interview

Aalmoezeniers: ‘Samenleving is onbarmhartig voor gevangenen’

© Saskia Vanderstichele

“Onze samenleving kijkt heel wantrouwig naar gevangenen. Ten onrechte. Een gedetineerde zit zijn straf uit en heeft dan het recht om zijn leven weer op te nemen.” Aalmoezeniers Leo De Weerdt en Geneviève Frère van de gevangenis van Sint-Gillis pleiten ervoor om het taboe op de gevangeniswereld te doorbreken.

Wie naar de gevangenis moet, krijgt bij het onthaal te horen dat hij morele of spirituele bijstand kan vragen. Daartoe zijn er katholieke, protestantse, orthodoxe en anglicaanse aalmoezeniers, en ook vrijzinnige consulenten en imams.
Geneviève Frère werkt al enkele jaren als (Franstalig) katholiek aalmoezenier in de mannengevangenis van Sint-Gillis en de vrouwengevangenis Berkendael. Sinds 1 januari heeft ze een nieuwe Nederlandstalige collega, Leo De Weerdt, die ook hoofdaalmoezenier is voor alle Nederlandstalige gevangenissen. De Weerdt werkte voorheen vijftien jaar in de gevangenis van Brugge.

Wat hem vooral opviel bij zijn aankomst in Brussel was het architecturale verschil. “Brugge is een moderne gevangenis, Sint-Gillis een oude. Maar hoe raar het ook klinkt, in dit type gevangenis is er veel meer sociaal contact tussen de gedetineerden dan in Brugge, waar iedereen van elkaar gescheiden wordt en het contact bijna nihil is. Sint-Gillis is wel verouderd, bijvoorbeeld op het vlak van sanitair en veiligheid. Dat brengt ongemakken met zich mee, zowel voor de gevangenen als voor het personeel.”

Genevieve Frere en Leo De Weerdt BRUZZ 1557
© Saskia Vanderstichele
Is er sinds de wekenlange staking van vorig jaar iets veranderd?
Geneviève Frère: Qua infrastructuur niet, de overheid investeert nauwelijks nog in het gebouw, omdat beslist is om een nieuwe, grote gevangenis te bouwen in Haren. Er is wel een flinke reorganisatie gebeurd. Sint-Gillis is nu een arresthuis, waar de gevangenen in voorlopige hechtenis zitten, terwijl Vorst een strafhuis is geworden, waar veroordeelden hun straf uitzitten. Dat schept duidelijkheid. Vroeger liep alles meer door elkaar. Belangrijk ook, er is extra personeel bijgekomen, zodat de activiteiten konden herbeginnen. Alle sporten, taallessen, bibliotheekbezoeken, ja, zelfs de misvieringen waren maandenlang geschrapt omdat er onvoldoende personeel was om de mensen naar die activiteiten te begeleiden.

Hoe zien jullie de taak van een aalmoezenier?
Leo De Weerdt: Onze opdracht is aanwezigheid, in gesprek gaan, maar ook praktische informatie geven. Zeker in een arresthuis is dat laatste belangrijk. Iemand die aangehouden is, is heel onrustig en zit vol vragen. Wat is er gebeurd? Hoe werkt de gevangenis? Er is enorm veel angst, voor de celgenoot, de nieuwe omgeving, de toekomst. Alles wat je nodig hebt om als normaal mens te leven valt plots weg.
Geneviève Frère: Wie ons wil spreken, schrijft een verzoekschrift. Dan gaan wij langs in hun cel.
Leo De Weerdt: Helaas zijn we overvraagd. Op het eind van de week hebben we vaak niet iedereen kunnen zien.
Geneviève Frère:: We vieren ook de mis, één of twee keer per week. Ook daar geldt: ieder op zijn beurt. Anders zou de groep te groot zijn.

