Gedichtendag: Geert Buelens heeft veelkleurig palet

© Merlijn Doomernik

Hij is aan zijn derde dichtbundel toe. Geert Buelens zoekt in Thuis zijn plaats in de wereld. Van Stellenbosch tot Berlijn. Tussen teddyberen, tatoeages, tuinkabouters en ziekenhuisbedden. En veel meer.

G eert Buelens (°1971) is hoogleraar moderne Nederlandse literatuur aan de universiteit van Utrecht. Hij geniet onder andere bekendheid als opiniemaker van De Standaard. Buelens is ook een begenadigd dichter. En dat is toch een zeldzame combinatie. Buelens’ gedichten zijn intelligent, maar nooit cerebraal. Ze zijn bijwijlen speels, maar verliezen hun inhoud en hun gelaagdheid niet. En af en toe grijpen ze naar de keel, zoals het gedicht Ziekenhuisbed.

Het gedicht Grootstad dat u hiernaast kan lezen kan op iedere grote stad slaan, al komt er in Nederland – waar Buelens sinds negen jaar woont – maar één stad in aanmerking: Buelens: “Rotterdam is de enige stad waar je het gevoel hebt in een metropool te leven en niet in een groot uitgevallen dorp zoals Utrecht. De enige stad die vergelijkbaar is met Brussel.” Met die grootstedelijke mentaliteit mocht Buelens een paar jaar geleden kennismaken: “Op een ochtend stapte ik mijn hotelletje in de buurt van de KVS uit, werd ik daar in het Frans uitgescholden door een paar jongetjes. Zeer onaangenaam. Niet direct een viering van het samenleven.” De eerste versregels zijn voor heel wat Brusselaars heel herkenbaar: Beginnen we dag als hoerenzoon / invectieven uit een kindermond / zo fris.

Hoe onaangenaam ook, het voorval raakt Buelens ook niet buitengewoon. Het was ‘maar’ verbaal. Buelens: “Het is een kleine anekdote in de orde van incidenten die de jongste tijd uitvergroot zijn tot dé grootstadsproblematiek. Ik volg de Brusselse actualiteit van op afstand, maar nauwgezet. We moeten er ons voor hoeden persoonlijke ervaringen niet te extrapoleren.”

Toch prijkt Brussel – samen met Berlijn – nog altijd bovenaan het lijstje met lievelingssteden. Buelens: “Een aantal van mijn beste vrienden wonen in Brussel, ik heb er destijds ook vaak gelogeerd. Iedere keer ik naar Brussel ga, is het feest. Ik ontmoet er ook altijd nieuwe mensen.” En nog: “Ik vind de houding van Vlaanderen tegenover Brussel weinig productief, waarmee ik niet gezegd wil hebben dat de samenlevingsproblemen in Brussel aan Vlaanderen te wijten zijn. Op het bestuur in Brussel valt ook wel een en ander af te dingen.”

Rome
Het gros van de gedichten werd geschreven tussen de zomer van 2004 en het najaar 2013, een tijdspanne van tien jaar. Dat ze nu pas uitgegeven worden heeft zo zijn redenen: “Het heeft wat geduurd voor ik vond dat ze een geheel vormden. Het eerste gedicht is geschreven in Rome, de volgende op andere plekken. Ik heb nadien twee keer een half jaar in de States gewoond, en ik verblijf regelmatig in Berlijn en in Zuid-Afrika (Buelens is gastprofessor aan de universiteit van Stellenbosch, dv).”

Poëzie is volgens Buelens muzikaliteit en beelden omzetten in taal. En hij bewijst dat dit vele kanten uit kan. Een paar voorbeelden:

Kansas verlaat niemand ongestraft
maar wat met Kontich, Duffel, Oude God
...
Bibliotheken om voor te sterven
om in uit te gaan
als een kaars

Het gedicht heet Dorothy (Ontworteling). Worden er in opgevoerd: hangjongeren, ADHD-bejaarden en bedompte cultuurdragers.
Dat Duffel er in voorkomt, is geen toeval. Buelens woont in Utrecht, maar is van Duffel afkomstig. De bundel is bestemd voor het hele Nederlandse taalgebied. Dat Vlaanderen en Nederland ver uit elkaar liggen, wordt duidelijk in bijvoorbeeld het gedicht Schuurtje (Koterij). Wat bij de krapwonende noorderburen schuurtje heet, zijn in Vlaanderen gewoon koterijen. De tweede strofe van Schuurtje (Koterij) klinkt benauwend:

Ziehier het microkrediet van de eerste wereld
waarom recycleren als je ook kunt stockeren

Terwijl de vierde strofe geruststellend-deprimerend :

Thuis is waar de boel is
gebleven als voorheen

En om het af te leren, een brok puur taalplezier. Het gedicht heet Op de bank (Vastenavondblues):

rommelen
rommelen
in de pot

waar is classified
waar is zot

Buelens’ woordenschat is van een benijdenswaardige rijkdom, op zijn beeldend vermogen lijkt geen rem te staan, zijn muzikaliteit roept extreme stemmingen en alles wat er tussenin ligt op. En toch stelt hij zich maar één vraag: Wat is thuis? Waar gaat dit over? Gaat dit over een gemeenschappelijke taal of gaat dit ook over andere dingen?

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

 

 

Lees meer over
Lees ook
BRUZZ Magazine
deze week
  • Philippe Close (PS): 'De stad mag een beetje punk zijn'
  • RWDM vs Union: de terugkeer van de Zwanzederby
  • 'Drugsbeleid in Brussel lijkt te escaleren'
  • Hier vind je BRUZZ in de stad
  • Archief
deze week
  • Quatre Bruxelloises réécrivent l'histoire du hip-hop
  • Het creatieve label achter Stromae blaast tien kaarsen uit
  • The late drawings of artist Philippe Vandenberg at Bozar
  • BRUZZ in the city
  • Archief
Neem een abonnement