Beirut: ‘Van gitaren gaan mijn hersenen in slaapstand’

Zach Condon had even tijd nodig om zichzelf terug te vinden, tot hij met Beirut in Berlijn landde. “Mijn muzikantenbestaan leek een tijdlang een verre droom. Dat heeft mij deugd gedaan.”

Zach Condon brak vijftien jaar geleden door met de in Oost-Europese melancholie en Franse chansons gedrenkte indiepop van zijn groep Beirut. De ukeleles en blazers vlogen je om de oren, zijn concerten waren het soort feest dat je doet huilen. Op recente albums voegde hij meer pop aan zijn songs toe. Die vijlt hij er op Gallipoli, zijn vijfde album, weer enigszins af. Hij stofte zijn Farfisa af, een orgeltje van Italiaanse makelij dat hij destijds als broekje van een rondreizend circus erfde, en schreef ontvette songs die zonder wroeging verbroederen met zijn vroege werk.

Condon heeft een speciaal soort humor. ‘When I die’ trapt hij zijn nieuwe album doodleuk af, alsof hij tijdens zijn carrière nog niet genoeg de zelfkant heeft opgezocht. Depressies, drank, uitputting: het ging de voorbije jaren niet altijd even goed met de Amerikaanse globetrotter. “Ik denk dat ik mijn grootste angsten er meteen wilde uitgooien,” zegt hij. “Als ik het ondermaanse verlaat, wil ik niet te veel bagage meenemen. Dus probeer ik om wat lichter in het leven te staan.”

Condons succes is voor hem altijd een worsteling geweest. Vooral het bijbehorende leven on the road baarde hem kop- en fysieke zorgen. Ooit moest hij tournees cancelen, waaronder een optreden op Rock Werchter, waar hij deze zomer als alles goed gaat wél staat. “Ik heb een hekel aan vliegen. En tournees ben ik nu ook met dat vliegen gaan associëren. Het voelt alsof ik op missie gestuurd word en mijn verstand erbij verlies. In de aanloop naar vluchten krijg ik nachtmerries.”

 

Je spreekt over je tournees als “missies”?
Zach Condon:
Euh, ja. Ik ben geen natural born performer. Toen ik muziek begon op te nemen, had ik er nooit aan gedacht dat ik ook nog zou gaan optreden. Ik wilde gewoon muziekmaken. Dus, ik zie het als een soort opdracht. Maar uiteindelijk hou ik er wel van om met een publiek in dialoog te gaan. Ik voel me altijd slecht wanneer ik besef dat er nog plekken zijn waar mensen me willen zien en waar ik nog niet geweest ben. Daarom zeg ik ja op alles. (Lacht)

 

Zoals op Vorst Nationaal. Ligt zo’n arena jouw muziek wel?
Condon:
Ik denk van wel. Vanaf een bepaalde hoeveelheid mensen doe het er ook niet meer toe hoeveel het er zijn. Een paar jaar terug, tijdens de tournee voor The riptide, hebben we eens in Hyde Park in Londen geopend voor Arcade Fire. Er waren 100.000 mensen. Ik viel bijna flauw toen ik het podium op liep. Op de koop toe viel de kurk uit een van mijn ventielen, waardoor mijn eerste noten eruit kwamen als eendengekwetter. In het midden van de song vond ik die kurk gelukkig terug.

“I skipped around as cannon fodder,” zong je op je vorige plaat. Gaat het nu beter met je? 
Condon:
Goed lijntje. (Glimlacht) Ik voel me beter, ja. Het ironische is wel dat ik niet zoveel controle over mijn leven meer wil hebben. Zodat ik niet overhoop lig met mezelf bij elke kleine terugval. Maar op deze plaat had ik meer controle dan ooit. De muziek gutste eruit. Ik moest het allemaal snel registreren voor ik het vergeten was. 

