Menu

Iets gezien in de stad? Meld het aan onze redactie

Site by wieni
Longread

De Week van de Belgische muziek: 'De industrie plaatst artiesten in competitie met elkaar'

Benthe Vermeulen
© BRUZZ
04/02/2026

Minder subsidies, minder speelkansen, minder ondersteuning. Onder het feestgedruis van de Week van de Belgische Muziek schuilt een moeilijke realiteit: jong Brussels muzikaal talent moet steeds harder knokken om te overleven. “De muziekindustrie plaatst artiesten in competitie met elkaar.”

De Week van de Belgische Muziek werd in het leven geroepen om iedereen – van muziekfreak tot politicus – te laten zien wat de impact is van muziek, zowel cultureel als sociaal en economisch”, zegt Stijn Lemaire, algemeen coördinator bij VI.BE, Vlaams steunpunt voor artiest en muzieksector. Maar die week begint met een valse noot, toch wat Brussel betreft: festivals worden geschrapt, clubs en podia voor opkomend talent verdwijnen, terwijl ook de financiering van ondersteunende organisaties terugloopt. “Verschillende initiatieven stoppen en dat baart mij zorgen”, erkent Lemaire.

Hetzelfde alarmistische gevoel heeft ook Tom Bonte, directeur van de Ancienne Belgique. Hij zat afgelopen maandag in de radiostudio van BRUZZ, en wees daarnaast op de impact van de stijgende kosten, een mogelijke btw-verhoging op tickets en teruglopende subsidies. “Je voelt dat mensen de hand op de portefeuille houden. Dat vertaalt zich meteen in ticketverkoop en kansen voor artiesten.”

Commercialiseren

Een van die kansen die verdwijnen, is bij de Ancienne Belgique zelf: de muziektempel kondigde aan in 2026 geen edities van Boterhammen in het Park of Feeërieën te organiseren. Door het uitblijven van een Brusselse regering kon de concertzaal niet rekenen op een gewestelijke subsidie van 65.000 euro en besliste ze de festivals bij voorbaat te schrappen.
Ook Brussel Brost viel ten prooi aan besparingen, dit keer vanuit Vlaanderen. Het gratis studentenfestival verliest 250.000 euro aan Vlaamse cultuursubsidies en ziet zich genoodzaakt de editie van 2026 te annuleren.

Niet alleen festivals, maar ook het Brusselse nachtleven verkeert stilaan in ademnood. Eind 2025 sloten vaste waarden zoals Reset, La Cabane en Bonnefooi definitief de deuren. Volgens Julian Leclercq van La Cabane werd de sluiting van de club in Watermaal-Bosvoorde veroorzaakt door een samenspel van factoren. “Een gebrek aan steun van de overheid, maatregelen die uit een andere tijd stammen, met name op het vlak van het geluidsbeleid”, zegt Leclercq. “Maar ook beslissingen die losstaan van de realiteit, en steeds strengere controles.”

La Cabane stond bekend om zijn mix van lokaal talent en internationale artiesten. “Om vandaag het hoofd boven water te houden, zou het voor de club noodzakelijk zijn geweest om haar programmatie te commercialiseren”, aldus Leclercq. “Dat wilde ik niet. Ik had geen zin om een programma te maken dat niet bij La Cabane paste, voor een publiek dat ons niet weerspiegelt.”

“Muziek wordt te vaak getrivialiseerd, terwijl wij geloven dat ze net een instrument kan zijn om mensen uit de armoede te helpen”

Adam Russell

Oprichter van de vzw Oersoep

Moeilijk politiek evenwicht

Naast speelgelegenheden voor artiesten in clubs en op festivals voelen ook ondersteunende organisaties de gevolgen van de besparingskoorts. “Besparingen kunnen op korte en lange termijn het broze ecosysteem van de Brusselse muziekscene structureel beschadigen”, zegt Lemaire van VI.BE. “Mensen denken dat muziek zoals kraantjeswater uit de muur komt, maar er schuilt een geheel van collectieven, muziekhuizen en speelgelegenheden achter.”

