Menu

Iets gezien in de stad? Meld het aan onze redactie

Site by wieni

Boek politiecommissaris verfilmd: 'Ik zag mijn broer kapotgaan aan drugs'

Niels Ruëll
© BRUZZ
11/03/2026

Tibo Vandenborre (links, toen nog zonder baard) speelt in de film ‘Clean’ een Brusselse commissaris, die zijn broer uit de klauwen van de drugs probeert te houden.

In de bioscoopfilm Clean speelt Tibo Vandenborre een Brusselse commissaris die de war on drugs moet uitvechten én zijn zwaar verslaafde broer wil helpen. Peter Muyshondt, korpschef van de lokale politiezone Rupel, maakte het zelf mee. De film is gebaseerd op zijn boek over zijn drugsverslaafde broer.

Daar was de schmink. Hier haalde ik de kinderen van school. Daarboven werd er heroïne tussen mijn tenen geïnjecteerd.” Kalm vertelt Tibo Vandenborre Peter Muyshondt over de filmopnames, terwijl ze samen via het skatepark aan de Kapellekerk, het Sint-Jan-Berchmanscollege en het Brigittinenpark naar de esplanade van het L-vormige sociale woonblok lopen voor de foto's. Het is een van de locaties uit Clean, een oprecht om de drugsproblematiek bekommerde politiefilm van Koen Van Sande. Vandenborre speelt een kaarsrechte commissaris van de Brusselse drugsbrigade die zijn carrière en huwelijk riskeert in een ultieme poging om zijn broer uit de klauwen van een ontspoorde heroïneverslaving te redden. De kern van het verhaal is niet verzonnen. Peter Muyshondt, tegenwoordig korpschef van de lokale politiezone Rupel, verloor zijn broer Tom aan een overdosis en maakt een snoeiharde analyse van de tragedie in het boek Broers waren we.

Politiebotten

Drie jaar geleden nam Vandenborre contact op met Muyshondt. “Je voelt het leven tussen de letters van het boek en daar wil je het fijne van weten. Ik wilde dicht bij de waarheid zijn, een lichaam voelen, een ademhaling horen, zien hoe hij reageert. In het boek was me de constante strijd opgevallen: je wil je politiewerk zo verantwoordelijk en goed mogelijk doen, en tegelijk worstel je met alle emoties die komen kijken bij een broer die hulp nodig heeft, maar door het systeem in de steek wordt gelaten. Met die sandwich kon ik als acteur aan de slag. De film brengt de vooroordelen over drugsgebruikers en politie netjes samen.”

De acteur uit Rundskop, 1985 en De big fuck-up heeft hij niet geïmiteerd. “Ik heb mijn haar kort geschoren en ben op mijn gevoel afgegaan. En ik heb maanden in politiebotten rondgelopen. Een politieman die zijn schoenen niet met zorg uitkiest en verzorgt, dat is geen politieman. Die schoenen zijn zijn bureau. Door uitstel van de opnames heb ik er veel langer in rondgelopen dan voorzien. Brussels by night, ontmoetingen: het trok allemaal in die schoenen. Maar promis, juré, dat is het enige graantje methodacting.”

BRZ 20260311 1970 clean2

Ivan Put

| Korpschef Peter Muyshondt (links) en acteur Tibo Vandenborre. De film ‘Clean’ is gebaseerd op het boek van Muyshondt, dat het verhaal vertelt van zijn aan drugs verslaafde broer Tom.

“Haal drugs uit de illegaliteit en een deel van het geweld valt weg”

Peter Muyshondt

Korpschef

“Ik ben nog een oude militair: die schoenen moeten blinken”, lacht Muyshondt. “Weet je waar mijn vrouw smakelijk om kon lachen? Jij vouwt je kleren op als een maniak, ik nooit. Ze vindt dat ik jou als voorbeeld moet nemen.”
Muyshondt heeft zich een tijd lang tegen de film verzet. “Koudwatervrees. Ik kon mijn verhaal niet afgeven. Ik wou de film verbieden. Nu is het omgekeerde waar: ik ben vastberaden om mijn mond weer open te doen. Ik vecht al 38 jaar als politieman en heb mijn broer zien kapotgaan aan drugs, maar ook aan het drugsbeleid.”


Kraan dichtdraaien

“Als er een eenvoudige oplossing bestond voor het complexe probleem, dan hadden we ze al lang gevonden. Het is normaal dat het zoeken is, maar het gratuite politieke populisme neem ik wel op de korrel. Het is erger dan ooit. Er is geen debat. Iedereen blijft in zijn warroom. Het is een opbod van steeds hardere handhaving. Het leger moet de straten op! Helikopters moeten parachutisten boven Brussel droppen, terwijl de politici poseren voor de foto. Sorry voor de oneliner. Ik weet dat we er zo niet komen. Maar de war on drugs is een puur politiek vehikel en heeft helemaal niks te maken met de gezondheid van de burgers.”

