Zangeres Laïla Amezian: 'Ik eis het recht op imperfectie'

© Marc Gysens
"Het besef dat ik mijn ouders waarschijnlijk zal overleven, dat hun generatie langzaam verdwijnt, heeft me zin gegeven om mijn tanden te zetten in een project rond vrouwenzang. Opdat hun muzikale erfenis niet verloren gaat. Een hommage aan al die Marokkaanse vrouwen die naar hier geëmigreerd zijn. Helaas kan mijn moeder niet meer meezingen, maar haar geest zal alom aanwezig zijn." Nooit zal Laïla Amezian vergeten van wie ze de passie voor het zingen heeft geërfd.

'I k voel me evenveel Belgische als Marokkaanse," zegt Laïla Amezian. En dat is niet bepaald wat haar ouders voor ogen hadden toen ze aan het begin van de jaren 1960, uit economische noodzaak, naar België uitweken.

"Hun plan was na een tiental jaar met hun kinderen naar het thuisland terug te keren. Daarom zijn we al redelijk snel van mijn geboortestad Antwerpen naar Brussel verhuisd. Het leek hun beter dat hun kinderen in een Franstalige omgeving zouden opgroeien, want Frans is nu eenmaal Marokko's tweede taal. Maar van de geplande terugkeer is nooit iets in huis gekomen. Bij gebrek aan geld. En dan, dan waren wij, de kinderen, plots groot en gingen we onze eigen weg. Uiteindelijk zijn vader en moeder dan maar gebleven, omdat hun kinderen zijn gebleven, omdat hun kleinkinderen hier zijn."

"Ik heb lang geen voet gezet in Marokko. Ik wilde de wereld ontdekken, en mijn reizen voerden me elders. De hernieuwde kennismaking kwam er door optredens. Daardoor vond ik het contact met mijn roots terug, kon ik de banden weer aanhalen. Nu ga ik terug telkens als ik de kans krijg. Om de familie te zien, om te zingen."

"Mijn moeder heeft een prachtige stem, ze deed niets liever dan zingen. Thuis, met vriendinnen ook. Heel normaal voor die generatie was dat, iets wat helaas met de jaren teloor is gegaan. De liederen waren dikwijls emotioneel, nostalgisch. Nostalgie naar de tijd dat mijn lieve moeder zelf nog kind was, nostalgie naar Marokko, nostalgie naar wat ze heeft moeten achterlaten. Dat alles maakte dat ik bijna niets anders kon dan zelf gaan zingen. Met mijn moeder als muze."

"Er mijn broodwinning van maken? Daar dacht ik toen nog lang niet aan. Op school was ik een heel goede leerlinge, en verder studeren was mijn ambitie. Na mijn middelbareschooltijd heb ik dat zes jaar lang gedaan, verschillende richtingen. Maar een diploma heb ik niet behaald. Ik deed nochtans mijn uiterste best, ik was werkelijk gemotiveerd, maar op de een of andere manier kon ik me niet voldoende concentreren op mijn boeken. Tja, blijkbaar was het mijn lot dat ik mijn weg elders zocht - in de muziek, dus. Op een bepaald moment heb ik de knoop doorgehakt. Het kon eigenlijk niet anders, ik heb het zingen meegekregen met de moedermelk, het zit in mijn opvoeding. Vandaar ook dat ik, nu de generatie van mijn moeder stilaan verdwijnt, een project wil opzetten rond muzikale erfenis en overlevering door de zang van vrouwen."

TriOde
Op tafel ligt TriOde, Amezians jongste cd, die onlangs is uitgekomen. TriOde is ook de naam van het trio waarvan ze nu al enkele jaren de spil is. "Het is een woordspeling. Trio, omdat we een trio zijn, ode in de betekenis van het gezongen gedicht. De O verenigt, maar je kunt er ook de abstractie van het getal nul in zien. De nul die de wiskunde toestaat het onderscheid te maken tussen positief en negatief."

"Het is de tweede cd die ik opneem onder mijn naam. Er was er al een midden jaren 1990, maar TriOde is de eerste plaat die echt toont wie ik ben, als artieste en als mens. Je zou de tien nummers op TriOde met een beetje goede wil een best of kunnen noemen van het parcours dat ik heb afgelegd. Er zitten eigen composities in, maar ook eigenzinnige reprises van liederen die ik bij andere groepen heb gebracht. Als je er al een stempel op kunt zetten, dan zou ik zeggen: 'Arabo-jazz-klassiek'. Ik wou me vooral toespitsen op de tekst - vooral in het Arabisch, een beetje in het Engels - en de melodie. Daarom heb ik gekozen voor een heel minimalistische instrumentatie: Anja Naucler op cello, Stephan Pougin op drums en percussie en, als gastmuzikanten in enkele van de nummers, Laurent Blondiau op blazers en Michaël Grébil op gitaar."