Was dat nieuw?
Condon:
Het voelde zoals ik als tiener muziek opnam in mijn slaapkamer. Voor ik ging slapen schreef ik elke avond een song en die nam ik op op een viersporenrecorder. Alsof ik bezeten was, ik kon er niet mee stoppen. Als ik een paar dagen niets deed, voelde ik me slecht, omdat ik het idee had dat ik kostbare tijd aan het verspillen was.

 

Beirut
Zach Condon in Berlijn

 

Wat draaide de kraan deze keer open?
Condon:
Dat weet ik niet. Misschien kwam het door de levenskeuzes die ik had gemaakt? Sinds ik in Berlijn woon, zijn er verschillende stukken van de puzzel gelegd.

Maar toch loert de donkerte altijd om de hoek. In ‘Family curse’ zing je: “With the family curse / I cannot be sure / What we’re in for.” Over welke vloek heb je het?
Condon:
Depressie. Angst. Alcoholisme. Noem maar op, we zitten allemaal in hetzelfde schuitje. Zowel aan vaders kant als aan die van mijn moeder. Ik heb een dubbele dosis Ierse mentale gezondheidsissues.

Jij kan je ei kwijt in je muziek. Maar hoe gaan de anderen ermee om?
Condon:
Iedereen op zijn eigen manier. Mijn vader heeft zich altijd op fysiek inspanningen gestort. Hij stond op om vijf uur ’s ochtends op en ging dan kilometers lopen vooraleer hij ging werken. Nadat hij was thuisgekomen, stortte hij zich op zwemmen. Vandaag zeilt hij. Mijn jongere broer verdwijnt in het bos elk weekend. Mijn oudere broer schrijft. Mijn moeder schildert. We hebben allemaal op onze eigen manier een creatieve uitlaatklep. Anders zouden onze hersenen zichzelf opvreten.

Waren je ouders enthousiast toen je muziek begon te maken? 
Condon:
Eigenlijk wel. Alleen toen ik stopte met school, rond mijn zestiende, waren ze niet zo blij. Ik zat de hele nacht muziek op te nemen, ik raakte niet meer op tijd in de lessen. Ik haatte school en voelde me er rot. Ik denk dat mijn ouders door hadden dat ik best grote ambities had, maar ze waren niet helemaal zeker hoe ze me moesten vertellen dat een muzikantenbestaan niet de veiligste optie was. (Lacht)

Iets anders: je hebt weer een plaatsnaam aan je songcatalogus toegevoegd. Schrijf jij songs terwijl je dartspijltjes naar een wereldkaart gooit? 
Condon:
Haha, nee. Om eerlijk te zijn: ik steek een beetje de draak met mezelf. Mensen vragen ook waarom ik zo vaak naar plaatsnamen verwijs, maar ik heb er geen goede uitleg voor.

 

 

Gallipoli is een stadje in Zuid-Italië, in de buurt van de studio waar je gaan opnemen bent. Hoe gaat het er toe?
Condon:
Het is een beetje off the beaten path. Hier en daar is het ginds wat onderkomen, maar het eten is er uiteraard geweldig. We zijn het stadje een keer gaan bezoeken, en toen trok er zich net zo’n processie op gang. Mensen met heiligen op hun schouders, een orkest, en de priester vooraan. We zijn hen gevolgd door de kronkelende middeleeuwse straatjes, de hele stad in hun zog. Wat een ongelofelijk gezicht! Het deed me denken aan het Zozobra-festival, thuis in Santa Fe. Op het einde van het oogstseizoen is er een feest dat een week duurt. Het gaat er wel redelijk wild toe. We steken dan een grote pop in brand, zo verbranden de mensen symbolisch hun zorgen. 

