interview

Saïd Boumazoughe, de patser in theatergezelschap De Roovers

© Saskia Vanderstichele

Straks is hij een van de patsers in de nieuwe film van Adil El Arbi en Bilall Fallah, maar eerst staat Saïd Boumazoughe op de planken met De Roovers. Als de alibi-Marokkaan van dienst? “Wat maakt het uit? Het is hoognodig om onze stem te verheffen. Ik praat al als Samson en mijn buurman lijkt op Gert. Ik kan niet nog meer integreren.”

Het was Tom Lanoye die het onlangs in een lokale tv-show opnam voor de Antwerpse acteur en straat­poëet. “Hij vond het ontzettend jammer dat ik via Mechelen en Brussel pas in Antwerpen terechtkon met mijn shit, en dat terwijl ik geboren en getogen ben op het Kiel. Het komt erop neer dat ik zonder dat parcours – via ’t Arsenaal en de KVS, de toneelstukken van Fikry El Azzouzi, de sketches en de films van El Arbi en Fallah – nooit interessant genoeg geweest zou zijn. Op het Kiel was ik de zoveelste Marokkaan in de rij en werd ik als artiest niet serieus genomen.”

En dus deed het Boumazoughe deugd om met Malcolm X eind vorige zomer voor een uitverkocht en uitgelaten Rivierenhof te spelen, en om vast te stellen dat zijn jongste theaterproductie, Arabische nacht van De Roovers, een divers publiek naar de Monty lokte. Meisjes met en zonder hoofddoek schaterden het uit toen ze hun held op het podium bezig zagen en zorgden voor een prettig schurend contrast met het vaste, blanke toneel­publiek.

“Toen ik jaren geleden met enkele generatiegenoten het hiphop- en theatercollectief NoMoBS uit de grond stampte, was Vlaanderen er nog niet klaar voor. Onze eigen doelgroep snapte ons niet eens. Maar kijk nu wat we in gang hebben gezet. Ik maak soms de vergelijking met The Last Poets en hun inspanningen voor de Afro-Amerikanen aan het einde van de jaren 1960. Ook bij hen heeft het even geduurd voor ze impact hadden.”

1594 Said Boumazoughe
© Saskia Vanderstichele
Theatergezelschappen zitten verlegen om meer kleur. Ze hebben lang de boot afgehouden en willen hem nu niet meer missen.
Saïd Boumazoughe: Ik ben blij dat het na zestig jaar migratie eindelijk zover is. Laat dat diverse publiek maar schuren op die blanke planken, in die ‘elitaire’ omgeving die wij, met een migratieachtergrond, niet gewend zijn. Het doet deugd om die luchtbel te doorprikken. Pas op, het is niet omdat je een Marokkaan binnenhaalt, dat je zaal plots vol Marokkanen zit.

Sara De Roo van tg STAN had een stuk gemaakt met teksten van Fikry en zei achteraf dat ze verwacht had een diverser publiek te bereiken. Maar zo werkt het niet. Die moslim­meisjes komen kijken omdat ze mijn parcours kennen of me volgen op sociale media. Zo raken jongeren geprikkeld en wordt de drempel verlaagd. Dan zeggen ze: De Roovers ken ik niet, maar Saïd wil ik weleens bezig zien.

In Arabische nacht, een stuk van de Duitse toneelauteur Roland Schimmel­pfennig, speelt afkomst eigenlijk geen rol. Het gaat over eenzame mensen in een anonieme grootstad.
Boumazoughe: Ik noem het ‘Doornroosje op de Turnhoutsebaan’, want anno 2017 is eigenlijk niemand nog exotisch, en toch blijft een witte mens in onze perceptie een witte, en een bruine een bruine. De tekst van Schimmelpfennig sprak me aan, omdat hij aangeeft dat we verbonden zijn, ook al kennen we elkaar niet.

