25 jaar na Rwandese genocide: de strijd duurt voort

Aan het Ruanda House aan de Tervurenlaan vragen activisten elke dinsdag aandacht voor hun rechten, 25 jaar na Rwandese genocide .© Ivan Put

Wie zijn ze? Wat doen ze? Waar komen ze vandaan? Wie op de Tervurenlaan rijdt, heeft zich dat vast al afgevraagd, als op de zoveelste dinsdag op de middenberm een witte tent wordt neergepoot. Met slogans én tegenover de ambassade Ruanda House.

Er is altijd wel een passant die wuift of zijn duim opsteekt,” glundert mensenrechtenactivist Joseph Matata (70), die de sit-in opstartte in 2010. “Onze strijd gaat door, tot Rwanda echte democratie kent.” De Rwandezen in Brussel kunnen de langste vreedzame samenscholingsactie in Brussel op hun palmares schrijven. Eén dinsdag op de twee, tegen het middaguur, hangen ze spandoeken op de groene middenberm van de Tervurenlaan in Sint-Pieters-Woluwe. Met portretten van politieke gevangenen van het regime en slogans tegen de dictatuur in hun thuisland.

De locatie is goed gekozen, precies tegenover de ambassade van Rwanda in België. “Ze houden ons van binnen en vanaf het dak met verrekijkers in het oog,” lachen de deelnemers die zich engageren om de grote tent te monteren.

RWANDA 4 BRUZZ ACTUA 16xx
© Ivan Put

Al snel geholpen door nog meer vrijwilligers met stoelen, een picknicktafel, thermossen met koffie en koekjes. Ze wachten niet op Matata om in discussie te gaan, ze zijn diverse oppositiepartijen van het Rwandese regime genegen. Saïd is een van hen: “We worden allemaal als revisionisten bestempeld, gewoon omdat we oppositie voeren tegen president Kagame, nochtans een democratisch recht.”

Na 1994 klaagde Matata de moorden van de ‘Groupe de Sécurité de la Présidence de la République’ (GSPR) aan, waardoor hij vogelvrij werd verklaard. Nochtans werd hij voor 1994 als pacifist op handen gedragen om als Hutu de Tutsi-­minderheid te verdedigen. Nu de Hutu’s eerder door het regime worden onderdrukt, wordt elke reactie gestigmatiseerd. “We zijn het slachtoffer van discriminatie, en vinden geen werk,” horen we. “Rwandezen in België (zo een 25.000-tal) zijn nochtans vaak hoger geschoold.” Niet zelden moet een jurist tevreden zijn met een job als taxichauffeur.

RWANDA 2 BRUZZ ACTUA 16xx
© Ivan Put

Met een taxi brengen de actievoerders nog ander materiaal aan voor de zitactie, tot sandwiches toe. Het zeil met portretten van verdwenen en gevangen gezette opposanten, hangt te wapperen in de dreef. “Het steekt het Ruanda House de ogen uit dat we vrijelijk onze woede kunnen uiten,” zegt Saïd. “Wij zijn één grote familie, zelfs al vind je hier mensen van vijf oppositiepartijen. En met onze portaalsite zijn we met duizenden die werken aan een betere toekomst voor Rwanda. Want ooit keren we allemaal terug.”

RWANDA Matata 2 BRUZZ ACTUA 16xx

De volhouder wint

Vaak komen ze hier als studenten aan, leren hun vrouw kennen, krijgen kinderen, zoeken werk en kopen doorgaans ook een huis, want een Rwandees wil van niemand afhangen. “We hebben de mensenrechten aan onze zijde staan,“ stelt Eric. “Door onze actie komt stilaan het inzicht dat de volhouder ooit wint.

Nu nog wordt er elke dag iemand in Rwanda vermoord. Je kan er niet openlijk zomaar handel drijven. Zo mag er niets tweedehands verkocht worden. Vroeger werd de aardappelprijs vastgelegd, nu beslist de minister er elke maandag over, met als gevolg dat het moeilijk betaalbaar wordt voor gezinnen. Eerst aardappelen voor het leger, is immers de norm. Er wordt niet meer geïnvesteerd in het land.“ Moussa treedt de man bij, de hele groep beaamt het verhaal.

“De nieuwe Miss Rwanda werd zelfs als divisioniste bestempeld, omdat ze de ogen opende voor de media door haar etnisch bewustzijn. Zoiets kan niet voor president Kagame. Voor 1994 hadden we gratis medische zorg, en waren er federaties, zoals die van de vrachtwagenchauffeurs, die iedereen werk gunden. Dat is allemaal weg: het leger bestuurt. We zijn hier om het systeem te veranderen, want thuis luidt de slogan: ‘ferme ta bouche’.”