Een van die onmisbare schakels in het ecosysteem is Volta. Het muziekcentrum stelt aan 153 muzikale projecten onder meer repetitieruimtes en opnamestudio's ter beschikking. Dat is goed voor in totaal 375 muzikanten. Het fungeert daarom als belangrijke broedplaats voor zowel gevestigd als opkomend muzikaal talent in de hoofdstad. Desondanks keerde Volta bij de recente Vlaamse projectsubsidieronde met lege handen terug.

“Tal van artiesten die de stad muzikaal representeren werken in Volta”, zegt Arne Huysmans, oprichter van Volta. Hij betreurt de politieke impasse in Brussel, die al meer dan zeshonderd dagen aansleept. “De verschraling van Brussel wordt met de dag zichtbaarder”, zegt hij. “We hebben een stad die niet toekomstgericht kan werken, en dat is nefast voor alle sociaal-culturele organisaties. Het waardevolle werk, dat samen met de vorige kabinetten is gerealiseerd, dreigt verloren te gaan. Denk bijvoorbeeld aan het cultuurbeleid van de Vlaamse Gemeenschapscommissie, maar ook aan de Brusselse Broedplekken.”

Omdat de Brusselse regering in lopende zaken verkeert, kan het Brusselse Gewest geen nieuwe budgetten vrijmaken voor organisaties als Volta. Aan Vlaamse kant moet minister van Cultuur Caroline Gennez (Vooruit) 23 miljoen euro besparen op cultuur.

Huysmans wijst op de concrete gevolgen voor artiesten: “Het gebrek aan middelen creëert een enorm concurrentieveld onder kunstenaars, organisatoren en huizen. Dat is niet constructief. Tegelijk kun je moeilijk van Vlaanderen verwachten dat het alle problemen van Brusselse kunstorganisaties opvangt en oplost.” Toch voelt Volta zich naar eigen zeggen gesteund door de Vlaamse regering. “We zitten met een kabinet dat cultuur genegen is en een visie wil uitbouwen mét de sector. Ook voor Volta wordt er op de korte en lange termijn een oplossing gezocht om een duurzaam bestaan te verzekeren,” besluit Huysmans.

Volgens het kabinet-Gennez volgt de toekenning van subsidies de dynamiek van het veld: meer aanvragen uit een bepaalde stad zouden in principe moeten leiden tot meer middelen voor die stad. Sinds het begin van de huidige legislatuur is er een totaal van bijna 20 miljoen euro aan subsidies toegekend onder het kunstendecreet. Een dikke 7 miljoen euro ging naar Brusselse kunstenaars en organisaties. Hoeveel de Brusselse muzieksector, en specifiek Volta, kreeg, deelde het kabinet niet mee.

Sterke concurrentiestrijd

Dat investeren in de Brusselse muziekscene wel degelijk loont, onderschrijft ook Stijn Lemaire van VI.BE: “Ik denk dat de buitenwereld niet hard genoeg kan horen dat Brussel een bijzondere muzikale metropool is, gedragen door een uitzonderlijk rijke muzikale ondergrond.”

“De Brusselse sound vind je nergens anders”, beaamt ook Mia Lena, Brusselse singer-songwriter en finaliste van De Nieuwe Lichting, het muziekconcours van Studio Brussel. “Ons geluid breekt regels. We maken muziek op gevoel, in het Frans, Engels en Nederlands door elkaar. Onze sound is een reflectie van de stad waarin we leven: open-minded en innovatief.”

Tegelijk wijst ze op een realiteit die steeds moeilijker wordt: “Er is vandaag definitely minder geld dan vier jaar geleden. Programmatoren kiezen daardoor sneller voor artiesten die gegarandeerd iets opbrengen, waardoor de muziekindustrie ons steeds meer in competitie met elkaar plaatst.”

Ook Fred Gata, Leuvense rapper en producer die twee jaar geleden naar Brussel verhuisde, herkent die spanning: “Er is enorm veel muzikaal talent in Brussel, maar iedereen opereert te vaak binnen zijn eigen community. De scene mist soms samenhorigheid.”

Zijn traject toont hoe precair de weg naar de doorbraak vaak is. “Het lijkt alsof je als artiest eerst moet struggelen voor je kunt doorbreken. Voor ik Sound Track won in 2023 combineerde ik twee jobs en moest ik echt husselen voor speelplekken, zelfs gewoon om te kunnen repeteren.”

