Blu Samu werd bijna tien jaar geleden onthaald als jonge belofte. Vandaag keert de verloren dochter terug naar de stad waar ze muzikaal ontbolsterde, mét haar debuut onder de arm. “Ik voel dat het héél leuk gaat worden.”
Blu Samu keerde eind vorig jaar terug naar Brussel.
Blu Samu keert terug: 'Na twee jaar therapie dacht ik, wanneer the fuck wordt dit beter?'
Lees ook: De week van BRUZZ vanuit de Botanique
"Ik heb net mijn contract getekend”, glundert Salomé Dos Santos, zoals Blu Samu echt heet, op een zonnige december in een café in de Marollen. Op het einde van de maand verhuist ze naar Brussel, vertelt ze terwijl ze enthousiast met haar kleurrijke gelnagels op het tafeltje tikt. Het is de tweede keer dat ze zich in het gedruis van de metropool aan de Zenne nestelt. Na haar doorbraaksingle 'I run' uit 2017 had ze Antwerpen ingeruild voor de hoofdstad, maar tijdens de pandemie zocht ze weer heil in haar geboorteplek.
“I gotta leave my town, yeah, my city”, zingt ze nu in 'Adeus', een nummer op haar debuutplaat, (K)not, die in februari verschijnt. Blu Samu werd bijna tien jaar geleden als een jonge godin van de Belgische rap en soul onthaald. Ze scoorde met singles en ep's, waaronder het soulvolle Moka in 2018, werkte samen met Zwangere Guy en vond een fysiek en artistiek onderkomen bij de rapcrew Le 77. Maar aan een volledig album kwam ze nooit toe. Daarvoor moest ze eerst afscheid nemen. Van haar demonen, van de ratrace, van haar kritische zelf.
"Ik durf nu te zeggen dat het niet altijd makkelijk is. Ik ben soms óók depressief. Dat heeft de druk op mijn schouders aanzienlijk verminderd. Ik wilde zo graag enkel zijn wie ik wilde zijn, en niet alles wie ik was"
De pandemie zorgde voor de déclenche, zegt ze. “De hele lockdown heb ik gegamed, veel roleplayinggames. Dat was een copingmechanisme dat ik als tiener ook gebruikte om te ontsnappen aan de realiteit. Terwijl ik het wel goed had, ik had een artiestenstatuut en was omringd met fijne mensen. Ik ben uiteindelijk naar Antwerpen teruggekeerd om uit mijn impasse te raken.”
'Adeus' is een verwijzing naar een nieuw begin, maar ook naar haar Portugese roots. Haar moeder komt uit Portugal, haar vader uit Kaapverdië. “'Adeus' betekent 'vaarwel', maar ook 'aan God'. Zoals in het Frans: adieu. Ik vind het mooi om je te kunnen overgeven aan iets groters.”
En nu geef je je weer over aan Brussel. Voelt dat niet als terug naar af?
Blu Samu: Helemaal niet, ik voel dat het héél leuk gaat worden. De eerste keer dat ik naar Brussel kwam, was ik een wild dier met een grote open wonde. Alleen had ik toen nog niet de tools om die wonde te zien. Ik dacht dat de muziek alles zou oplossen, dat ik mij beter zou voelen als ik mijn droom van op een podium te staan zou realiseren. Terugkeren naar Antwerpen voelde alsof ik in mijn holletje wilde kruipen en aan mijn wonde likken. Eigenlijk zat ik in een overlevingsmodus. Aan de ene kant houdt die toestand je wakker en alert, maar hij vreet ook energie, want je moet constant over je schouder kijken. Nu ben ik genezen en kan ik weer gaan jagen. (Lacht)
Je hebt je tijd genomen om (K)not te maken. Moest je eerst een knoop ontwarren?
Blu Samu: Die knoop ben ik zelf. Voor mij is dat een positief beeld. In één persoon komen veel draadjes samen, je bent niet één ding, je bent véél dingen. In die titel kun je meerdere betekenissen lezen. Ik ben oké, maar ook niet oké. Ik hou van die dualiteit.
“Let me stay in my haze, let me stay in my maze”, zing je in 'Breakfast'. Niet elk vraagstuk moet opgelost worden?
