interview

Daan trok naar Spaans niemandsland voor nieuw album

Af en toe moet je uitzoomen. Samen met fotograaf Peter De Bruyne dook Daan Stuyven in het grote niets in Noord-Spanje en puurde daar een plaat uit waarin hij zichzelf tegen het licht houdt. "Ik wilde verloren lopen in het oneindige."

"Et maintenant, que vais-je faire?" vroeg Gilbert Bécaud zich in 1961 af. Daan Stuyven knipte de frase van zijn grote held uit, plakte ze na 25 jaar songs schrijven en 1.500 optredens boven zijn bed op zijn boerderij in Overijse en ging voor de tabula rasa. Signalen van een meltdown, zoals die op zijn dertigste als grafisch vormgever, waren op zijn artistieke radar verschenen. Tijd om het beschreven blad uit te vlakken en het oorspronkelijke brandpunt waarmee verlangens, verwondering en plezier een gat in zijn ziel en dat van ons brandden opnieuw scherp te stellen. Terug naar het spelplezier van Profools en de muzikale vrijheid van Dead Man Ray, weg van de hits en de dwingeland genaamd Carrière. Maar hoe dan, Daan?

"Peter heeft mij gekidnapt," grijnst hij terwijl hij zichzelf een glas rood inschenkt in de Ingrid Deuss Gallery, een zebrahinnik verwijderd van de Antwerpse Zoo. De Peter in kwestie is fotograaf Peter De Bruyne, met wie Daan besloot in het Grote Niets te duiken. Dat vonden de soulmates in het uitgestrekte nergens in Noord-Spanje, tussen Zaragoza en Madrid. "We wilden verloren kunnen lopen in het oneindige. Ken je de openingsscène van Paris, Texas? Dát gevoel."

Canvas draaide over hun trip de verstilde docu De nada, Peter De Bruyne condenseerde hem in een fotoboek en een tentoonstelling bij Ingrid Deuss. En Daan liet zijn klankimpressies wassen tot songs met kop en staart op Nada, zijn zevende album. "De oorspronkelijke trip was puur artistiek scheppingsplezier," vertelt de zanger, zijn ogen even ongestreken als zijn witte hemd. Een sigaret gloeit op. "Het moest zelfs helemaal geen plaat worden."

Wat dan wel?
DAAN: Ik word assertiever in wat ik binnenkrijg. Geuren, kleuren, geluiden. Alles waar ik vroeger goed heb tegen gekund, I just don't buy it anymore. De liefde voor het witte blad, voor de stilte, het ongeacteerde is belangrijker geworden. Bij Peter is dat ook zo. We hebben allebei in de reclamewereld meegedraaid. Hij maakte scherpe foto's, ik scherpe affiches. We zijn elkaar op een interessant moment tegengekomen.

Spanje voelde als thuiskomen. Ik was helemaal 'in fase' in dat vreemde decor, kon weer op een primitieve manier verwonderd zijn. Ik vond er de basisbeginselen van mezelf terug, ik wist opnieuw hoe ik intern functioneerde.

(Lees verder onder de afbeelding)

Daan-NADA 5 Peter De Bruyne

Gaat Nada in zijn zoektocht naar Daan verder dan je andere albums?
DAAN: Het is niet dat ik op mijn vorige platen mezelf niet wilde tegenkomen, maar ze waren behoorlijk escapistisch. Nu wilde ik het 'dichter bij huis' zoeken. Door de manier waarop de songs ontstaan zijn, is Nada een veel intimistischere plaat geworden. Ik had geen fictie nodig, de realiteit was al schoon genoeg.

Je poneert erg veel definities van jezelf: "I'm a dice that never falls", "I'm the king of nothing", "I'm a theme park in the fall"...
DAAN: Shit... (Blikt opzij) Merde. Ik dacht dat niemand die dingen las. (Lacht) Veel is méfiez-vous des apparences. Ik schrijf meestal het tegenovergestelde van de conclusie die ik zelf al getrokken heb. Ik weet dat die dobbelsteen gaat vallen. Ken je 'Falling from grace' van Marianne Faithfull? (Zingt) Ik vind het leuker om de eer aan mijzelf te houden. No one is gonna fire me. Maar ik heb daar wel behoefte aan, om een simpel stapje terug te kunnen zetten, desnoods preventief. Mezelf onttronen. Dat maakt dat ik gewoon... let me go easy. Als artiest heb je veel marge om jezelf in vraag te stellen. Ik heb dat in het verleden ook vaak gedaan, alleen worden de vragen iets pertinenter dan vroeger.

"I thought my sugared sarcasm could hide my mistakes," besluit je nu.
DAAN: (Lange kreun) Ik dacht dat ik het daarmee ging kunnen trekken, maar dat haalt jezelf in. Dat sarcasme, ik kan dat niet meer verdedigen. Omdat... pffff... er gebeurt te veel, je maakt te veel dingen mee. The joke isn't funny anymore.

Dus je hebt van Nada een laag afgeschraapt.
DAAN: Ja... Nee. Ik leer bij in directheid. Eigenlijk is het bijna zonde dat er überhaupt muziek onder de woorden zit. (Mijmert) Maar dan kan je dat niet meer op cd uitbrengen... En kom je in boekenwinkels terecht. Dat is niet funky. Nee.

Peter De Bruyne ziet zijn foto's als het strippen tot de essentie van wat hij ziet.
DAAN: Ik ben een boek aan het lezen over (de Amerikaanse popartartiest, red.) Ed Ruscha. Hij maakte kunst met één woord, of één zin. Duidelijke dingen, telkens tegen een onnozele achtergrond. Het is onmogelijk dat zestig woorden iets beter samenvatten dan zes woorden. Of één woord.Er is dus nog werk aan de winkel.

