Menu

Iets gezien in de stad? Meld het aan onze redactie

Site by wieni
Interview

Passa Porta opent tweede boekenwinkel: 'Ook Franstaligen lezen tegenwoordig meer Engels'

Michiel Leen
© BRUZZ
27/03/2026

Emiel Viellefont

| Ludovic Bekaert (links) is de zaakvoerder van Passa Porta Bookshop, Hendrik Tratsaert (rechts) is directeur van het literatuurhuis Passa Porta

Ludovic Bekaert van Passa Porta Bookshop opent volgende week een Engelstalige boekenwinkel, Hendrik Tratsaert van het internationale literatuurhuis Passa Porta opent volgend jaar dan weer een afdeling van de Schrijversacademie. “De vrijmoedigheid in Brussel bevalt mij.”

Timing is alles. In het pand aan de Dansaertstraat 48, naast de Passa Porta Bookshop, wordt momenteel alles in gereedheid gebracht om de deuren te openen op 4 april. De voormalige winkel in luxehandtassen wordt een tweede boekenwinkel, met aangepaste lees- en zithoeken, met een benedenverdieping exclusief gewijd aan fictie en een volledige bovenverdieping voor de betere literaire non-fictie – in totaal 180 vierkante meter Engelse boeken. Een serieuze uitbreiding op het huidige aanbod.

Tijdens het interview met zaakvoerder Ludovic Bekaert, over de verruiming van zijn boekenwinkel, en met Passa Porta-directeur Hendrik Tratsaert, zijn eerste interview sinds zijn aanstelling anderhalf jaar geleden bij het internationale literatuurhuis, worden de eerste pallets met boeken afgeleverd.

De boekhandel en het internationale literatuurhuis opereren onder dezelfde naam, maar in feite gaat het om twee aparte entiteiten, waartussen weliswaar een sterke wisselwerking bestaat. Klopt dat?

Hendrik Tratsaert: Bij de oprichting van Passa Porta was het opzet: literatuur onder de mensen brengen. Daar hoorde volgens oprichter Paul Buekenhout een boekhandel bij, die Ludovic vanaf 2005 uitbouwde. Strikt genomen zijn het twee aparte entiteiten, een vzw en een vennootschap, maar ze staan allebei ten dienste van schrijvers en lezers. Er is een duidelijke synergie tussen het literatuurhuis en de boekhandel: enkele tientallen Passa Porta-activiteiten per jaar vinden in de boekhandel plaats, het publiek overlapt voor een deel …

En nu breidt de boekhandel fors uit met een Engelse afdeling?

Ludovic Bekaert: Met 180 nieuwe vierkante meters verdubbelt de oppervlakte die we aan Engelse literatuur besteden. Midden vorig jaar kwam plotseling het pand vrij, en op mijn radar. Het idee om uit te breiden leefde al langer, maar een geschikte locatie vinden was niet simpel. Het is bijvoorbeeld niet opportuun om honderd meter verderop een bijhuis te openen in een klein pand. Maar letterlijk in het huis van de buren? Dan ben ik toch aan het rekenen gegaan.

Waarom krijgt het Engels zoveel extra ruimte?

Bekaert: De verkoop van Engelstalige boeken zit al jaren in stijgende lijn. Dat heeft voor een groot stuk te maken, zeker in de Brusselse context, met het feit dat ook Franstaligen Engels beginnen te lezen.. Daarnaast zijn er veel Nederlandstaligen die Engels lezen en is er het internationale toerisme dat toeneemt, net als de expat-­populatie. Ons aanbod van Engelse titels groeide van een duizendtal naar zeven- tot achtduizend, en daar voldeed de huidige ruimte gewoon niet meer voor.

Ondanks het feit dat er even verderop een grote Waterstones zit en de onafhankelijke Engelse boekhandel Sterling Books er enkele jaren geleden mee ophield?

Bekaert: Uiteraard vormt dat een risico, maar een berekend risico. En over Sterling gesproken: Eva Manhaeve, die voor Passa Porta Bookshop de Engelse afdeling zal leiden, heeft twaalf jaar de leiding gehad bij Sterling. Die ervaring zal haar van pas komen. Sterling heeft nooit een echte vervanging gekregen in Brussel, en in de Franstalige boekhandels is nog altijd zeer weinig Engels te vinden. Wellicht heeft dat te maken met een gebrek aan expertise.
Waterstones is inderdaad een goede boekhandel, een gevestigde waarde. Maar ons assortiment verschilt grondig van het hunne, veel meer toegespitst op literatuur en de betere (literaire) non-fictie.

"Brusselaars beginnen zichzelf als een aparte soort te zien: Vlaming noch Waal"

Hendrik Tratsaert

Directeur Internationaal literatuurhuis Passa Porta

Hoe evolueert de interesse voor de andere talen in het commerciële boekenaanbod?

