Emile (86), rijdt al 800.000 km met zijn Citroën DS

© Marc Geysens

BDW maakte een ritje in een DS Special, bouwjaar 1972. Niet dat oldtimertoertjes bij onze leeftijd passen, maar deze berline heeft 843.029 kilometers op de teller. En zijn 86-jarige eigenaar, Emile Lelubre, blijft er sinds de aankoop mee rijden. Tot grote eer van de blitse verkoopgarage van toen: Citroën-IJzerplein. Geen wonder dat de expo ’60 Jaar Citroën DS’ dit Brussels prachtexemplaar naast de DS van president Charles de Gaulle schittert.

Emile Lelubre is een pittige grijsaard met vrouw en zoon, en nog een ‘godin’ in zijn garage: une Déesse full option, teinte Albatros. De Godin van de Weg, zoals het beroemde Citroënmodel in 1955 vriend en vijand verblufte, bleek echt een voiture om mee uit te pakken. “Mijn allereerste auto in 1955 was een Volkwagen Kever.

Negen jaar en dik 140.000 kilometer reed ik ermee,” begint Lelubre in zijn garage, van het huis dat hij – ook al in 1955 – bouwde. “In de grote toonzaal van de Belgische zetel Automobiles Citroën (1934) aan het IJzerplein nummer 7 zag ik ze staan, die prachtige DS-berlines. Ik kocht er een ID-19 (de vereenvoudigde versie van de DS, met ronde lichten, red.).” In blauwe overall laat hij de handgetypte factuur zien: Facture 604218, 31/5/1964, ID 19 Grand Luxe Super Comfort, couleur Blanc Carrare, 122.850 Belgische frank. Hij glundert. “Wit met een blauw dak was hij. In 1972 had mijn zoon (nu architect-op-rust) een auto nodig, en ik gaf hem deze. Ik kocht een nieuwe, een beige DS Special met verstralers die draaiden.” Ook die factuur (30 mei 1972) van de iconische Citroëngarage heeft hij nog: catalogusprijs 172.000 BF of anderhalf jaar loon voor een ongeschoolde arbeider.

“Ik moest tot juli wachten op de levering. En na 1.000 kilometer kreeg de auto een eerste nazicht.” Ook nu weer toont hij het bewijs: een groene Waarborgkaart 12/9/1972. “Boodschappen in de buurt doen we te voet. Maar alle weken of meerdere keren per week rijden we naar Bois-de-Lessines waar ik meeknutsel aan de passiefwoning van mijn zoon. Ik wacht dan tot de vroege namiddag om de Ring te nemen, anders zit die strop.”

235 millimeter
Hoe een ritje met een glimmende DS Grand Luxe Super Comfort aanvoelt, mogen we direct ondervinden. De man sleurt zijn garagepoort open. Op wollen slippers en in blauwe salopette wipt hij achter het stuur. “Je zal eens zien hoe rap we weg zijn, al is het niet evident uit deze garage te bollen sinds de straat vorig jaar eenrichtingsverkeer werd.”

Lelubre trekt de choke uit. Typisch aan de DS is dat het zelfdragend platformchassis voor het rijden hoger moet gezet worden, dat gebeurt met een hydraulisch systeem. Ik tel de seconden. De auto gaat eerst achteraan omhoog. Even geduld. Als hij ook vooraan hoog staat, zijn er veertig seconden voorbij. “Je ziet, het gaat snel.” Hij schakelt rechts aan het stuur.

We doen een toertje door de Jetselaan: de scherpe stoephoek aan de Heidekenstraat moet het bijna verduren. Op de Wereldtentoonstellingslaan houdt de DS goed links, alhoewel... Ik zie de middellijn onder mijn zetel passeren, enkele voorbijstekers (langs rechts) claxoneren. Of mensen niet staren en toeteren, vraag ik hem. “Valt goed mee, want ik houd me goed aan de snelheidsbeperkingen. Ze moeten niet te dicht aan mijn koffer hangen, want als ik rem duiken ze erin – zo kort remt dit model.

De DS ronkt wat vreemd. “Normaal, want dat is de pompe Innolite,” legt hij uit. “Sinds ik in de sixties achteraan zeeziek werd in een DS, heb ik me wijselijk uit het model gehouden.” Nochtans: perfect saloncomfort deze keer. “Als de hoogtebalans – er zijn drie standen – fijn afgesteld is op 235 millimeter niveauverschil, voel je achteraan niets dan zaligheid,” zo verheldert Lelubre de mechaniekervaring. De man is industrieel tekenaar van Arts & Métiers en heeft een leven lang apparaten getekend, van boilers, gas- en elektriteitstellers en pompen. Alle onderhoud doet hij zelf. “En kijk, ik ga naar de autocontrole en ze keuren één keer op twee mijn lichtstanden af. Ik doe er niets aan en ga dan terug: direct erdoor. Technische controle: c’est de la foutaise! Trouwens; auto-ongelukken zijn aan chauffeurs te wijten, niet aan mechanica.”

Tot het regent
Voor en na de rit laat Lelubre me al de onder- en achterkantjes zien. “De auto wassen doe ik nooit. Water is de grootste boosdoener van al het binnenwerk. Ik heb alle kieren en gaten wijselijk dichtgesoldeerd met platen. Zelfs in het gaatje voor de crique (bij autopech) geraakt water. Water dat blijft staan, doet roesten. Alle glimarmaturen zijn van geïnoxideerd staal en de lakverf is gepolijst met elektrolyse: geen probleem op dat vlak. Ik sluit de deur nooit volledig als de DS geparkeerd staat in de garage. Anders kreukt het rubbertje van het raam. Je moet de deuren van je auto nooit sluiten.”

En nooit wassen dus? “Als hij vuil is, wacht ik tot het regent. Ik rij er dan eens door, en dan droog ik de auto helemaal af met een doek. Dit model is onverslijtbaar, door de ophangingssystemen en het type roulementen.” Voor de duur van een oldtimerexpo, waaraan acht Belgische Citroënclubs deelnemen, leent Lelubre zijn DS uit. “De invoerder geeft me een vervangwagen; ik zal het verschil wel merken.”

Expo ‘60 Years Citroën DS’ van 1 juni tot 15 juli in Autoworld, Jubelpark, www. autoworld.be

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.
Lees meer over
Lees ook
BRUZZ Magazine
deze week
deze week
  • Les Nuits: Le Motel tend l'oreille à Veence Hanao 
  • Belgian Rules. De nationale hymne volgens Andrew James Van Ostade
  • Illa J: J Dilla's younger brother finds his own voice
  • Hier vind je BRUZZ in de stad
  • Archief
Neem een abonnement