Menu

Iets gezien in de stad? Meld het aan onze redactie

Site by wieni
SLT122025 EXPO Coupedanslemetro-DoloresMarat

Les amoureux du métro, 1989 (c)Dolores Marat

Dolores Marat bij PhotoBrussels Festival: de fotografe die vanuit de buik afdrukt

Sophie Soukias
© BRUZZ
19/01/2026

Vanaf 22 januari strijkt het PhotoBrussels Festival neer in Brussel. Meer dan vijftig galerieën en exporuimtes doen mee. Een van de afspraken die je niet wilt missen is die met Dolorès Marat. In Studio Baxton toont de 81-jarige Franse fotografe haar beelden, die worden gedragen door mystieke, diepe kleuren.

Levenslopen zoals die van Dolorès Marat zijn zeldzaam. Ze wordt in 1944 geboren als dochter van een moeder die op het land werkt en een vader die afwezig blijft. Als kind wordt ze heen en weer geslingerd tussen armoede en openbare bijstand. Ze lijdt honger, het soort honger waarbij je ’s avonds niet weet of er genoeg op je bord zal liggen. En toch laat niets haar afhouden van één hardnekkige obsessie: fotografie. Niet als hobby, maar als een innerlijke drang, iets levensnoodzakelijks, bijna zo essentieel als eten.

Misschien omdat woorden in het begin simpelweg te weinig houvast bieden. In interviews vertelt Marat hoe ze als kind nauwelijks spreekt en geen antwoorden vindt voor volwassenen. Het beeld biedt daarentegen een schuilplaats én een taal. Ze leert alleen, droomt alleen, jarenlang. Pas rond haar veertigste wordt ze fotografe, na een lange periode in de schaduw van afdruk- en ontwikkellabo’s.

Van naaister tot fotograaf

Op haar vijftiende verlaat Marat school om naaister te worden. De fotografie komt via een zijdeur binnen: ze gaat aan de slag bij Froissard, een gespecialiseerde fotowinkel in Val-de-Marne. Eerst als schoonmaakster, maar ze wordt er al snel onmisbaar. Later, in Parijs, belandt ze bij het magazine Votre beauté van L’Oréal als labomedewerkster. In het halfdonker van het zwart-witlabo maakt ze afdrukken van beelden van Helmut Newton of Sarah Moon, zonder te weten wie ze zijn. Ze blijft er lang betaald worden als een arbeider, zelfs wanneer ze intussen zelf fotografe is – een onrecht dat ze benoemt in de Franse podcast Vision(s), net als de hardheid van een fotowereld die haar niet spaart. “Ik heb zoveel gemeenheden over mijn foto’s moeten horen.”

Dolorès snijdt niet bij, retoucheert niet: alles gebeurt in het moment. Die radicaliteit loopt als een ader door haar hele oeuvre

Vanaf de jaren 1990 komt haar werk langzaam bovendrijven, en vervolgens op eigen kracht naar voren. Ze fotografeert als freelancer onder meer voor de Franse dagbladen Libération en Le Monde, en het tijdschrift Les Inrockuptibles, maar ook voor zichzelf.

Marat blijft tot het einde autodidact: haar manier van kijken is van niemand anders geleend. Als er verwantschap is, dan met kunstenaars die ook autodidact zijn, die eigenzinnig en ongetemd zijn, zoals Chantal Akerman, Antoine d’Agata, Michael Ackerman... Maar Marats visuele poëzie is meteen herkenbaar. Ze vangt vluchtige kleuren – geel, groen, rood – tinten die soms maar enkele seconden in de lucht bestaan. Haar beelden neigen naar quasi-monochroom: twee, hooguit drie kleuren, opgetild door het Fresson-procedé, een ambachtelijke houtskooldruk met diepe, matte tonen. Toch is kleur bij haar nooit een truc. Het is een transportmiddel, de drager van een innerlijke reis.

Want het universum van Dolorès Marat voert je naar een vreemd land, dat vertrouwd is en toch onvindbaar. Een territorium van herinneringen die misschien nooit hebben plaatsgevonden, opgebouwd uit verbeelding eerder dan geheugen. Menselijke en dierlijke figuren verschijnen er onscherp, korrelig, zonder herkenbaar gezicht, het zijn aanwezigheden die al bezig zijn te verdwijnen.

Marat drukt af op het juiste moment. Daarna glipt het spook weg: een boot die door de melancholie wordt opgeslokt, golven als achtervolgers; een Hollywood-cowboy die wegzakt in een bioscoopzetel; een klein zwart jurkje dat onschuldig op een wit laken ligt; een vlucht vogels die versmelt met het bladerdek onder een gedempte groene hemel.

Elk beeld opent een verhaal zonder het te sluiten. Ook de mediterrane verbeeldingswereld en haar mythologieën krijgen ruimte: de piramides van Egypte, de ruïnes van Palmyra, plekken die lijken te zweven buiten de tijd. En dan is er New York, bemind zonder fetisj, benaderd om zijn beweeglijke sferen en dat voortdurende narratieve vermogen: aan elke straathoek kan een nieuw verhaal beginnen.

Instinctief

Dolorès Marat fotografeert instinctief. “Als het uit de buik komt, ga ik ervoor”, zegt ze. Zonder emotie geen klik. Ze snijdt niet bij, retoucheert niet: alles gebeurt in het moment. Die radicaliteit loopt als een ader door haar hele oeuvre.

Sinds de jaren 1990 wordt Marats werk erkend en getoond, eerst in Parijs, later in New York. Ook in Brussel. Haar eerste boek, Éclipse, verschijnt in 1992. In 2023 toont ze Dérèglement chromatique op de Rencontres d’Arles : een bekroning. Vandaag, op meer dan tachtigjarige leeftijd, staat haar blik niet langer ter discussie. Dolorès Marat heeft zich genesteld tussen de hedendaagse figuren die de fotografie mee hebben opengebroken. En een oeuvre dat zo lang in de schaduw moest groeien, blijft licht werpen op wat er nog komt.