Muzikaal durf ik toch te gewagen van een zeker simplisme. Ik ben spaarzaam te werk gegaan. De opnames die ik in Spanje maakte, moesten centraal staan, niks mocht luider of prominenter worden dan de oorspronkelijke schetsen. Ik heb lang getwijfeld of er wel drums bij moesten.

(Lees verder onder de afbeelding)

1550 Daan-NADA
© Peter De Bruyne

Tasmaanse duivel
Daan springt van zijn stoel en tuurt door het raam van het kleine keukentje van de galerie. Een zoveelste sigaret gaat in rook op. Ik vertel hem dat ik af en toe een glimp van Dead Man Ray in zijn nieuwe songs hoor. Een knik. "Het beste nummer heeft Nada niet gehaald. Ik wil er iets onverwoestbaars van maken, zonder productie, zonder opname. Ik ben grote fan van het bruïtisme. Ik heb geen techniek, in die richting moet ik niet gaan. Maar ik wil wel een goeie bruïtist zijn. Maar dat is heel erg naakt. (Denkt na) Niet simpel."

In de Canvas-documentaire viel me die puurheid ook op. Jij en Peter hadden er weinig woorden voor nodig.
DAAN: Er is veel sous-entendu. En áls Peter spreekt, zegt hij meestal: "Ik ga het morgen vertellen." (Grinnikt) Intrigerend. Mooie dingen hebben geen woorden nodig, het moment dat je erover moet praten, is het al banaal of te laat. Je kan wel praten over kleuren en contrasten en akkoorden, maar dat deden we niet. Om te zien of we ergens wilden werken, was abstractie belangrijk. "Wat vind jij van deze plek?" vroegen we elkaar in de auto. "Ze is te arrogant" of "Ze is een feeks." We keken niet vanuit fotografisch of muzikaal standpunt, maar gewoon... Ik ga het woord aardstralen niet gebruiken, maar ondertussen doe ik het toch. (Lacht) Je voelt het of je voelt het niet.

Peter ziet er wel heel rustig uit tegenover een zenuwpees als Daan.
DAAN: Hij is wat ik zou willen zijn.

Hij brengt rust in jouw rusteloosheid.
DAAN: Ja... Ja. Daarin zijn we echt complementair. Om technische redenen lukt mij dat niet. En Peter is ook enorm boeddhistisch, positief ingesteld, maar niet op een gratuite manier. Ik benijd hem daar echt om. Ik ben een sturm-und-drangmens.

Is die ondertussen niet getemperd?
DAAN: Het kan nog minder. (Lacht) I'm working on it. Als ik een plaat maak, moet ik ze de komende twee jaar meedragen. Dus vat ik albums op als selffulfilling prophecy's, ik organiseer er mijn leven mee. De grote lijnen toch. Op een onbevangen moment, wanneer ik teksten schrijf en inzing, weet ik het beter dan in de praktijk.

In De nada zie je mooi hoe het niets resoneert in jouw desolate soundscapes. Het zijn onomatopeeën van een onbenoemd landschap.
DAAN: Zoiets kan je thuis achter een piano, half november niet oproepen. En ginds is het zo simpel. Mijn vader is een landschapsschilder. Hij trok de natuur in voor het juiste licht op het juiste moment. Ik heb dat zelf ook gedaan, als vijftienjarige gast. Je zet je op een plek en je probeert die te abstraheren of te stileren. Maar of je dat nu met een penseel doet of met een gitaar, de demarche is dezelfde.

Waarom ben je Brussel eigenlijk ontvlucht?
DAAN: Ik hou niet zoveel van groepsdynamiek. Dan beginnen mensen raar te doen. Ik heb het meer voor de zachtheid van de dingen. Ik kan ook niet meer tegen claxonnerende auto's, files, slechte lucht, agressiviteit... Ik wil op mijn fiets naar buiten kunnen. En ik vind de kleuren van de bladeren van de bomen mooier dan beton. Kijk, ik heb mijn best gedaan. I just had it. En dat gedoe tussen uw dertig en uw veertig, kom op.

Daan tikt tegen zijn glas wijn. Een dag nadat de Amerikaanse burgers Trump tot hun Grote Leider verkozen hebben, is de vertwijfeling groot. "Ik ben nog steeds in denial. (Lacht) Ik zat gisteren op een wereldkaart aan het turen om te zien waar ik naartoe kon verhuizen. Ik vrees dat Australië de enige optie is, maar daar heb ik nul komma niks affiniteit mee." Ik suggereer Tasmanië. "Waar ligt dat?" "Onder Australië." "Oké. (Denkt na) Maar niet Australië dus? I love it."

> Daan. 11/12, 19:30, Botanique, Sint-Joost-ten-Node

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.
Lees meer over
BRUZZ Magazine
deze week
  • De witte file: de camionette verovert de stad
  • Laisse les filles tranquilles: 'Het intimideren moet stoppen'
  • NRC-correspondent: 'Laat Brussel niet te hip worden'
  • Hier vind je BRUZZ in de stad
  • Archief
deze week
  • AfricaMuseum: sur les chemins de la décolonisation avec Emma De Swaef
  • Raoul Servais: het geheim van de animatiefilmpionier
  • Duizelen op lintjazz en stoepdisco
  • BRUZZ in the city
  • Archief
Neem een abonnement