Matata heeft er alle hoop in dat het tij zal keren. “Er komen meer en meer Rwandezen naar België, ze ontvluchten de slavernij en zijn de oppositie genegen. De jonge generatie die je hier ziet, dat zijn leden van vijf politieke oppositiepartijen. Hun ouwe chefs (partijvoorzitters, red.) spreken niet met elkaar, integendeel. Ze spuwen op elkaar via het internet. Waar die chefs wonen - in Brussel, Zuid-Afrika of elders - doet er niet toe: ze komen niet met elkaar overeen. De Rwandese jongeren daarentegen leren met elkaar in debat te gaan. Resultaat, ze trekken samen op, komen solidair naar deze tent, jaar in, jaar uit. Ze bezoeken elkaar zelfs als ze ziek zijn. Zij vertegenwoordigen het echte Rwanda. Ze zetten samen deze tent op, brengen eten voor elkaar mee … Het zijn kameraden geworden dankzij de vorming in onze École de non-violence (School van Geweldloosheid).”

RWANDA 3 BRUZZ ACTUA 16xx
© Ivan Put
| "Het steekt het Ruanda House de ogen uit dat we vrijelijk onze woede kunnen uiten," zegt Saïd.

Schaduwkabinet

Die School van Geweldloosheid heeft Matata in de tent uitgewerkt met zijn ‘Centre de Lutte contre l’Impunité et l’Injustice au Rwanda’ (CLIIR), een soort schaduwkabinet. Hij vulgariseerde teksten (over gezag, macht, onderdanigheid, politie ...) uit de Dictionnaire de la Non-Violence van Jean-Marie Muller en laat ze uitleggen door een jonge man, in de taal van de jeugd. De man wordt intussen al de Matata Junior genoemd.

Matata: “Deze École de non-violence leert hen vreedzaam hun lot in eigen handen te nemen, in debat met opposanten van andere strekkingen. Ongeacht hun politieke of religieuze voorkeur, ongeacht hun etnische afkomst en engagement. Het politieke debat is een vorm van respect voor elkaar, hoe tegenstrijdig de opinies en doelen ook zijn. Vandaar dat deze actie geëvolueerd is van oudere protestvoerders van het eerste uur naar jongeren en vrouwen die voor hun mening voor een vrij en democratisch Rwanda willen strijden.“

Aan het Ruanda House aan de Tervurenlaanctivisten vragen activisten aandacht voor hun rechten, 25 jaar na Rwandese genocide
© Jean-Marie Binst
| Aan het Ruanda House aan de Tervurenlaanctivisten vragen activisten aandacht voor hun rechten, 25 jaar na Rwandese genocide.

Matata creëerde door de jaren heen een geest van solidariteit en broederschap bij de jonge generatie. “De jeugd heeft deze filosofie goed begrepen, maar hun oude leiders van de oppositiepartijen nog lang niet,” stelt Matata. “Ze blijven vasthangen aan het debiele conflict van vroeger, door hoogmoed.”

Twee vrouwen komen na een uur met een gasvuurtje aansloffen, de tent warmt nog meer op. Kleine discussies laaien op, als in een café met vertrouwde stamgasten. Matata blijft kalm. “Het vertrouwen in de toekomst is groot. Zoals alle dictatoriale regimes is ook dat in Rwanda vergankelijk en zal het zichzelf vernietigen. Omdat het gebaseerd is op negativisme, op vernieling en dood. Het regime zaait terreur, en teert op aanhoudingen en verdwijningen. Zaken die een normale mens met een gezonde geest niet drijven. Dus zal het regime zichzelf doden. Ondertussen moeten de jongeren - politiek - klaar staan om de relève aan te kunnen, zonder elkaar naar de keel te grijpen. Vandaar onze school in Brussel.”

“De oudere generatie heeft rekeningen te vereffenen onder elkaar, de jongeren niet. De jeugd is de nieuwe leiding van het land. Het zijn kiemen van solidariteit die we hier gezaaid hebben. Gelukkig worden de nieuwe pacifisten zo talrijk dat het niet meer mogelijk is om hun woord en strijd te vernietigen, of hen in de gevangenis te gooien. Je kan dit niet stoppen. Het is als een peuter die je op je knieën zet. Je zal het kind nooit kunnen tegenhouden om te lopen.”

6 april is de herdenking van de genocide in Rwanda. Intussen is het al 25 jaar geleden dat de ethnische slachtpartijen hebben plaatsgevonden. Bekijk hier onze videoreportage.

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

Nieuws uit Brussel in je mailbox?