Blu Samu: De laatste paar jaar heb ik leren accepteren dat ik één grote knoop ben. Vroeger wilde ik al mijn tekortkomingen of kantjes naar binnen duwen. Intussen heb ik geleerd om daar heel open over te zijn. Ik durf nu te zeggen dat het niet altijd makkelijk is. Ik ben soms óók depressief. Dat heeft de druk op mijn schouders aanzienlijk verminderd. Ik wilde zo graag enkel zijn wie ik wilde zijn, en niet alles wie ik was.
Blu Samu over haar debuutalbum: "Bij deze plaat had ik maar één regel: dat ik alles zou doen wat ik leuk vond. En dus niet alleen rap, maar ook pop of drum-'n-bass."
Je bent nochtans niet mals voor jezelf. 'I hate myself' heet een van je nieuwe songs.
Blu Samu: Healing is niet mooi. Er zijn ups en downs. Na twee jaar therapie dacht ik: wanneer the fuck wordt dit beter? Toen ik dat nummer schreef, voelde ik me echt niet goed. Ik was aan het vechten tegen dat innerlijke stemmetje waarmee ik mezelf altijd onderuithaalde. Maar tegelijk zing ik in die song over “the yearning to be sweeter”. Ik besefte toen al dat ik minder hard moest zijn voor mezelf. Je hebt zoveel mooie dingen in je leven, maar je zit de hele tijd in je hoofd te malen. Dat was ik beu.
In 'Yearning' zing je over de krassen die je moeder heeft gemaakt, en hoe je die wilt dichtnaaien. Wat waren die krassen?
Blu Samu: Ik heb dat nummer in Portugal geschreven. Als ik daar ben, voel ik meteen een diepe connectie met mijn kinderlijke zelf. In mijn nummers had ik al de laatste tien jaar van mijn leven ontleed. Maar er is daarvoor ook veel gebeurd. Mijn moeder moest mij alleen opvoeden, mijn vader was snel uit the picture. Mijn mama is bipolair, haar gemoedstoestand wisselde heel snel. Als kind moest ik voortdurend op eieren lopen, je wist nooit wanneer ze boos zou worden. Geen ideale situatie om een kind op te voeden. Op mijn achttiende ben ik thuis weggegaan, met het idee dat ik haar nooit meer zou zien. Daar is mijn PTSS ontstaan. Maar ik wil niet slecht over haar spreken, mijn moeder heeft heel erg hard haar best gedaan. Ze is ook iemand die door haar verleden is beschadigd. Ze kon niet in therapie gaan wanneer ze dat nodig had.
Hoe is je verhouding nu met haar?
Blu Samu: Goed. We hebben een atypische relatie, niet zoals moeders en dochters doorgaans met elkaar omgaan. We bemoeien ons niet te veel met elkaars leven. Maar ik respecteer haar en houd heel veel van haar. Ik probeer te helpen wanneer ik kan. Ze begrijpt mij. Ik heb haar wel voor de keuze gesteld om in therapie te gaan, anders moest ze mij niet meer bellen of sms'en, kortom vergeten dat ik er ben. Dat is hard, maar daardoor praten we weer. Intussen woont ze opnieuw in Portugal.
"Ik ben er nooit echt mee bezig geweest welke labels mensen op mij wilden plakken. Maar ik vond het wel vervelend dat ik aan het begin van mijn carrière als de Belgische Lauryn Hill werd bestempeld"
“Ik weet dat ik uitzonderlijk ben, so please move over”, zing je in 'Move', maar dan in het Portugees. Daar spreekt meer zelfvertrouwen uit dan ik verwacht had.
Blu Samu: Toen een vrouw van mijn label mijn album hoorde, zei ze dat ik exact verwoordde wat er elke maand in het hoofd van een vrouw gebeurt. Ik dacht 'Oh my god, bitch. That's true.' Ik beleef die stemmingswisselingen misschien intenser dan anderen, in bepaalde periodes, door wie ik ben en wat ik meedraag. Maar eigenlijk is het iets heel vrouwelijks. Denk aan PMS, die week voor je menstruatie waarin je denkt: ik haat mezelf, ik ben opgeblazen, alles is te veel, alles sucks. En dan ga je weer een andere fase in, de vruchtbare fase, en dan denk je ineens: 'I'm that bitch. Ik ben mooi. Ik ben geweldig.' (Lacht)
Dat cyclische, dat heen en weer bewegen, weerklinkt ook in de muziek.
