proces aanslagen

Farisi neemt voor het eerst het woord: 'Het gaat niet. Ik heb agorafobie'

© Belgaimage
| Het assisenproces van de aanslagen in Brussel op 22 maart 2016 in metrostation Maalbeek en Brussels Airport.
Updated: 12-01-2023 - 14:21

Op het proces over de aanslagen van 22 maart 2016 zal vandaag het telefonieonderzoek na de dubbele explosie in Zaventem uit de doeken worden gedaan. Daarna zal het luik Max Roosstraat worden aangesneden. Ook beschuldigde Salah Abdeslam kwam 's ochtends opnieuw opdagen in de glazen box.

16.15: Tweede pc die gevonden werd in Max Roosstraat verbrand, tablet geformatteerd

De lokale politie van zone Montgomery meldde op 22 maart 2016 aan de federale gerechtelijke politie van Brussel dat vuilophalers in Schaarbeek die ochtend informaticamateriaal hadden gevonden: een pc, een gsm en twee simkaarten. Volgens hun verklaringen hadden ze die dag het gewone huisvuil opgehaald in de Max Roosstraat. Het papier, en dus ook de dozen van Brabantia-vuilnisbakken die opgemerkt werden door een alerte politieman, werd die dag niet opgehaald en lieten ze dus staan.

De vuilnismannen hadden het informaticamateriaal meegenomen in een witte huisvuilvak 's ochtends op hun ronde. Maar toen ze om 11 uur een grote politieaanwezigheid zagen in de straat, bekeken ze de inhoud, die jihadistische materiaal bevatte, en legden ze de link met de terroristische aanslagen. De eerste patrouille die ze tegenkwamen, de hondenbrigade van politiezone Montgomery, spraken ze aan.

De vuilophalers die de ochtend van 22 maart 2016 hun ronde deden in de Max Roosstraat in Schaarbeek hebben de politie een laptop overhandigd die een schat aan informatie bleek te bevatten. Maar er was ook een tablet, waarvan de inhoud geformatteerd werd, en een tweede computer met ontbrekende toetsen, die uiteindelijk in de afvaloven belandde.

Beschuldigde Mohamed Abrini zou in zijn verklaringen zeggen dat er inderdaad twee computers waren en dat hij de computer van IBM zou gebruikt hebben. Ook ontbrak een tablet van het merk Samsung die de vuilophalers hadden gevonden. Een medewerker nam die mee naar huis voor privégebruik, klonk het. De man zou die meegenomen hebben naar Polen en daar verkocht hebben. Ook die was "niet recupereerbaar", zei politiecommissaris Kris Meert, de hoofdonderzoeker van het onderzoek naar de aanslagen in Brussels Airport.

Een opvallend moment op de zitting donderdagnamiddag was toen beschuldigde Salah Abdeslam zachtjes sarcastisch in zijn handen begon te klappen na een tussenkomst van onderzoeksrechter Sophie Grégoire. Die was ingegaan op een sms met daarin enkel de boodschap "Hamza?" die werd gevonden via de aangetroffen gsm van het merk Zizo.

Grégoire voerde aan dat de gsm wellicht werd gebruikt door de bewoners van de Max Roosstraat om contact te zoeken met hun kompanen uit de Driesstraat in Vorst, na de politie-inval op 15 maart 2016. 'Hamza' is de bijnaam van Sofien Ayari, die die dag samen met Salah Abdeslam op de vlucht sloeg. De sms werd gestuurd naar een gsm die gevonden werd op de vluchtroute van Abdeslam en Ayari in Vorst. Ook werd er drie keer gebeld met de Zizo-gsm naar het nummer van 'Hamza'.

14.09: Twee terreurcommando's probeerden elkaar ochtend van aanslagen vergeefs te contacteren

De ochtend van de aanslagen in Brussels Airport en metrostation Maalbeek hebben de twee commando's met elkaar contact gezocht, maar dat is niet gelukt. Dat is een van de bevindingen uit het telefonieonderzoek dat donderdag werd voorgesteld op het assisenproces.

Hoofdonderzoeker Kris Meert stelde het uitgebreide telefonieonderzoek voor dat opgestart werd na de aanslag in Brussels Airport. In eerste instantie ging het daarbij over het nummer waarmee de daders de ochtend van de aanslagen de taxichauffeur belden. Naast één contact met de taxichauffeur bleek dat er nog drie uitgaande oproepen waren die opgepikt werden in Zaventem, om 7.31 uur, 7.35 uur en 7.49 uur, dus kort voor de aanslagen.