Vandenborre zag vrienden wegkwijnen door een verslaving. “Hoe ambetant sommigen ook konden zijn, ik zag vooral hypergevoelige, onzekere, angstige mensen die in pijn leven. Voor mij zijn dat geen criminelen. Weinig mensen denken nog zo, maar dat ziet de politiek precies niet in. Het is zéér pijnlijk om vrienden te verliezen door een overdosis of door zelfmoord. Ik had met hen een sterke emotionele band. Op goede momenten wisten ze dat ze moesten ingrijpen, maar bij het minste waren ze weer vertrokken. Die cyclus is zo frustrerend.”

BRZ 20260311 1970 clean

Ivan Put

Muyshondt zag de escalatie in Brussel en Antwerpen aankomen. “In het boek Beleid op speed: hoe de drugsoorlog alle zin voor rede versmoort uit 2017 heb ik voorspeld dat het geweld enkel zou toenemen bij een war on drugs. Het is weggezet als een pamflet. Kan er mij iemand vertellen wanneer die war on drugs een succes zal zijn? Als je de kaap van duizend ton in beslagnames per dag bereikt? Gezonde indicatoren lijken mij afname van het gebruik, afname van de productie, afname van de criminaliteit en toename van de gezondheid. Daar moet je je beleid op richten. Ondertussen is het drugsgebruik met twintig procent gestegen en het problematische gebruik meer dan verdubbeld. Het geweld tart de verbeelding. Laten we aanvaarden dat deze situatie slecht is en dat we het eens op een andere manier moeten bekijken. Het is schandalig nalatig dat de beleidsmakers dat weigeren te doen.”

“Het enige dat we nu doen? De symptomen bestrijden van onze eigen beleidskeuzes. Dweilen met de kraan open en alsmaar meer investeren in dweilen. Misschien moeten we de kraan dichtdraaien en zien wat er dan gebeurt.”


Legaliseer

Muyshondt is een pleitbezorger van een wettelijke regeling. “Legaliseer. Een illegale markt kun je nooit regelen. De criminele wereld heeft geen toegang tot de rechtsstaat, tot de politie, tot de justitie en kan zich enkel bedienen van geweld en afpersing. Haal drugs uit de illegaliteit en een deel van het geweld valt weg. De CEO van Delhaize legt geen bommen onder de auto van de CEO van Colruyt.”
“Aanvaard ook dat mensen sinds mensenheugenis drugs gebruiken. Tachtig procent van de gebruikers ontwikkelt nooit een probleem. Ze zetten hun lichaam onder druk, maar ze slaan niemand de kop in, ze stelen niet, ze rijden niet onder invloed. Het zijn je vrienden, collega's, familieleden. Moeten we daar echt een geldverslindende machinerie op loslaten?”

“Ik zie veel lijkbleke jongeren aan de Parvis bedelen, omdat ze dringend een hit nodig hebben”

Tibo Vandenborre

Acteur

De commissaris praat drugsgebruik niet goed, is niet voor vrije verkoop in supermarkten. Legalisering is niet hetzelfde als commercialisering. “Dat is uit den boze. Wij willen de drempels juist verhogen.” Cafés noemt hij met een knipoog “gebruikersruimtes”. “Wees eerlijk. Verheerlijk geen schadelijke producten. Van cannabis – als je het niet rookt tenminste – en MDMA-producten is aangetoond dat bij gecontroleerd gebruik de primaire en secundaire schade aan de gezondheid veel minder groot is dan bij alcohol of tabak. Toch worden die producten niet verketterd. We verkopen zelfs alcohol in tankstations langs de snelweg.”

“Ik krijg hier een versnelde cursus”, lacht Vandenborre. “In al die details heb ik me niet verdiept. Ik heb naast Peters boeken wel Sale flic. Enquête dans les coulisses de la police belge van de Brusselse journalisten Thomas Haulotte en Philippe Engels gelezen. De film werd naar Brussel verplaatst. Daardoor krijg je andere accenten, andere frictie.”

“Het geweld in Brussel is nog veel erger dan in Antwerpen”, zegt Muyshondt. “Maar ik merk wel dat Brussel al twee gebruikersruimtes heeft en dat de vzw Transit hier bakens verzet. Men is pragmatischer. Vlaanderen is helemaal in de greep van een radicaal-fundamentalistische visie op drugsbeleid. Daar moeten we afstand van nemen.”


