interview

Sampa the Great: ‘Black power betekent jezelf durven te zijn’

Sampa the Great werd geboren in Zambia, groeide op in Botswana, trok naar Californië om te studeren en werd uiteindelijk muzikante in Sydney. Op haar debuutalbum The return zoekt de nieuwbakken r&b-ster haar ‘thuis’ op.

“Ik durfde mijn ouders niet te vertellen dat ik muziekmaakte,” grinnikt de 26-jarige Sampa Tembo aan de telefoon vanuit Parijs, waar ze aan de vooravond van haar Europese tournee een tv-optreden voorbereidt. “Muziek was er altijd en overal thuis, maar het was iets wat je deed met familie en vrienden. Om te vieren, niet als een carrière. Waar ik ben opgegroeid, zei je niet: ‘Ik ga rapper worden’ of ‘Ik wil een regisseur zijn’. Dus vertelde ik dat ik audio-engineering deed. Dat was wel oké.” (Lacht)

Na haar middelbareschooltijd wilde Tembo, onder impuls van een vriendin, de wijde wereld verkennen. Ze belandde als achttienjarige in San Francisco, waar ze drie jaar studeerde. De wereld ging open, maar een prettige ervaring noemt ze het niet. “De cultuurshock was gigantisch. Het was de eerste keer dat ik op een plek buiten Afrika belandde. Buiten die bubbel keken mensen heel anders tegen me aan. Daar kwam nog bij dat Amerika politiek en sociaal door een woelige periode ging. Na een tijd wilde ik er weg, naar een plek waar mensen wél van me hielden om wie ik was.”

Ze keerde even weer naar huis terug, maar ging dan opnieuw sounddesign en productie studeren in... Sydney. Intussen woont ze in Melbourne. “Ik denk dat je alleen maar kan begrijpen wie je bent als je je buiten je comfortzone begeeft,” zegt ze daarover. “Een van mijn zussen zei dat ik mezelf zou beperken als ik het alleen maar veilig wou spelen, en me zou laten tegenhouden door wat anderen over me denken. Inderdaad, wat je ook doet, mensen zullen altijd klaarstaan met een oordeel. Dus heb ik haar raad opgevolgd. Maar Australië was opnieuw een beproeving. Het racisme is er minder openlijk, maar onderhuids woekert het wel, en dat doet des te meer pijn.”

1685 Sampa The Great
© Barun-Chatterjee

Als er dit jaar een trend is, is het wel dat het, nadat latin de charts heeft veroverd, nu de beurt is aan Afrikaanse muziek om het poplandschap te kleuren. Afrikaanse artiesten die traditionele muziek mixen met pop en r&b zijn hip. Kijk naar figuren als Burna Boy, de nieuwe afrobeats-superster uit Nigeria die Afrika naar de wereld brengt. “Muziekmaken is een struggle, zeker als zwarte artiest. Maar je ziet wel dat er meer en meer muzikanten met een donkere huidskleur wereldwijd doorbreken. Dat is superbelangrijk.”

“My voice, my skin, my logo / How you tryna package me when you don’t get a photo?” klinkt het niettemin in ‘Freedom’, een van de sleutelsongs op Tembo’s album The return. “Als muzikant is het een grote uitdaging om jezelf te zijn, én je te verkopen. Hoe je het ook draait of keert, uiteindelijk ben je een product en wil je ook dat er geld in het laatje komt. Dat compromis is iets waar veel artiesten mee worstelen.”

In ‘Wake up’ draait een vriendin niet om de hete brij, via een boodschap op Tembo’s antwoordapparaat: “We’re black. You’re black in the music industry. This is just how it is. You just have to be able to deal. I don’t think you have time for all this spiritual shit.” “Als zwarte artiest rust er veel druk op je schouders. Je wilt gewoon muziekmaken, maar telkens word je vanuit een bepaald standpunt bekeken. Alsof je gebrandmerkt bent. Mijn vriendin wil me gewoon aansporen om niet op te geven.”

Het is makkelijk om de “Black power!” die de traditionele dansers in de clip van ‘Final form’ scanderen als een politiek statement te lezen, maar dat is het niet, zegt Tembo. “Nee, voor mij gaat die song over the greatest versie van jezelf zijn, je ‘final form’, ongeacht de huid die rond je zit. Black power is voor mij honderd procent in love zijn met jezelf.” De lyrics zijn duidelijk: “Greatness in me, you can’t make me feel less / Less hold, I’m not impressed / Best mode, got my Afro like an empress,” klinkt het soeverein.

Voor de opnames van de clip van ‘Final form’ keerde Tembo terug naar Lusaka, de hoofdstad van Zambia. “Dat voelde als 360 graden, full circle. Als kind zong ik wel al, maar mijn carrière als Sampa the Great begon pas echt overzees. Mijn vrienden hadden me nooit zien optreden, tot ik weer terug was. Daar stonden ze dan, op de eerste rij. Ze zongen mijn teksten mee en namen me heel serieus. Ik was heel zenuwachtig, maar het was fantastisch.”

Toch waren er ook gemengde gevoelens. “Sommigen van mijn vrienden vonden dat ik veranderd was. Ze zeiden dat mijn Bemba (de Bantoe-taal die ze spreekt met haar moeder, tz) zelfs anders klonk. Dat was vreemd. Ik ging anders naar mijn eigen muziek kijken. Ik wist wat diaspora betekende, maar ik had nooit gedacht dat dat ook mijn standpunt zou worden.”

Tembo trapt natuurlijk niet zomaar haar album af met ‘Mwana’, een song die deels in het Bemba wordt gezongen en waarop ze hiphop en r&b mixt met Afrikaanse invloeden. Op een tribaal ritme zingt haar zus Mwanje backings samen met het Sunburnt Soul Choir, terwijl ze zelf rapt over haar DNA: “Been searching for what’s inside of me / Physically displaced / And spiritually erased / Unceded space / This is a war about face / Physically sentenced us / Spiritual exodus.”

“‘Mwana’ betekent ‘kind’ in het Bemba. In die zoektocht naar jezelf, keer je automatisch terug naar het kind in jou dat er altijd zal zijn. Het DNA van je persoon, ook al denk je dat je niet goed genoeg bent om die persoon te zijn.” Meer dan een fysieke verplaatsing is The return het terugvinden van eigenwaarde en trots. “I guess I found my fortune / I don’t need home to feel important,” besluit Tembo dan ook in het liedje. “In mijn grote zoektocht naar een thuis, heb ik geleerd dat ik een veilige plek nodig heb waar ik mezelf kan zijn. En waar ik geen schild nodig heb om mijn menselijkheid te beschermen.”

En heeft ze haar ouders intussen al durven te vertellen dat ze muziek ziet als een carrière? “Natuurlijk. Mijn neefjes en nichtjes, die me overal zagen opduiken op het internet, konden dat natuurlijk niet verzwijgen. Ondertussen heb ik ook al bij Jools Holland opgetreden en zo. Ze zien wel in dat het misschien toch iets kan worden. (Lacht) En mijn moeder staat zelfs op het album.”

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.
Lees meer over
Lees ook

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?