Verder onderzoek wees uit dat na de aanslag, teruggebeld werd, maar de gsm in Zaventem was op dat moment niet meer actief. De groepen 'Zaventem' en 'Maalbeek' wilden contact opnemen met elkaar, zo vatte onderzoeksrechter Berta Bernardo-Mendez het samen. "Maar dat is dus niet gelukt."

Commissaris Meert schetste op het einde van de hele uiteenzetting enkele patronen die uit het telefonieonderzoek naar voren kwamen. Zo gebruikten de terroristen wegwerpbare gsm's, met meerdere tegelijk aangekocht. Ze deden ook telkens beroep op prepaid-kaarten. Verder viel op dat de nummers telkens één specifiek doel hadden of gericht waren op één contact.

De gsm's die in de loop van het onderzoek geïdentificeerd werden konden - op één na - niet gevonden worden.

Ook is het zo dat slechts twee van de drie telefoonnummers geïdentificeerd werden die, volgens de verklaringen van Mohamed Abrini, de terroristen in Zaventem gebruikten om de aanslagen op elkaar af te stemmen. "Ofwel omdat die niet geactiveerd werd, ofwel omdat we ze niet gevonden hebben", zei Meert.

11.58: Speurders reconstrueren parcours 'man met het hoedje' via camerabeelden

De politie heeft het parcours van Mohamed Abrini, eerst alleen bekend als de 'man met het hoedje' na de aanslag in de luchthaven van Zaventem kunnen reconstrueren via een analyse van camerabeelden. Dat was een enorm werk, dat dagen heeft geduurd, legt hoofdonderzoeker Kris Meert donderdagochtend uit.

Op de camerabeelden van de luchthaven was te zien hoe de 'man met het hoedje' na de tweede ontploffing om 7.59 uur de luchthaven verliet, hoe hij vervolgens langs het Sheraton-hotel wandelt naar de parking, om om 8.04 uur, zes minuten na de ontploffingen, het terrein van de luchthaven te verlaten. Om 8.11 uur ging hij via een rondpunt richting het centrum van Zaventem, waar hij om 8.13 uur voor het laatst op de camera's gezien werd.

Later kregen de speurders de man weer in het vizier door een getuige die hem had gezien bij een bandencentrale op de Leuvensesteenweg in Zaventem. Die had geen camera, maar de Land Rover-garage aan de overkant wel, waardoor te zien is hoe hij om 8.49 uur richting Brussel wandelt. Zijn parcours kan dan verder gevolgd worden via camera's van onder meer Quick en BNP Paribas Fortis. Zo is te zien hoe hij het Meiserplein oversteekt, waarna hij om 9.50 uur voor het laatst gezien wordt aan het kruispunt van de Brabançonnelaan en de Notelaarsstraat.

Op 7 april werd een nieuw opsporingsbericht verspreid via de media, met de vraag om informatie over het traject van de man en de locatie van zijn witte jas. Dat leverde niets op, maar via de analyse van de videobeelden in de buurt konden de speurders de man dan toch lokaliseren in Sint-Joost-ten-Node om 10.01 uur. Het allerlaatste beeld is er een op de Kruidtuinlaan richting het Rogierplein, om 10.15 uur.

Zoals woensdag al werd uitgelegd door onderzoeksrechter Patrick De Coster, was op de beelden te zien hoe de man aan het telefoneren was. Op basis van die beelden werd een telefonieonderzoek uitgevoerd. Abrini zei later tijdens een verhoor dat hij maar alsof deed dat hij aan het bellen was, waardoor uit het telefonieonderzoek van hem geen nummer kon ontdekt worden.

Abrini werd uiteindelijk op 29 maart geïdentificeerd als de 'man met het hoedje' en op 8 april opgepakt.

10.16: Smail Farisi neemt voor het eerst het woord: "Ik was nooit een terrorist. Ik ben biseksueel"

Smail Farisi, de oudste van de broers-Farisi, heeft donderdagochtend voor het eerst het woord genomen. Hij wil naar eigen zeggen de misverstanden over hem uit de wereld helpen, maar het duurt hem te lang voor hij voor de jury zijn verhaal kan doen. "Het gaat niet. Ik heb agorafobie", zegt Farisi sniffend. "Ik moet 's ochtends twee pintjes drinken om tot hier te kunnen komen." Uiteindelijk hebben beide broers de assisenzaal verlaten, maar na de pauze zijn ze weer opgedoken.

