Brussel is regio met de grootste kabinetten

© Kabinet Cécile Jodogne

Op de kabinetten van de acht Brusselse ministers en staatssecretarissen werken in totaal 357 medewerkers, oftewel gemiddeld 45 per kabinet. Dat zijn er fors meer dan in Vlaanderen, waar de negen ministers samen 258 cabinetards tellen. Dat schrijft Het Nieuwsblad zaterdag.

Officieel mag de Brusselse minister-president maximaal 82 medewerkers werven, de andere ministers en staatssecretarissen 63. Met de in totaal 357 medewerkers, of gemiddeld 45 per kabinet, zit de Brusselse regering dus nog lang niet aan haar plafond. En daar knelt het schoentje. "Momenteel heerst nog het idee dat je medewerkers aanwerft als je die toch ter beschikking krijgt", zegt een adviseur aan de krant. "Dat is historisch zo gegroeid."

Ter vergelijking: in Vlaanderen zijn deze maxima sinds 2009 vastgelegd op 41 medewerkers voor de minister-president en de viceminister-presidenten, en op 24 medewerkers voor de andere ministers. Ook Wallonië doet het met minder. Een dergelijke snoeibeurt heeft de Brusselse regering vooralsnog niet doorgevoerd.

Plaats voor rationalisering
Wel is het zo dat elk Brussels regeringslid naast zijn gewestelijke bevoegdheden ook nog een aantal gemeenschapsmateries in de Franse of Vlaamse Gemeenschapscommissie heeft. Bovendien zijn er in Brussel geen viceminister-presidenten, waardoor elke minister op zijn eigen kabinet ook nog eens alle bevoegdheden van de andere ministers opvolgt. Toch gaat dit in totaal maar over een beperkt aantal extra medewerkers, zo wijzen de lijsten met medewerkers aan die online raadpleegbaar zijn.

Daarom rijst de vraag of deze specifieke context voor bepaalde functies niet tot minder medewerkers kan leiden. Volgens staatssecretaris voor Gelijke Kansen en Digitalisering Bianca Debaets (CD&V) kan er zeker gerationaliseerd worden. "Maar dan moeten we dat samen afspreken", zegt ze aan Het Nieuwsblad.

 

Lees meer over

Nieuws uit Brussel in je mailbox?

Lees ook