review

Expo: 'De nieuwe Vlaamse strip': nieuw, opnieuw, belegen

Onze score

De nieuwe Vlaamse strip in het Stripmuseum verzamelt buitensporig talent dat ook internationaal brokken maakt. Helaas in een format dat elke grootheidswaan meteen de kop indrukt. Onterecht.

De nieuwe tijdelijke tentoonstelling in het Stripmuseum verzamelt een recente golf van Vlaamse stripmakers – achttien lieden geboren in de jaren 1960, ’70 en ’80 –, die met buitensporig veel talent, lef en een buitenissige blik de esthetische en narratieve grenzen van het beeldverhaal oprekt. De grond voor die kleine revolutie vindt het Stripmuseum in de stripopleidingen die in 1987 in Gent en in 1998 in Brussel het licht zagen, en in de ondersteuning die het Vlaams Fonds voor de Letteren sinds 2002 aan het beeldverhaal biedt.

Voeg daar het geloof van uitgeverijen als Bries en Oogachtend en de digitale revolutie (die de kwalitatieve maatstaven heeft verlegd) aan toe, en je krijgt als aangenaam gevolg dat een flink aantal van de stripmakers die in De nieuwe Vlaamse strip vertegenwoordigd wordt, ook internationaal brokken maakt. Fantagraphics, Actes Sud, Drawn & Quarterly... de grootste buitenlandse uitgeverijen hebben jonge Vlaamse honden in hun fondslijst zitten.

Dus ja, je kan spreken van een nieuwe generatie, en het is mooi dat die hier, met een focus op de productie sinds 2000, wordt samengebracht – met Olivier Schrauwen als bizarre afwezige. En toch blijven we op onze honger zitten. Van Nix kan je enkele Kinky & Cosy-filmpjes bekijken, en van Jeroen Janssen zijn wat parafernalia en schetsboeken in een vitrine gezet, maar over het algemeen waaien de paar originele platen en het korte introductietekstje per stripmaker hier als een zucht voorbij.

Het is tekenend voor een terugkerend probleem: op papier boeiende onderwerpen worden in het Stripmuseum vaak te mager uitgewerkt – uit angst voor een te hoge drempel? – en te klassiek gepresenteerd – als een sjabloon dat over elk onderwerp kan worden gelegd.

Schwung
Terwijl er behalve het individuele talent ook vertakkingen zijn te ontwaren die ‘de nieuwe Vlaamse strip’ in een levende context kunnen plaatsen. Wauter Mannaert en Ben Gijsemans delen in De Geslepen Potloden – ooit in het leven geroepen door Judith Vanistendael – een atelier dat al tot boeiende meertalige samenwerkingen heeft geleid. Wide Vercnocke transformeert al een hele tijd hongerig in zijnsvormen die hem toestaan ook naast de tekentafel zijn poëtische ziel bloot te geven.

Los van die vertakkingen, nopen de schetsboeken van Jeroen Janssen in zichzelf al tot diepere exploratie, verdienen de poëtische toetsen van Randall C., de schoorvoetende focus van Ben Gijsemans en de grafische transformaties van Simon Spruyt meer. Het werk van Brecht Evens en Brecht Vandenbroucke kán spannende tentoonstellingen opleveren, als je ziet met wat voor schwung het MIMA hun werk aanschouwelijk heeft weten te maken.

Simon Spruyt heeft een staatsieportret van zijn boosaardige genie, stripindustrialist SGF ophangen, dat leest: “SGF tolereert u”. Het Stripmuseum moet mikken op meer dan louter tolereerbaar te zijn.

> De nieuwe Vlaamse strip. > 03/06, Stripmuseum, Brussel

Lees meer over
BRUZZ Magazine
deze week
  • Fietsersbond: 'Er zit een systeemfout in het Brussels verkeer'
  • Miljoenen voor openbare ruimte rond Zuidstation
  • Langspeelfilm van Patrick Van Antwerpen opnieuw uitgebracht
  • Lees online
deze week
  • Kaat Beels & Nathalie Basteyns: 'Niet iedereen wil Star Wars zien'
  • Melanie De Biasio: Jamais à bout de souffle
  • The Van Jets: The rock quartet releases the beast
  • Lees online
Neem een abonnement
Lees ook