Echte wrakken

Clean stelt de vraag hoe je mensen, vrienden, familie, kennissen, met een zware verslaving kunt helpen. “Ik weet waar ik mensen heen moet sturen als ze niet weten waar te slapen”, zegt Vandenborre. “Ik probeer niets te negeren. Vanwaar die golf, ook in Vorst, waar ik woon? Ik zie zo veel lijkbleke jongeren aan de Parvis bedelen, omdat ze dringend een hit nodig hebben. Soms probeer ik iets zots te doen. Ik trok iemand de kerk in, in de hoop hem iets te laten ervaren. Op het Bethlehemplein zie je voortdurend auto's, fietsers, brommers kopen en weer doorrijden. Die zijn nog sportief, die hebben nog een auto. Daarnaast zijn er de echte wrakken. Onder wie ook echt veel jonge, maar ook oude vrouwen.”

BRZ 20260311 1970 Clean1

Tibo vandenborre in 'Clean'

Ook de acteur kent geen wonderoplossingen. “Ik wil zo graag een oplossing vinden, maar wie ben ik? Blijven spreken, dat lijkt me verstandig. Ook over wat er vaak achter zit: diepe, geïnternaliseerde pijn. Als ik naar mezelf kijk en hoe ik omga met mijn problemen, met stress, met afstand nemen van pijn, met trauma's … Na een tijd is er een connectie tussen je hart en je hersenen en lijk je alcohol of sigaretten nodig te hebben om de rust terug te vinden. En die grote onrust vind je in de hele maatschappij terug, ook in het politiewezen. Wat bij mij het beste werkt, is een body-based praktijk.”

Hij verwijst naar de Hongaars-Canadese arts Gabor Maté, die verslaving linkt aan jeugdtrauma's. “De passage van kind naar volwassene pakken we niet goed aan en we houden vast aan een lichamelijke opvoeding van de 19e eeuw. Ik ben tegen legalisering als we er geen sociale, pedagogische verandering aan koppelen. Mij zou het enorm geholpen hebben om als jongere al bepaalde technieken te kennen om rust te vinden. Meditatie. Yoga. 's Morgens en 's avonds op school. Trauma bespreekbaar maken. Ik vind het zo spijtig voor die gasten die ik verloor, zoveel goede energie die er niet meer is. Hun pijn heeft bijna altijd te maken met geweld. Geweld in hen, in de familie, in de maatschappij. Hoe ga je met stress en pijn om? Dat moeten we zo jong mogelijk leren.”


Schuldgevoel

Muyshondt knikt. “Het boek en de film spreken er niet over, maar ik mag het niet langer weglaten. Niemand heeft daar schuld aan, maar mijn broer en ik zijn opgegroeid in een heel onveilige context. Ik ben op mijn vijftiende het leger ingevlucht. Mijn broer is op zijn vijftiende drugs gaan gebruiken.”

De commissaris en de filmflik roepen op tot empathie, niet om alles door de vingers te zien. “Weet je waarom ik de film zo goed vind? Door dit soort lastige vragen. Mijn broer was een goede gast als hij niet gebruikte. Zijn vrienden droegen hem op handen. Maar als hij gebruikte, was hij geen heilige. Hij heeft een dealer het mes op de keel gezet. Ik heb hem ooit buiten gezwierd nadat ik heroïnespuiten had gevonden in mijn slaapkamer. Waar de kinderen rondkropen. De scène zit niet in de film, maar we stonden neus aan neus. Ik was getraind door de speciale eenheden, ik was een thaibokser in de fleur van mijn leven, en toch was ik bang. Het is net niet uit de hand gelopen dankzij broederliefde.”

“Voor mij is het een heel mythische film geworden”, pikt Vandenborre in. “Geen drama, maar een tragedie. Dat verhaal van jou en je broer is voor mij een soort werveling. Een liefdestrijd tussen orde en chaos, tussen Apollo en Dionysus. Voor mij gaat het over een transformatie. Een openbreking. Een vermenselijking. Een ontbloting.”

Muyshondt heeft voor zijn broer dingen gedaan die de wet hem niet toelaat. “Om mijn broer te helpen, heb ik heel wat gedaan dat eigenlijk het daglicht niet mag zien. Dingen die niet kunnen als politieman. Ik nam mijn wapen, een matrak, mee als ik hem moest gaan zoeken in gevaarlijke omgevingen. Sommige inbreuken had ik moeten melden. Soms heb ik die wet gevolgd, even vaak koos ik voor mijn broer. Het beste aan de film vind ik dat hij (wijst naar Vandenborre) niet de goeie is. Je hebt minstens zoveel sympathie voor de broer met een verslaving.”

“Ik was getraind om de maatschappij te helpen. Om de held te zijn. Ik zat bij de speciale eenheden. Na ons is er niemand meer, maar mijn eigen broer bleef achter. Dat neem ik mezelf voor de rest van mijn dagen kwalijk. Iedereen probeert me dat schuldgevoel uit mijn hoofd te praten, maar daar word ik slechtgezind van. Ik koester dat schuldgevoel. Het is de enige manier om Tom nog bij mij te hebben.”

Clean: vanaf woensdag 11/3 in de bioscopen