Bekaert: De verkoop in het Nederlands is stabiel, maar veel concurrentie ondervind ik niet, of het zou de Standaard Boekhandel aan de Anspachlaan moeten zijn. Binnen die kleine Brusselse biotoop is er een goede afwisseling tussen wat wij aanbieden en wat zij in de rekken hebben liggen. Door het vrijkomen van ruimte ga ik het relatief kleine aanbod van Duitse literatuur uitbreiden. Ook het Frans zit in stijgende lijn. Sinds een maand of drie, vier gaat het aantoonbaar beter met Frans. Het feit dat het Engelse aanbod verhuist, zal voor iedereen een verademing zijn. (Lacht)

Een aantal jaar geleden deed u al eens een poging met Passa Porta 2, in de Lepagestraat. Dat bleek geen succes.

Bekaert: Nee, maar dat ging om een totaal ander concept: een ramsjwinkel. Heel wat factoren werkten in het nadeel. De nasleep van de aanslagen in 2016, toen die winkel net open was. De Lepagestraat die toch niet autovrij werd. En de verkoop van ramsj – nieuwe boeken voor een verlaagde prijs – die overal klappen kreeg. Op een bepaald moment maakte ik de rekening en besefte ik: de stekker moet eruit.

De Dansaertstraat ontsnapt niet aan de onveiligheidsproblematiek van de hoofdstad. Onlangs getuigde een verkoopster over geweld met luchtdrukpistolen door minderjarigen. Merkt u zelf iets van die verhalen?

Bekaert: Weinig. Een boekhandel moet zich in de eerste plaats wapenen tegen boekendieven en ik heb het gevoel dat het op dat vlak beter gesteld is dan vroeger. Wie dingen wil stelen om ze snel te gelde te maken, komt niet meteen bij boeken uit. Ik heb niet het idee dat het de toeristen afschrikt, ook niet de internationale. Eerder integendeel.

Tratsaert: Brussel blijft natuurlijk een heel drukke en chaotische stad, maar ik heb niet het gevoel dat mensen zich onveiliger voelen. Ik denk dat er eerder een bepaalde perceptie in Vlaanderen gecultiveerd wordt, een soort koudwatervrees om naar de hoofdstad te komen. Ik merk dat een beetje met de Nederlandstalige programma's: ik zie minder mensen die van buiten Groot-­Brussel komen. Jammer.

BRZ 20260325 1972 PassaPorta2

Emiel Viellefont

| De Passa Porta English Bookshop opent op 4 april de deuren. De feestelijke opening met livemuziek is voorzien op 16 april

Ondertussen bent u hier meer dan een jaar directeur. Hoe bevalt dat?

Tratsaert: Heel goed. Ik ben natuurlijk van de provincie zoals dat heet, Oostendenaar van oorsprong. Ik vind Brussel een fascinerende stad, door het multiculturele, het meertalige, het internationale. En ik denk dat zowel het literatuurhuis als de boekenwinkel enorm op die realiteit inspeelt.

De diversiteit van de stad weerspiegelt zich ook steeds meer in de superdiverse samenstelling van het publiek. Dat was vijftien, twintig jaar geleden veel witter en een stuk Nederlandstaliger, nu is dat veel meer meertalig. Hetzelfde met de werknemers of de medewerkers: allemaal meertalig.

Bepaalde groepen blijven wel afwezig.

Tratsaert: Daarom blijf ik inzetten op publiekswerking rond nichedoelgroepen. Jongeren, maar ook via een queer writing workshop bijvoorbeeld. De vereniging Untold Asian Stories had een aparte meet-and-greet met Ocean Vuong (Vietnamees-­Amerikaanse schrijver, red.) in Bozar.

We willen nog meer aanwezigheid in de stad. Via publiekswerkingsprogramma's, maar ook door nieuwe akkoorden te sluiten met Flagey, Bozar, De Munt. En de Passa Porta Bookshop, uiteraard. Dat is dan een soort wederzijds cliëntelisme. In de positieve betekenis. Of een soort erfdienstbaarheid, zo je wil, vermits je hetzelfde gebouw betrekt. Alleszins een samenwerking waar de beide vleugels van Passa Porta elkaar steunen en versterken.

Hebt u het gevoel dat u nieuwe lijnen moest uitzetten?

Tratsaert: Ik denk dat ik vooral de sterke punten kon versterken. De structuur zit goed. We besteden meer aandacht aan poëzie en non-fictie, want daar gebeurde iets te weinig rond. We werken aan meer impact via de communicatie en de merkbeleving. De publiekswerking zijn we verder aan het uitbouwen. De andere plannen zijn minder zichtbaar voor een groot publiek en spelen zich af op het interne niveau. De financiële kant van de zaak bijvoorbeeld, of de productie. Passa Porta moet eigenlijk een 360 gradenliteratuurhuis zijn.