Veel artiesten hebben meerdere baantjes nodig, zelfs als ze al in grote zalen spelen, zegt ook Bonte. “Optredens zijn piekmomenten, geen structureel inkomen.” De voorbereiding: schrijven, repeteren, ontwikkelen, is volgens hem vaak onbetaald of onderbetaald. Bonte wijst op een structureel probleem: het zichtbare succes van enkele grote artiesten verbergt de realiteit van een brede groep muzikanten die nauwelijks kan rondkomen.

DIY-scene

Welke antwoorden kan de Brusselse muziekscene bieden op de toenemende druk waaronder ze staat? Voor Adam Russell van de vzw Oersoep is het duidelijk: “Omdat we steeds minder steun krijgen, moeten we het heft meer in eigen handen nemen en als muzikanten in onszelf geloven. Er is te veel concurrentie. We moeten meer durven samenwerken en meer op elkaar leunen.”

Met Oersoep wil Russell de Brusselse muziekscene zo toegankelijk mogelijk maken. De organisatie stelt onder meer studio's ter beschikking van artiesten via een pay what you can-model. Er is geen vooraf bepaalde huisstijl: iedereen is welkom. “Eigenlijk beschouwen we onszelf als sociaal werkers. Muziek wordt te vaak getrivialiseerd, terwijl wij geloven dat ze net een instrument kan zijn om mensen uit de armoede te helpen”, legt Russell uit.

Ook Stijn Lemaire volgt de filosofie van Russell: “Artiesten moeten meer naar hun eigen scene kijken en anderen ondersteunen. Je voelt dat er vandaag een beweging is waarbij artiesten zich steeds meer bewust worden van die gedeelde verantwoordelijkheid. Dat is iets wat we moeten koesteren.”

Naast een groeiende samenhorigheid ziet Lemaire nog een aantal andere hoopvolle bewegingen die de druk op de Brusselse ketel kunnen verlichten. “Lokaal begint echt iets te bewegen: de stad Brussel werkt aan een strategisch plan voor nightlife, en er komt meer aandacht voor een structureel stedelijk muziekbeleid. Het besef groeit dat artiesten waardevolle stakeholders zijn voor een stad. Het is een marathon, geen sprint.”

Een voorbeeld is het Muzik 1030-beleid van de gemeente Schaarbeek. Via subsidies faciliteert de gemeente caféconcerten, onder andere in L'Estaminet. “De bedoeling is dat artiesten eerlijk beloond worden: L'Estaminet betaalt de helft van de beloning, de gemeente de andere helft,” legt uitbater Maxim Plaisier uit. Naast caféconcerten zet Schaarbeek ook in op het nachtleven: “De jeugddienst heeft budget vrijgemaakt om in 2026 vier clubnights te organiseren. Er werd een open call uitgeschreven gericht op beginnende collectieven. Wij geven hen een kader dat zij zelf mogen invullen”, vult Plaisier aan.

Met de verdere uitbouw van de AB als “muziekhuis” wil ook Bonte zijn steentje bijdragen. Naast concerten wil de concertzaal meer inzetten op residenties, studio's, workshops en ontwikkelingsplekken voor jong talent. “Vooral artiesten die het echt nodig hebben, moeten in de AB terechtkunnen om te groeien.”

Door de toenemende besparingen in de Brusselse muziekscene zouden artiesten zich mogelijk meer als een hechte community kunnen gaan ontwikkelen. Dat voelt De Nieuwe Lichting-finaliste Mia Lena ook. “We gaan voorzichtig richting een gemeenschap, omdat we beseffen hoe belangrijk het is om elkaar te steunen. Zet jonge artiesten in het voorprogramma of noem in interviews namen van opkomend talent. Zwangere Guy zei het in 'Loin d'ici' op de soundtrack van Putain het best: 'Tout seul, on va plus vite, mais ensemble, on va plus loin.'”

Week van de Belgische Muziek 2026

Tijdens de Week van de Belgische Muziek zet BRUZZ weer lokale artiesten vol in de spotlights. We nodigen artiesten uit en we sorteren jouw favoriete tracks in een Belgische top 100.

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

Lees meer over: Muziek , Week van de Belgische Muziek 2026