In de studio van David Poltrock

© Heleen Rodiers

David Poltrock was jarenlang schaduwman par excellence van onder meer Hooverphonic, Triggerfinger en De Mens. Met zijn trilogie Mutes, Moods en Machines zet de Brusselse toetsenist eindelijk zichzelf in de picture.

Welkom in het Poltrock Palladium,” zegt David Poltrock wanneer de deur van zijn rijhuis in Schaarbeek openzwaait. In de Wunderkammer onderin zijn woning buitel je over modulaire synths, piano’s, keyboards en tapemachines. “En dit is nog maar een deel. Mijn instrumenten staan overal verspreid, in de living, op zolder en in andere studio’s.” Een verzamelaar wil Poltrock zich wel niet noemen. “Ik denk dan aan iemand die iets koopt en het in een hoekje stof laat vergaren. Maar bij mij wordt alles intensief gebruikt.” Zijn pièce de résistance is een mellotron waar er wereldwijd maar een paar van bestaan. Ook de Minimoog uit 1974, Poltrocks geboortejaar, is een parel. “De eerste synth waar muzikanten ook daadwerkelijk mee overweg konden.” Poltrock belandde in 1992 in Brussel voor een opleiding als tolk Duits en Engels. “Ik denk dat ik de enige student uit Poperinge was die die sprong waagde,” lacht hij. Zijn ouders vonden dat hij eerst iets ‘serieus’ moest studeren, daarna mocht hij iets met muziek doen. “Ik schreef mijn thesis dan maar over Radio inferno, een bewerking van Dantes La divina commedia door FM Einheit, de drummer van Einstürzende Neubauten. Met veel plezier aan gewerkt, véél te weinig punten voor gekregen.” (Lacht)

1635 David Poltrock4
© Heleen Rodiers

COLOSSUS
Poltrock speelde toen al in rockbandjes. Onder meer in The Boondocks, waar Tröckener Kecks-frontman Rick de Leeuw twee platen voor producete. “Nederlandstalige rock was toen hot, De Kreuners werden zelfs op StuBru gedraaid,” lacht hij. Eind jaren 1990 zag Poltrock zich ingelijfd bij Hooverphonic. Vandaar ging het snel naar Monza, De Mens en Triggerfinger. Ondertussen testte hij zijn kunde als producer en arrangeur, werd hij docent aan de PXL hogeschool in Hasselt en hulpcoach in The voice. Fijn, maar zijn eigen werk dan? “Halverwege de jaren 2000 heb ik het geprobeerd met Savalas, maar dat is nooit ontploft. Wellicht ook door mezelf. Muziek maken is leuk, en optreden ook, maar iets uitbrengen en dat ‘verkopen’ is niets voor mij.” “Ik heb de voorbije vijftien jaar nooit iets tegen mijn zin gedaan,” vertelt Poltrock. “Maar ik kon ook nooit nee zeggen. Dit jaar had ik plots geen tournees. Ik heb dan ineens ook maar alle producties geweerd. Om te kunnen creëren moet je een plaats in je hoofd hebben.” Hij bundelde wat hij de laatste vijf jaar had gemaakt en bouwde daarop verder. Dat leverde niet één, maar drie albums op: Mutes, Moods en Machines, een trilogie die hij uitbrengt onder de naam Poltrock. De eerste plaat bestaat uit verstilde pianocomposities, op de tweede komen daar cinematografische soundscapes bij en op deel drie, dat deze week verschijnt, verhakkelt hij zijn instrumenten met (industriële) elektronica. “Machines heb ik als eerste ingeblikt. Ik experimenteerde met elektronica en wilde de piano toen absoluut vermijden. Maar uiteindelijk klonk dat te veel als verwaterde Aphex Twin. Omdat ik er meer eigen smoel in wilde, ben ik toch teruggekeerd naar de piano. Toen kwam alles samen.”

1635 David Poltrock3 kl
© Heleen Rodiers

Mutes blikte Poltrock als laatste in, een kluit pianokleinoodjes die goed gedijen in de huidige hausse van verstilde pianomuziek à la Joep Beving. “Zolang je me maar niet vergelijkt met de Max Richters van deze wereld. Dat is pure boerenvang.” (Lacht)

De gedempte sound verkreeg Poltrock door zijn pianosnaren te bedekken met vilt. “Ik werk wel meer met prepared piano. Dan weef ik er behangpapier tussen, of steek ik er bouten in.” Geheel volgens de grote John Cage? “Ja. Maar iemand als Hauschka is daar ook goed in. Nu, voor mij is dat een extra kleur, niet de pure essentie.” Kleuren met klank doet Poltrock anders graag. Onlangs vertimmerde hij met veel bravoure het liedje ‘Colossus’ van Triggerfinger. “Ik was naar de (Australische soundbricoleur) Ben Frost gaan kijken, hij werkt veel met ruis en zware industriële klanken. Met dat vocabularium ben ik aan de slag gegaan. De jongens herkenden hun eigen song niet meer.” (Lacht) Het is opvallend in hoeveel werelden Poltrock gedijt. De ene dag zoekt hij met het avant-gardecollectief Razen naar frequenties die nog niet zijn ontdekt, de volgende maakt hij muziek bij De Fabeltjeskrant of coacht hij would-be-popsterren in The voice. “Die afwisseling is boeiend. In de Lotto Arena spelen is pas fijn als je ook eens in Les Ateliers Claus kan staan.”

> Poltrock.
Albums:
‘Mutes’ en ‘Moods’ zijn nu uit, ‘Machines’ verschijnt op 26 oktober (Poltrock Music)
Live: 23/11, 19.30, CC Strombeek, www.ccstrombeek.be 30/11, 20.00, Volta, www.voltabxl.com

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.
Lees meer over

Nieuws uit Brussel in je mailbox?