"Weet u wat het van mij vraagt om tot hier te komen?" Hij gaf aan vast te zitten tussen zijn verlangen om aan te tonen dat hij geen terrorist is enerzijds, en zijn angsten om zijn veilige omgeving te verlaten anderzijds. "Ik heb de keuze tussen de pest en de cholera", zei Farisi. "De misverstanden zullen opgeheven worden. Ik was nooit een terrorist. Ik ben biseksueel, dus dat is onmogelijk", vervolgde Farisi zijn warrige betoog. "Ik ga vertrekken, mevrouw. Ik wil het niet meer", zei hij uiteindelijk.

Massart trachtte duidelijk te maken dat het voor een beschuldigde verplicht is aanwezig te zijn op zijn assisenproces en dat het ook in zijn voordeel is om zich te kunnen verantwoorden, ook al is Farisi op vrije voeten. "U heeft geen keuze, het proces gaat door, meneer", probeerde de voorzitter.

"Ik ben nooit terrorist geweest, nooit van mijn leven. Ik heb nooit iemand willen doden", benadrukte Farisi nogmaals. Massart riep de hulp van het Rode Kruis in om Farisi bijstand te bieden, maar dat mocht niet baten. Toen de zitting na een korte pauze om 10.45 uur weer hervat werd, dook hij weer op en nam hij opnieuw plaats.

Eerder had Ibrahim Farisi, de jongste van de broers-Farisi, de discussie onderbroken. Hij bleek een afspraak te hebben met de sociaal assistent van het OCMW en wenste ook te vertrekken. Uiteindelijk werd hem dat toegelaten. "Ga maar naar uw afspraak, want het is belangrijk dat u geïntegreerd blijft in de maatschappij. Uw advocaat zal u vertegenwoordigen", zei Massart. Ook hij verscheen later weer op het appel, omstreeks 12.15 uur nam hij opnieuw plaats in de assisenzaal.

10.00: Alle zeven beschuldigden arriveren in beschuldigdenbox

Alle zeven beschuldigden zijn donderdag aangekomen bij de start van de zitting van het assisenproces over de aanslagen van 22 maart 2016. Ook beschuldigde Salah Abdeslam kwam 's ochtends aan in de glazen box voor de beschuldigden.

Abdeslam was van maandag tot woensdag nog afwezig, met een medisch attest. De andere zes beschuldigden kwamen de voorbije dagen 's ochtends wel aan in de box, al verlieten sommigen van hen bij de start van de zitting de zaal.

Zes van de zeven beschuldigden bleven donderdag in de box zitten. Osama Krayem verliet de box, zoals hij dat al het hele proces doet. De voorzitter vroeg hem waarom hij het cellencomplex verkiest boven zijn eigen proces, waarop Krayem antwoordde dat hij niets te zeggen heeft. Op vraag van de advocaten van de verdediging bevestigden vijf van de beschuldigden eerst wel nog dat de politie hen naakt gefouilleerd had, en dat ze daarbij door de knieën hadden moeten gaan.

06.30: Telefonieonderzoek en onderzoek Max Roosstraat donderdag op het menu

Sinds dinsdagnamiddag zijn de onderzoeksrechters - mits een korte onderbreking door een getuigenis van een brandweer - gestart met het tweede luik van hun presentatie. Daarbij gaat het om de eerste onderzoeksdaden na de aanslag in Zaventem. Woensdag werd ingegaan op de getuigenis van de taxichauffeur die de speurders op de hoogte bracht van het schuiladres in de Max Roosstraat en een analyse van de videobeelden vanop de luchthaven.

Vandaag zal hoofdonderzoeker Kris Meert de presentatie verderzetten met tachtig slides over het telefonieonderzoek. Daarna zal het safehouse in de Max Roosstraat uitgebreid belicht worden. De onderzoeksrechters zullen onder meer het buurtonderzoek ter sprake brengen, maar ook de vuilnismannen die de laptop - die een goudmijn voor de onderzoekers bleek - vonden en de interventies van de speciale eenheden en de ontmijners van DOVO zullen ter sprake komen.

Aanslagen Brussel

Op de luchthaven van Zaventem ontploften op 22 maart 2016 twee bommen. Ook in metrostation Maalbeek was er een explosie. Op 12 september ging het proces, dat 9 maanden zal duren, van start in Brussel.
Meer nieuws uit Brussel

Nieuws en cultuur uit Brussel in je mailbox?