Ik dacht dat je ook naar dat andere Gallipoli verwees. In Turkije.
Condon:
Ja. Het schiereiland waar hard gevochten is. I’ve had my little battles in Turkey. (Lachje)

Hoezo?
Condon:
Ik ben een paar jaar met een Turkse vrouw samen geweest en heb een tijdje in Istanboel gewoond. Ik koester daar goede herinneringen aan. Als mensen over Turkije praten, veer ik op. Ik ben geobsedeerd door de bizarre geschiedenis van het Ottomaanse volk. En door de muziek natuurlijk. En ik heb ook de Gezi Park-protesten meegemaakt. Als er met traangas werd gegooid, bolde ik het wel af. Ik was bang dat het mijn stem zou kapotmaken. Op een avond was het compleet donker, maar mensen begonnen hun lichten aan en uit te knippen en op potten en pannen te slaan. De hele stad deed mee. Dat gaf me kippenvel. Ik leef nog altijd heel sterk met hen mee. Ze zijn gevangen in een politieke stroom die ze niet kunnen tegenhouden. 

Voel je je soms een brug tussen Oost en West?
Condon:
Niet echt. Ik ben een brug tussen een paar genres. Ik ben beïnvloed door oosterse ritmes en melodieën, die zijn heel intens. Maar ik gebruik geen Arabische toonladders of zo. Ik zou niet weten wat voor muziek ik maak. Ik ben een outsider.

 

Intussen woon je in Berlijn. Is dat de plek die je nu ‘thuis’ noemt?
Condon:
Ja. En dat had ik niet verwacht. Het is niet dat ik al lang plannen had om in Berlijn te gaan wonen. Maar ik deed het gewoon. Ik ging ernaartoe en besefte dat ik er niet weg wou. Ik voelde me er gewoon beter. De kunstscene is top. Maar ook het dagelijkse leven is er heel goed voor mij. Gallipoli is al meer dan een halfjaar klaar. In de tijd daarna in Berlijn leek mijn muzikantenbestaan een verre droom. Dat heeft me deugd gedaan.

Heb je als globetrotter soms heimwee naar een bepaalde plek?
Condon:
New Mexico, wellicht. Dat is de enige plaats waarvan ik voel: hier kom ik vandaan. Maar ik ben nog niet klaar om er terug te keren. Dat is voor als ik op pensioen ben. Net voor ik op tournee ging, heb ik mijn visum voor twee jaar verlengd. Daarna wil ik mijn EU-residentie aanvragen. Ik blijf hier nog wel even.

Ben je in Berlijn opnieuw beginnen te skaten?
Condon:
Nee, dat was in Brooklyn. Tegenover de plek waar ik toen woonde, bouwden ze een skatepark. Dat was een jongensdroom, dus moest ik het uittesten. Maar skaten is niet als fietsen, dat verleer je weer. Dus brak ik mijn arm. De vierde of vijfde keer al. 

Was je goed vroeger?
Condon:
Ik had geen meesterlijke techniek of zo, maar ik was wel een waaghals. Ik sprong van grote trappen en van die dingen. Ik gooide me er af, een heerlijk gevoel. Maar zo heb ik ook mijn polsen een paar keer gebroken, waardoor ik er nu artritis in heb. Daarom speel ik ook nooit gitaar, al zei rockmuziek me sowieso nooit iets. Van een rauwe gitaarklank gaan mijn hersenen in slaapstand. Ik was de skater die naar boombap en Aphex Twin luisterde. Ik zei het al, een buitenbeentje.

Op de achterkant van je albumhoes prijkt een pauw. Heb je wat met dat beest?
Condon:
Niet echt. Hij verwijst naar een oude song van mij, ‘The peacock’. Voor veel mensen betekent een pauw een majestueuze façade. (Toont een foto van een pauw op zijn smartphone) Kijk, hier heb je er één in Berlijn. Geweldig beest.

Is Berlijn een goeie plek om je façade af te werpen? 
Condon:
Ja. Zoals ik al zei: ik kan er vergeten dat ik meedraai in dit muziekcircus. En iemand zijn die muziekmaakt, zonder meer.

Maar je moet straks wel een publiek trotseren.
Condon:
Weet ik. Laat maar komen, die 8.000 mensen in Brussel. We zien wel wat er gebeurt.

> BEIRUT. 2/4, 20.00, Vorst Nationaal

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.
Lees meer over
Lees ook

Nieuws uit Brussel in je mailbox?