, hij dribbelde één of twee man en gaf dan zijn bal af. Het is belangrijk dat je jongens van die leeftijd die ploeggeest bijbrengt.”

Op technisch vlak kon Jaichi de jonge Brusselaar weinig bijbrengen, maar op vlak van attitude heeft hij wel zijn rol gespeeld. Hij is dan ook fier dat hij hem tussen de vedetten ziet staan. “Dat benenspel, die balbehandeling, … Ik zie nog altijd dezelfde Adnan als vroeger, maar dan tussen de sterren. Ik zie hem nog jaren aan de top draaien, en bij de Rode Duivels. Het enige waar ik wat schrik voor heb, is wie er na de huidige bondscoach komt. Hij heeft een trainer als Wilmots nodig, want als je hem te veel vrijheid geeft, kan hij wat zotjes beginnen te doen.”
“Ik heb hem wel iets bijgebracht, denk ik. Op vlak van waarden, zoals respect voor de anderen en goed kunnen samenwerken. Ik ben blij dat hij dat meedraagt in zijn bagage.”

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.
Lees meer over

Nieuws uit Brussel in je mailbox?