Wat betekent dat?

Tratsaert: Dat wij 360 gradenservice leveren. Aan de ene zijde aan schrijvers. Aan de andere zijde aan lezers.

Schrijvers door residentiemogelijkheden te bieden, in Brussel, maar ook internationaal of in de schrijverswoning van Stijn Streuvels, het Lijsternest in Ingooigem. We geven tekstopdrachten, hebben een podcaststudio en ondersteunen podcastmakers via het Klankverbond. En dan heb je natuurlijk, als het over schrijvers gaat, de optredens. In een niet-festivaljaar gaan we tot vijftig optredens. Met een festival erbij, zoals in 2027, worden dat er zeventig meer. Volgend jaar opent hier een Brusselse afdeling van de Schrijversacademie.

De lezers vinden dan weer de weg naar ons programma via de optredens, workshops, leesclubs, meet-and-greets met de auteurs. Door de expliciet internationale dimensie maken we het verschil met veel andere literatuurhuizen.

Dat is een kritiek die Passa Porta wel wat vaker krijgt. Dat u toch vooral die blanke, hoogopgeleide, Dansaertvlaming bedient.

Tratsaert: Ik zie in de zaal nochtans veel meer diversiteit. Dat heeft ook te maken met niches zoeken en daarop werken. Bijvoorbeeld door twee programma's rond Arabische literatuur, en ik kan nog heel wat voorbeelden geven. De diversiteit komt er ook via onze Franstalige poot. Er is nog iets meer diversiteit in het Franstalige publiek. Dat is mij ook redelijk duidelijk.

"Dieven? Wie dingen wil stelen om ze snel te gelde te maken, komt niet meteen bij boeken uit"

Ludovic Bekaert

Zaakvoerder Passa Porta Bookshop

Kunt u als Oostendenaar aarden in Brussel?

Tratsaert: Ik breng mijn ervaring mee als artistiek leider van vzw's en als hoofdredacteur. Er heerst in Brussel een vrijmoedigheid die mij wel bevalt. Misschien is je-m'en-foutisme te sterk uitgedrukt, maar er is ruimte voor experiment en grassroots­initiatieven. Niet wachten tot de politiek in actie schiet, maar zelf iets starten. Brusselaars beginnen zichzelf als een aparte soort te zien: Vlaming, noch Waal, noch Nederlandstalige- of Franstalige-in-Brussel, maar een identiteit met een eigen definitie. Vergeet niet: in enkele decennia tijd is de bevolking van Brussel met een kwart gegroeid.

Hebt u veel gemerkt van de politieke crisis in de hoofdstad, die toch ook erg bepaalde waar er nog geld voor was en waarvoor niet?

Tratsaert: We hebben gelukkig meerjaren­overeenkomsten met Brusselse overheden. Blijft de vraag of de nieuwe Brusselse regering zinnens is om de culturele sector te blijven subsidiëren op het niveau waarop ze dat tot dusver deed. De Franse Gemeenschap moet besparen, idem voor het Brussels Gewest en de Stad Brussel. De Vlaamse minister van Cultuur, Caroline Gennez (Vooruit), heeft net een besparingsronde achter de rug. Een van de grote uitdagingen wordt: beter koken met dezelfde – of minder – middelen. We zullen meer naar de markt moeten kijken, desnoods via donaties of mecenaat.

Hoe realistisch is dat, mecenaat in de letteren? Ondernemers met zin voor kunst lijken toch eerder in beeldende kunst te investeren.

Tratsaert: Opera en beeldende kunsten vinden het gemakkelijkst geld in het bedrijfsleven, omdat ze het duidelijkst een bepaald kapitaal vertegenwoordigen. Literatuur moet het vooral hebben van symbolisch kapitaal. Je moet witte raven vinden die onze werking belangrijk genoeg vinden om ze te ondersteunen. Verschillende organisaties zijn momenteel op zoek naar geld en het is voor iedereen een even moeizaam verhaal. Daar zit ook de Belgische belastingdruk voor iets tussen.

Ook de plek waar u tevoren werkte, het Vlaams-Nederlandse culturele tijdschrift De Lage Landen, deelde in de klappen. Wat doet dat met u?

Tratsaert: Ik zag die klappen alleszins niet aankomen, want De Lage Landen kon een goed rapport voorleggen. Een aantal kleinere entiteiten, vooral op het gebied van taal en literatuur, zoals de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren hebben moeten inleveren. Een rationele uitleg voor die beslissing vind ik niet terug.

Kan Literatuurhuis Passa Porta die instellingen op een of andere manier steunen?

Tratsaert: Geldelijk niet, maar het kan auteurs wel een podium bieden en samenwerkingen in het leven roepen naarmate de middelen het toelaten.

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

Lees meer over: Brussel , Literatuur