Tussen Marollen en Oudergem
"Het zwaartepunt van mijn werk heeft altijd op identiteit gelegen. In wat ik zing, druk ik een deel van mezelf uit. Altijd maar dat verlangen om te zoeken naar wie ik ben, en uit te drukken wie ik ben."

Het is een proces dat zijn wortels heeft in Amezians prille jeugd, en dat nog altijd niet afgerond is. "Ik was nog geen vier toen we verhuisden naar de Marollen. We woonden er in de schaduw van het Justitiepaleis: indrukwekkend, zeker voor een kleuter. Ik had er mijn vriendinnetjes en vriendjes, ging naar school in de wijk. Het was mijn kleine wereldje. Althans: in de week; tijdens de weekends en een deel van de vakantie verbleef ik bij een Belgisch gastgezin in Oudergem. Om mijn moeder, die alleen was te komen te staan met de zorg voor drie kinderen, een beetje te ontlasten. Het huis daar was groot en comfortabel. Nog geen steenworp verder lag het Zoniënwoud. Een compleet ander universum dan de Marollen."

"Zo komt het dat ik tot mijn twaalfde heen en weer werd geslingerd tussen de vierde wereld van Brussel en de comfortabele zuidrand. Tussen een Marokkaans gezin en een Belgisch. Die mensen in Oudergem hebben me onder hun vleugels genomen; ik kreeg een Belgische familie naast mijn Marokkaanse familie die er al was. Ik heb een Marokkaanse zus en broer, ik heb Belgische halfbroers en -zussen. Een dubbel verhaal. Het zadelde mij op met vragen over wie ik was, het destabiliseerde me. Maar net zo goed heeft het me kracht gegeven, mijn horizon verwijd, mijn leven verrijkt. Een dubbel verhaal, een mooi verhaal uiteindelijk: ik heb er niets dan positieve dingen aan overgehouden. Het heeft gemaakt dat ik me zowel Marokkaanse als Belgische voel, en allebei voor de volle honderd procent. Juist daardoor zit de notie van het uitdrukken van een identiteit zeer sterk verweven in mijn muziek. Een hybride identiteit, die een identiteit op zich aan het worden is. Voor meer en meer kinderen van de migratie is dat zo. En ook: ik eis imperfectie op. Hier geboren worden, hier opgroeien, maar met een culturele identiteit van een land waar alles anders is, dat geeft onvermijdelijk imperfectie. En dat trekt zich door in mijn muziek: door het parcours dat ik heb afgelegd, zing ik niet zoals mijn moeder, ik probeer ook niet op de klassieke Arabische manier te zingen. Daarvoor zijn er anderen, echte meesters voor wie ik heel veel bewondering heb. Ik heb mijn eigen stem, met de invloeden die ik hier heb opgedaan, én met invloeden van de klassieke Arabische muziek. De imperfecties die in mijn muziek zitten, maken deel uit van mijn identiteit. Het wordt tijd dat mensen zoals ik hun identiteit aanvaarden, een identiteit die aan de basis uit imperfecties is gegroeid. Dat we ons spiegelen aan voorbeelden van anderen. Neem nu de Afro-Amerikanen. Die hebben ook hun stem gevonden, hun eigen muziek. De blues, zo verweven in de Amerikaanse cultuur, komt uit Afrika: prachtig, toch?"


BDW in gesprek met ...

Brussel Deze Week ontmoet iedere week een interessante Brusselaar voor een boeiend gesprek.
Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.
Lees ook
BRUZZ Magazine
deze week
  • Als één man achter Union, hoe de oude club weer hip wordt
  • Juicer Kylian: 'Deelsteps betalen mijn huur'
  • Bert Anciaux trekt lijst SP.A+: 'Nog één keer knallen'
  • Hier vind je BRUZZ in de stad
  • Archief
deze week
  • Serge Aimé Coulibaly: épopéé d'une autre Afrique
  • De verzamelwoede van Benjamin Verdonck
  • Mike Yung: the sound of the underground
  • BRUZZ in the city
  • Archief
Neem een abonnement