Is het makkelijk om het vertrouwen van de gedetineerden te winnen?
Geneviève Frère: Wat helpt, is dat wij als aalmoezeniers hier geen meldingsplicht hebben. De sociaal assistenten, verpleegkundigen, artsen en andere spelers hebben dat wel. Zij kunnen in het kader van de veiligheid ook ondervraagd worden, wij niet. Dat weten de gedetineerden en daardoor zullen ze ons vlugger vertrouwen.
Leo De Weerdt: Het is niet zo dat ze ons daarom belangrijke informatie zullen doorspelen, maar het geeft hen de zekerheid dat wij niets doorvertellen. Ze zien ons als iemand die eerder aan hun kant staat, niet aan de kant van het systeem.

Jullie worden dag in dag uit met het kwade geconfronteerd. Hoe gaan jullie daarmee om?
Leo De Weerdt: Dat kwade wordt vaak uitvergroot door de media, die meestal een heel eenzijdig beeld van de dader geven. Ze hebben het over ‘het beest’ of schilderen iemand af als ‘menselijke bulldozer’.
Wij krijgen in de gevangenis vaak een heel ander beeld. Wij verdoezelen het kwade niet en gaan al het verschrikkelijke wat is gebeurd zeker niet uit de weg, maar dat is niet het enige aspect in het leven van die persoon. Er zijn andere momenten geweest en we doen die persoon onrecht aan als we hem alleen taxeren op zijn fouten. Een mens is altijd meer dan zijn daden.

Wij zijn ook geen rechters. De rechter straft de persoon voor wat fout is gelopen. Wij zijn er om die persoon achteraf bij te staan.
Geneviève Frère: Voor ons is niemand verloren, een mens kan veranderen.

De samenleving is minder barmhartig.
Leo De Weerdt: Sommige mensen moeten voor hun eigen bescherming en zeker ook voor de bescherming van de maatschappij een tijdlang uit de groep gehaald worden. Maar ik denk niet dat het de bedoeling kan zijn om iemand levenslang te verwijderen. Een gedetineerde zit zijn straf uit en heeft dan het recht om zijn leven weer op te nemen.

Maar onze samenleving is puriteins en onbarmhartig, vanuit een onredelijke angst. De terreur en radicalisering hebben er mee toe geleid dat de maatschappij heel wantrouwig is gaan kijken naar gedetineerden. Gevangenen lijken het niet meer goed te kunnen maken. Straffen worden uitgesproken zonder aan mogelijk herstel te denken.

Rond het hele gevangeniswezen hangt een taboe. Voor mij zijn gevangenissen een noodzakelijk kwaad. Ze zijn opgericht door de samenleving, net als ziekenhuizen, bejaardentehuizen en psychiatrische inrichtingen. Ook dat zijn instellingen, gecreëerd door de samenleving om mensen in onder te brengen die daar niet altijd graag naartoe willen. Ik denk dat het de plicht van de maatschappij is om over die instellingen te waken. De samenleving moet contact houden met de gevangenen, sterker nog, hen mee klaarstomen om weer aan te sluiten bij de groep.

Natuurlijk zijn er extreme gevallen, de gevallen bijvoorbeeld die aan bod komen in een programma als ‘De Kroongetuigen’ op VTM.
Leo De Weerdt: Sommige mensen kunnen niet meer terugkeren naar de samenleving vanwege de problemen die ze veroorzaakt hebben en die ze in zich blijven dragen. Maar dat zijn de uitzonderingen. Voor hen moet een humane oplossing gezocht worden, zoals in Nederland waar zware psychopaten een begeleidingsprogramma krijgen. Geen oog om oog, tand om tand. Je gaat toch geen mensen in de kerker gooien en de sleutel wegsmijten. Primo Levi, de auteur die Auschwitz overleefde, zei het al: ook in de gevangenis moet erover gewaakt worden dat een mens zijn waardigheid en persoonlijkheid niet kwijtraakt.
Een uitzending als De Kroongetuigen helpt in dat opzicht niet mee. Wij zijn daarover echt teleurgesteld. Het clichébeeld van de misdadiger dat in dat programma opgehangen wordt, de vrij goedkope, sensationele benadering, het maakt ons werk weer voor maanden moeilijk.