Blu Samu: Er zit iets heel vrouwelijks in hoe ik van de ene kant naar de andere ga, en weer terug. Ik ben vooral heel blij dat ik een album heb kunnen maken dat me volledig weerspiegelt. Niet alleen mijn rapkant, waarin ik heel persoonlijk ben, en ook niet alleen die andere kant waarin ik het allemaal wat lichter en speelser zing. Alles zit erin.
Die specifieke track, 'Move', is eigenlijk een anthem voor Noord-Portugal. Porto is tegenover Lissabon een beetje wat Marseille is voor Parijs. Dat idee van: jullie zijn luid, direct, aanwezig. Ik wilde een liefdesbrief schrijven aan mezelf, aan die noordelijke kenmerken die ik in mij draag, maar ook aan vrouwen uit Noord-Portugal in het algemeen. Vrouwen die brutaal maar eerlijk zijn.
Wil je ooit terug naar ginds?
Blu Samu: (Snel) Ja! Er is iets speciaals aan de cultuur waarin je bent opgevoed. Portugal is heel hard thuiskomen. Zelfs al voel ik me al goed thuis in Brussel. Antwerpen is Vlaamser, mensen zijn er doorgaans stiller. Voor iemand die luid is zoals ik en graag talen door elkaar mixt, is dat aanpassen. Ik kijk ernaar uit om in Brussel bitoque te eten, dat typische gerecht met steak, rijst, frietjes en sla, alles op één bord.
Muzikaal gooi je ook alles op één bord.
Blu Samu: Ik ben er nooit echt mee bezig geweest welke labels mensen op mij wilden plakken. Maar ik vond het wel vervelend dat ik aan het begin van mijn carrière als de Belgische Lauryn Hill werd bestempeld. Bij deze plaat had ik maar één regel: dat ik alles zou doen wat ik leuk vond. En dus niet alleen rap, maar ook pop of drum-'n-bass. Daar ben ik heel veel op uitgegaan. I used to fucking bleed drum & bass. (Lacht)
De beat in 'Yearning' komt dan weer van een pingpongpaletje. Bleed je ook tafeltennis?
Blu Samu: Haha, nee. Dat is een sample uit de animeserie Ping pong the animation van de Japanse regisseur Taiyō Matsumoto. Hij heeft ook Tekkonkinkreet gemaakt, een van mijn favoriete films ooit.
“I was never a rapper, people misunderstood”, zing je daarin. Wil je ongrijpbaar zijn?
Blu Samu: Mijn allereerste booker vond dat ik eenduidig moest zijn, anders zouden mensen mij niet begrijpen. Pas je op een jazzfestival, of op Pukkelpop? Maar ik vond niet dat ik moest kiezen. De rode draad ben ik zelf. Mijn stem, mijn persoon, mijn waarheid. Je kunt mij een rapper noemen, maar ik zing ook, en ik hou ook van harde beats en elektronische muziek.
Er zit een lexicon bij de plaat, met woorden als 'kintsugi' (“The beauty found in broken things, mended with gold”) of 'porcelain punk' (“A fusion of fragility and resilience”). Wilde je toch voor extra duiding zorgen?
Blu Samu: Samen met een schrijfster heb ik urenlang gesproken over het album en alle nummers. Dat vonden we gewoon leuk om te doen: om al op voorhand woorden te plakken op wat er in de muziek zit. Ik schrijf natuurlijk zelf, maar zij schrijft op een heel andere manier. Misschien dieper, met meer kennis, minder intuïtief en meer doordacht. Ze kwam met prachtige begrippen waarvan ik dacht: oh my god, ik wist niet eens dat er een woord bestond dat dit allemaal kon vatten.
(K)not verschijnt op 20/2, Blu Samu stelt haar album voor op 21/3 in de Botanique, botanique.be