Voor en Tegen: moeten laatkomers tot de speeltijd wegblijven uit de klas?

© Imagedesk Wouter Van Vooren

Leerlingen die te laat komen zijn in veel Brusselse scholen een groot probleem. Helpt het om hen uit te sluiten tot de speeltijd of de middagpauze, zoals de Franstalige lagere scholen van de gemeente Vorst sinds september doen?

VOOR
“Het is een drastische maatregel, dat besef ik, maar hij heeft de toestand enorm verbeterd." - Françoise Père (PS), schepen van Franstalig onderwijs in Vorst

francoise pere BRUZZ 1548
De Raad van State heeft woensdag geoordeeld dat een Franstalige lagere school in Vorst herhaaldelijke laatkomers enkele lesuren mag uitsluiten. “Leerlingen die voor de tweede en derde keer ongewettigd te laat komen, mogen sinds september pas na de ochtendspeeltijd de les bijwonen,” legt Françoise Père (PS) uit. Zij is schepen voor het Franstalige basisonderwijs in Vorst.

“Tot die tijd vangt de directeur of een toezichter hen op. Zijn ze voor een vierde keer te laat, dan moet de ouder het kind meenemen en mogen ze pas terugkomen na de middag. Ook in Schaarbeek bestaat de regel al.”

“Het nieuwe schoolreglement kwam er op vraag van de schooldirecteurs, die het beu waren dat zoveel kinderen bijna elke dag te laat waren,” benadrukt Père. “In de school op de Zevenbunderslaan, op de grens met Ukkel, waren vorig jaar elke dag 150 van de 420 leerlingen te laat. Ook in de andere gemeentescholen druppelden veel kinderen pas binnen in het kwartier na de bel.”

“Dat werd een groot probleem toen het OCAD vorig jaar tijdens de lockdown veiligheidsmaatregelen oplegde. Onze scholen moesten, als de les begint om 8.30 uur, stipt de deuren sluiten. Die maatregelen gelden nu nog altijd. De directeurs hebben toen uitgebreid gepraat met laatkomende ouders, maar niets hielp. Daarom vroegen ze mij om een gemeentelijk reglement. De directies werkten dat uit, samen met de pedagogische coördinatrice van de gemeente. We hebben overlegd met de ouderverenigingen. Die gaan akkoord met het principe dat het belangrijk is op tijd te komen, maar konden zelf geen oplossingen bedenken.”

“Het is een drastische maatregel, dat besef ik, maar hij heeft de toestand enorm verbeterd. Van de 420 leerlingen op de Zevenbunderslaan zijn er dit jaar nog maar twee of drie te laat geweest, en telkens maar één keer. Een ouderpaar is samen met een paar mensenrechtenverenigingen naar de Raad van State gestapt, omdat ze vinden dat het kind op deze manier moet boeten voor de tekortkomingen van de ouders. Wij zijn het niet eens met die interpretatie en vinden het een voorspelbare sanctie. De ouders weten wat er gebeurt als het kind te laat komt.”

Over twee maanden plant Père een eerste grondige evaluatie van het nieuwe gemeentelijke schoolreglement. “Ik zal de regel rond laatkomers zeker niet afschaffen nu hij vruchten afwerpt. Maar verbeteren kan altijd.”

VOOR
“Ik zou in eerste instantie kiezen voor een spaarkaartsysteem. Elke keer als een kind goed op tijd is, krijgt het een sterretje op zijn of haar spaarkaart." - Pedro De Bruyckere, pedagoog

Pedro De Bruyckere, pedagoog en onderzoeker aan de Arteveldehogeschool in Gent, heeft wel begrip voor de frustratie van de directeurs in Vorst. “Veel gestoord worden in de les kan het leren van de kinderen die op tijd waren, negatief beïnvloeden. Leerlingen met een zwakkere achtergrond kunnen zich minder goed concentreren als de deur voortdurend weer opengaat, waardoor ze minder opsteken in de les.”

“Maar de Vorstse oplossing is een beetje kiezen tussen twee kwaden: ofwel worden de andere kinderen gestoord en leren die minder, ofwel wordt de laatkomer bestraft en kan die minder leerstof meepikken.”

“Ik zou zelf in eerste instantie kiezen voor een spaarkaartsysteem. Elke keer als een kind goed op tijd is, krijgt het een sterretje op zijn of haar spaarkaart. Als de kaart aan het einde van de week vol is, krijgen de kinderen een beloning: bijvoorbeeld een voorleesverhaal van de leerkracht.”

“Dat heeft twee voordelen: ten eerste leg je als school de nadruk op het positieve. Ten tweede is het minder dwingend. Het werkt via het kind, dat zelf op tijd zal willen zijn.”

“Natuurlijk moet je het gesprek ook aangaan met de ouders. De gevolgen voor de rest van de klas moet je daarbij in de verf zetten. Al weet ik dat die ouders niet altijd makkelijk bereikbaar zijn: gemakkelijke oplossingen zijn er niet voor dit probleem.”

De Bruyckere denkt nog aan ‘nudging’: een tactiek uit de gedragseconomie die binnenkort ook toegepast zal worden op onze belastingbrief. “Dan vermeld je in je communicatie met de ouders – via affiches aan de schoolpoort, briefjes in de agenda of e-mails – dat bijvoorbeeld 95 procent van de ouders altijd op tijd is. Zonder de laatkomers te vermelden. Ouders die te laat komen, zien zo dat ze ‘buiten de norm’ vallen, en dat werkt bij mensen altijd.”

“Al mijn voorstellen leggen de nadruk op het positieve, en op communicatie: blijven praten met de ouders.”

“Schooldirecties moeten ook bekijken waarom ouders te laat komen. In een paar landen woedt de discussie al of de schooltijden wel praktisch haalbaar zijn om op tijd te komen. Als de schooldag bijvoorbeeld met een half uur verlaat zou worden, staan ouders mogelijk minder lang in de file en zullen de kinderen beter uitgerust zijn.”

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.
Lees meer over
Lees ook

'Cultuursector is geen rechtsvrije ruimte'

opinie 1518599700

Nieuws uit Brussel in je mailbox?

Lees ook