Xavier Hufkens is al bijna vier decennia internationaal actief als galerist in Brussel en is niet van plan te verhuizen. Met drie vestigingen en honderden vierkante meters exporuimte runt hij de grootste galerie van het land. Sinds deze week loopt er een solotentoonstelling van de Amerikaanse kunstenaar Thomas Houseago.
©
Jean-François Jaussaud
| Xavier Hufkens opende in 1987 zijn eerste galerie op een achterkoer aan het Sint-Gillisvoorplein.
Met 'Journey' haalt galerist Xavier Hufkens opnieuw wereldtop naar Brussel
De expo Journey is het nieuwste hoofdstuk in een samenwerking die al bijna dertig jaar loopt tussen de Britse beeldhouwer en de Brusselse galerie. Houseago stelde in 1998 voor het eerst tentoon bij Hufkens. Zijn nieuwe werk is nog tot begin mei te zien in de galerie in de Sint-Jorisstraat in Elsene. Voor de opening zakte zanger en kunstenaar Nick Cave ook af naar Brussel. Cave hield in 2024 een solotentoonstelling van porseleinen kunst bij Hufkens.
Al bijna vier decennia brengt Xavier Hufkens internationale topkunst naar Brussel. Sinds hij in 1987 zijn eerste galerie opende in een achterkoer aan het Sint-Gillisvoorplein, groeide hij uit tot een van de belangrijkste galeristen van Europa.
“99 procent van onze bezoekers zijn geen kunstverzamelaars, ze houden gewoon van kunst en komen daarom kijken. Een galerie is een plek die gratis toegankelijk is en openstaat voor iedereen.”
Galerist
Vandaag telt zijn galerie drie locaties in Brussel en meer dan 2.000 vierkante meter tentoonstellingsruimte. Hufkens vertegenwoordigt een vijftigtal kunstenaars uit verschillende landen, onder wie grote namen als Daniel Buren, Christopher Wool en Louise Bourgeois, naast Belgische kunstenaars zoals Walter Swennen en Michel François.
Tegenwringer
Hoewel de galerie internationaal opereert en samenwerkt met kunstenaars vanuit alle continenten, bleef Xavier Hufkens altijd en uitsluitend gevestigd in Brussel, in tegenstelling tot andere spelers. “Ik heb vroeger wel over een verhuizing naar het buitenland nagedacht, maar vandaag ben ik blij dat ik het niet gedaan heb,” vertelt Hufkens. “Als je tegelijk aanwezig wilt zijn in New York, Londen én Parijs, dan ben je uiteindelijk nergens meer echt present. Je verliest je voeling met zowel de kunstenaars als de bezoekers. Een galerie moet een ziel en identiteit hebben.”
De keuze om zich destijds in Brussel te installeren was atypisch, maar tekenend voor zijn identiteit, zegt de galerist. “Antwerpen was toen het centrum van de Belgische kunstscene”, zegt hij. “Maar ik ben altijd een beetje een dwarsligger geweest. Ik zocht een plek waar ik iets kon betekenen en Brussel was de natuurlijke keuze”, zegt hij. “Ik had toen ook al de ambitie om op internationaal niveau te werken, dus de bereikbaarheid naar andere Europese kunststeden speelde ook mee.”
©
Allard Bovenberg
| De expo 'Journey' van Thomas Houseago is nog tot begin mei te zien.
Intussen groeide Brussel uit tot een belangrijke galerijstad, met spelers als Rodolphe Janssen, Greta Meert en Galerie La Patinoire Royale Bach. Of zijn eigen galerie daarin een rol speelde, laat Hufkens in het midden. “Die pretentie heb ik niet. Maar er zijn ondertussen wel een dertigtal galeries in de buurt gekomen,” zegt hij lachend.
"Vul de musea"
“Kan je je een bruisende stad inbeelden zonder musea of kunstgalerieën? Dat bestaat niet”, zegt Hufkens. Op het moment dat veel publieke cultuurinstellingen het moeilijk te verduren krijgen, duidt Hufkens op het belang van publieke financiering én waardering van de sector. “De stad heeft dat sterk cultureel weefsel nodig en de overheid moet erin blijven investeren. Meebouwen aan een rijke culturele stad maakt een werkelijk verschil. Het komt niet alleen de kunstenaars ten goede, maar iedereen: inwoners, bezoekers, toeristen”, meent hij. “Dus aan de politici: wees daarin alsjeblieft niet kortzichtig en bespaar niet op cultuur.”
Volgens Hufkens spelen kunstgalerieën en andere tentoonstellingsruimtes een belangrijke rol in het culturele ecosysteem van een stad. Hij betreurt daarom de recente sluiting van kunstcentrum Centrale van Stad Brussel. “Centrale was een belangrijk platform voor jonge kunstenaars,” zegt hij. “Je kan als beginnende artiest niet meteen in een groot museum terecht. Er moeten tussenstappen zijn en die moeten ook ondersteund worden.”
"De stad heeft dat sterk cultureel weefsel nodig en de overheid moet erin blijven investeren. Meebouwen aan een rijke culturele stad maakt een werkelijk verschil."
Galerist
Galerieën helpen volgens hem dat traject mede mogelijk te maken. “Het galerieweefsel zorgt ervoor dat jonge kunstenaars hun werk kunnen tonen.” Het idee dat galerieën enkel voor kunstverzamelaars bestemd zijn, klopt volgens Hufkens niet. “99 procent van onze bezoekers zijn geen kunstverzamelaars,” zegt hij. “Ze houden gewoon van kunst en komen daarom kijken. Een galerie is een plek die gratis toegankelijk is en openstaat voor iedereen.”
Maar om de cultuursector te laten bloeien, speelt ook het publiek een grote rol. “Ook wij als bezoeker moeten de sector ondersteunen. Vul de musea, ga naar theater en woon concerten bij. Beleef cultuur.”
Netwerk van internationale kunstenaars
Vandaag werkt de galerie samen met een vijftigtal kunstenaars. Dat netwerk groeide geleidelijk in de bijna vier decennia. “Zo’n netwerk bouw je niet in 1-2-3 op natuurlijk”, zegt Hufkens.” Het is het resultaat van 38 jaar werken. Vaak brengt de ene kunstenaar de andere binnen.”
Met sommigen werkt hij al samen sinds de begindagen van de galerie. Zo stelde de Frans-Amerikaanse kunstenaar Louise Bourgeois in 1996 voor het eerst tentoon bij Xavier Hufkens. De samenwerking duurde tot haar overlijden en loopt vandaag verder via haar nalatenschap.
Ook met beeldhouwer Thomas Houseago onderhoudt de galerie al bijna dertig jaar een nauwe band. Zijn nieuwe tentoonstelling in de Brusselse galerie markeert opnieuw een mijlpaal in die langdurige samenwerking.
Lees meer over: Brussel , Expo , Xavier Hufkens