Heb je auditie moeten doen?
Boumazoughe: Nee. De Roovers kenden mijn werk. Ik had natuurlijk ook kunnen roepen: ‘Jullie spelen Arabische nacht en hebben plots een Marokkaan nodig. Hoe geloofwaardig is dat?’ Maar ik speel liever nu een karikatuur – om er mee voor te zorgen dat de smeltkroes op het podium vorm krijgt – dan dat men een afgelikte acteur uit het conservatorium moest aannemen voor de rol. Dat bedoel ik niet verkeerd, want ik zou graag zelf zo’n opleiding gevolgd hebben.

Op zoek naar mijn identiteit moest ik het rooien zonder rolmodellen. Ik heb lang tussen twee werelden gezeten. Mijn ongeletterde ouders deden wel hun best om erbij te horen, maar ik had altijd het gevoel dat ik er niet bij hoorde. Tot het vijfde middelbaar zat ik op een witte school, waar men de codes die ik meebracht van de straat niet begreep. Ik was er ‘de Marokkaan’ en werd er weg­gepest door de leraars.

Hoe heb je je identiteit dan gevonden?
Boumazoughe: Ik ben opgevoed door mijn grootouders. Via hen wist ik dat ik afstam van verhalenvertellers en slangenbezweerders die in Marokko van dorp naar dorp trokken. ‘Wat doe jij met dat verhaal?’ daagde ik mezelf uit. Zo is NoMoBS begonnen. “Straat­poëten op zoek naar verhalen”, noemden we ons. We hebben een sneeuwbal aan het rollen gebracht, en dat begint nu vruchten af te werpen. De producties die we krijgen aangeboden, worden alleen maar mooier en groter.

(Lees verder onder de afbeelding.)

1594 stefstessel-arabischenacht-4

Met een NoMoBS-collega vorm je sinds kort het bij jongeren erg succesvolle Nederlandstalige hiphopduo SLM, en ondertussen leerde je Matteo Simoni voor Patser het sappige Kielse straataccent aan.
Boumazoughe: Niet alleen het accent. Als de ADHD-Marokkaan van dienst in Patser was ik de geknipte man om hem ook de mimiek en vaste denkpatronen van de typische Marokkaan bij te brengen. (Lacht) Straks sta ik ook in Drarrie in de nacht, de nieuwe urban productie in de KVS, en de eerste SLM-track ‘Ewa ja’ – een luchtig nummer met een boodschap – zit ondertussen boven de 700.000 YouTube-views en is massaal opgepikt door scholen. Volgend jaar volgt een album bij Universal.

Valt dat allemaal nog te combineren met een job als jongerenwerker?
Boumazoughe: Nee, daar ben ik twee jaar geleden al mee gestopt. Ik voelde me er niet meer op mijn plaats, kon door mijn eigen verhaal te vertellen veel meer jongeren bereiken. De klemtoon was onder het nieuwe Antwerpse stadsbestuur verschoven van welzijn naar veiligheid. Plots moest ik jongeren met wie ik jarenlang een vertrouwensband had opgebouwd, gaan aangeven als ze een iets langere baard hadden.

Terwijl ik vind dat jongeren mogen radicaliseren en extreem zijn: de ene wordt een punker of gaat pintjes drinken, de andere wil zijn geloof volgen. Als je bepaalde mensen als vreemd of afwijkend van de norm blijft behandelen, dan stoot je hen af en hou je hen in hun luchtbel, terwijl ze er gewoon proberen achter te komen wie ze zijn.

> De Roovers: Arabische Nacht. 06/12 > 07/12, 20.00, KVS, Brussel
> Arabische Nacht. 09/01, 12.40, Bozar, Brussel

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.
Lees meer over
Lees ook
BRUZZ Magazine
deze week
  • De witte file: de camionette verovert de stad
  • Laisse les filles tranquilles: 'Het intimideren moet stoppen'
  • NRC-correspondent: 'Laat Brussel niet te hip worden'
  • Hier vind je BRUZZ in de stad
  • Archief
deze week
  • AfricaMuseum: sur les chemins de la décolonisation avec Emma De Swaef
  • Raoul Servais: het geheim van de animatiefilmpionier
  • Duizelen op lintjazz en stoepdisco
  • BRUZZ in the city
  • Archief
Neem een abonnement