Iemands vrijheid ontnemen is een zware straf.
Leo De Weerdt: Een hele zware straf, de samenleving gaat daar veel te makkelijk aan voorbij. ‘Ze hebben toch eten, een bed en tv, alles wat ze moeten hebben. Dat ze blij zijn.’ In de gevangenis leef je van gunsten. Klop je op de celdeur met een verzoek, dan ben je volledig afhankelijk van de beambte. Hij kan je vraag inwilligen, weigeren of gewoon voorbijlopen. Dat is heel ingrijpend voor een mens.

De cipiers hebben natuurlijk geen makkelijke baan. Onlangs werd een vrouwelijke cipier na haar shift in mekaar geslagen. Hoe worden de aalmoezeniers bejegend?
Geneviève Frère: We keuren dat incident natuurlijk volledig af. De beambten, zoals wij de cipiers noemen, zijn onze collega’s en we hebben waardering voor hen. Ze hebben inderdaad geen eenvoudige opdracht.
Leo De Weerdt: Soms voelt een gedetineerde zich geviseerd. Bij ons ligt het anders. Ik ben altijd verbaasd hoe respectvol wij bejegend worden door de gevangenen. Ze waarderen dat wij, ondanks wat er gebeurd is, toch de stap zetten om hen op te zoeken.

Vindt een mens in opsluiting makkelijker de weg naar God? Is er een grote Nederlandstalige parochie in Sint-Gillis?
Leo De Weerdt: Er zijn niet zoveel Nederlandstaligen in de Brusselse gevangenissen. Maar wij zijn vlot twee- en zelfs meertalig.
Geneviève Frère: We begeleiden iedereen die erom vraagt, niet alleen katholieken dus, en er wordt lang niet altijd over God gesproken
Leo De Weerdt: Mensen doen vaak een beroep op de katholieke aalmoezenier vanuit een christelijke traditie, die voor sommigen heel helder en voor anderen heel vaag is. Een herinnering uit de kindertijd bijvoorbeeld, hun grootmoeder die naar de mis ging. Ze zitten vooral met zinsvragen. Wie ben ik? Hoe ben ik tot zoiets in staat geweest?
Geneviève Frère: Maar er zijn natuurlijk ook mensen uit andere culturen, de Afrikaanse, de Poolse, die hun religie heel intens beleven en die op hele directe manier over God spreken.

In de gevangenissen zitten vele religies samen. Gaat dat altijd goed?
Geneviève Frère: Op dat gebied zijn er geen spanningen. De overheid doet er alles aan om de verworvenheden die in de samenleving gelden ook in de gevangenis mogelijk te maken, halalmaaltijden bijvoorbeeld. Alle officiële godsdiensten hebben hun vertegenwoordiger. Er was tot hiertoe slechts één imam, maar die krijgt in het kader van de antiradicaliseringsmaatregelen binnenkort versterking.
Onder elkaar werken we trouwens goed samen. Zo zorgen de katholieke, protestantse, orthodoxe en anglicaanse aalmoezeniers voor een gezamenlijk kerstpakketje voor alle gevangenen. En tijdens de ramadan helpt de protestantse aalmoezenier de imam met het uitdelen van dadels en andere benodigdheden om het vasten vol te houden.

Jullie hebben beiden ook ervaring in een vrouwengevangenis. Hangt daar een andere sfeer?
Geneviève Frère: Ik merk niet zoveel verschil. Zowel in Berkendael als in Sint-Gillis voel ik me gerespecteerd en kan ik op dezelfde manier werken, alleen met een gevangene in zijn cel. Berkendael is wel een stuk kleiner dan Sint-Gillis. Iedereen kent elkaar dus.
Leo De Weerdt: Als een vrouw in de gevangenis terechtkomt, heeft dat wel meer impact op het gezin. De pijn van vrouwen om hun kinderen is voelbaar aanwezig in de gevangenis.
Mannelijke gevangenen zijn meer macho. En ze zijn soms minder vlug in contacten. Bij vrouwen is het al snel duidelijk wat er aan de hand is, terwijl mannen toch meestal twee, drie gesprekken nodig hebben om to the point te komen.

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

 

 

Lees meer over

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?